Parallelle DBC's (N1805): verschil tussen versies

Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Rvilsteren (overleg | bijdragen)
Geen bewerkingssamenvatting
Rvilsteren (overleg | bijdragen)
Geen bewerkingssamenvatting
Regel 46: Regel 46:
*Het moet te verantwoorden zijn dat tegelijkertijd substantieel verschillende behandeling moet worden ingezet.
*Het moet te verantwoorden zijn dat tegelijkertijd substantieel verschillende behandeling moet worden ingezet.
*Een patiënt kan bij een instelling of (zelfstandig gevestigde) praktijk maximaal drie openstaande reguliere zorgtrajecten hebben.
*Een patiënt kan bij een instelling of (zelfstandig gevestigde) praktijk maximaal drie openstaande reguliere zorgtrajecten hebben.
*Voor instellingen met een 24uurs crisisdienst is het mogelijk om een vierde zorgtraject te openen, alleen wanneer dit een DBC is met zorgtype ‘crisisinterventie zonder opname’ of ‘crisisinterventie met opname’.
*Voor instellingen met een 24-uurs crisisdienst is het mogelijk om een vierde zorgtraject te openen, alleen wanneer dit een DBC is met zorgtype ‘crisisinterventie zonder opname’ of ‘crisisinterventie met opname’.
*Er kunnen geen twee crisis-DBC’s parallel lopen.
*Er kunnen geen twee crisis-DBC’s parallel lopen.


Regel 87: Regel 87:
''3. Behandeling bij Tijdelijk verblijf''<br/>Een cliënt moet in het kader van de behandeling óf door instabiliteit/ verergering van de problematiek tijdelijk verblijven binnen een (andere) instelling. De zorgaanbieder van het reguliere zorgtraject is niet in staat tijdelijk verblijf binnen de eigen instelling aan te bieden en moet hiervoor een andere aanbieder inschakelen.&nbsp; Het tijdelijk verblijf wordt dan door de aanbieder van het parallelle zorgtraject geleverd.
''3. Behandeling bij Tijdelijk verblijf''<br/>Een cliënt moet in het kader van de behandeling óf door instabiliteit/ verergering van de problematiek tijdelijk verblijven binnen een (andere) instelling. De zorgaanbieder van het reguliere zorgtraject is niet in staat tijdelijk verblijf binnen de eigen instelling aan te bieden en moet hiervoor een andere aanbieder inschakelen.&nbsp; Het tijdelijk verblijf wordt dan door de aanbieder van het parallelle zorgtraject geleverd.


Om de tijdelijke aard van deze vorm van verblijf te borgen mag de andere aanbieder geen vervolg DBC openen. De parallel lopende initiele DBC zal dan na maximaal 365 dagen gesloten en gedeclareerd kunnen worden. Voor deze vorm kunnen dus nooit twee parallelle vervolg DBC’s zijn.
Om de tijdelijke aard van deze vorm van verblijf te borgen mag de andere aanbieder geen vervolg DBC openen. De parallel lopende initiële DBC zal dan na maximaal 365 dagen gesloten en gedeclareerd kunnen worden. Voor deze vorm kunnen dus nooit twee parallelle vervolg DBC’s zijn.


''Parallelle zorgtrajecten in het geval van crisis''
''Parallelle zorgtrajecten in het geval van crisis''
Regel 102: Regel 102:
! 2019
! 2019
|-
|-
|  
| ''Meerdere primaire diagnoses''
Het is mogelijk dat bij een patiënt meerdere (primaire) diagnoses worden vastgesteld. Afhankelijk van hoe de diagnoses zich tot elkaar verhouden kan worden gekozen voor parallelle of seriële (opeenvolgende) zorgtrajecten.
 
''Parallelle zorgtrajecten''<br/>Er is sprake van parallelle zorgtrajecten als de regiebehandelaar meerdere initiële dbc’s en bijbehorende zorgtrajecten opent. Parallelle trajecten kunnen worden geregistreerd als er sprake is van meerdere primaire diagnoses waarvoor gelijktijdig substantieel verschillende behandelingen moeten worden ingezet. De regiebehandelaar moet het openen van parallelle zorgtrajecten op dat punt ook kunnen verantwoorden.<br/>Parallelle zorgtrajecten mogen niet in eenzelfde diagnosehoofdgroep vallen. Onder diagnosehoofdgroep verstaan we een combinatie tussen de hoofdgroepen zoals deze in de DSM-IV-TR worden aangeduid en de diagnosegroepen zoals opgenomen in de prestatiecode. In de onderstaande tabel wordt aangegeven welke hoofdgroepen ontstaan wanneer deze combinatie tussen DSM-IV-TR en de prestatiecode wordt gemaakt. In totaal zijn er voor de ggz 28 hoofdgroepen.
 
''Toelichting van de uitzonderingen bij Parallelliteit''<br/>De hoofdregel is dat parallelle zorgtrajecten alleen kunnen worden geregistreerd als er sprake is van meerdere primaire diagnoses waarvoor gelijktijdig substantieel verschillende behandelingen moeten worden ingezet. Er gelden drie uitzonderingen op deze regel voorzover het parallelliteit tussen instellingen betreft. De uitzonderingen zijn gemaakt om praktische beperkingen in het declareren weg te nemen. Door deze uitzonderingen is het mogelijk dat twee aanbieders tegelijkertijd twee dbcs’s binnen twee zorgtrajecten met dezelfde primaire diagnose kunnen declareren. De dbc die in het parallelle zorgtraject wordt geopend moet als één van de zorgtypes ‘Uitzondering parallelliteit ECT’, ‘Uitzondering parallelliteit farmacotherapie’ of ‘Uitzondering parallelliteit tijdelijk verblijf’&nbsp; worden geregistreerd. Op deze manier kunnen beiden aanbieders apart een dbc declareren. In plaats van parallelliteit kan ook gebruik gemaakt worden van onderlinge dienstverlening.
 
''1. Behandeling bij ECT''<br/>Bij de behandeling van de patiënt is ECT nodig. De zorgaanbieder van het reguliere zorgtraject biedt geen ECT aan, daarom wordt deze behandeling uitgevoerd door een andere zorgaanbieder. In deze situatie kan de andere zorgaanbieder gelijktijdig een zorgtraject openen voor dezelfde primaire diagnose.
 
''2. Behandeling bij Farmacotherapie''<br/>Bij de behandeling van een cliënt is farmacotherapie nodig. De behandeling van het reguliere zorgtraject wordt uitgevoerd door een beroep, anders dan een beroep dat bevoegd is medicatie voor te schrijven. In deze situatie kan de andere zorgaanbieder gelijktijdig een zorgtraject openen voor dezelfde primaire diagnose.
 
''Behandeling bij Tijdelijk verblijf''<br/>Een cliënt moet in het kader van de behandeling óf door instabiliteit/ verergering van de problematiek tijdelijk verblijven binnen een (andere) instelling. De zorgaanbieder van het reguliere zorgtraject is niet in staat tijdelijk verblijf binnen de eigen instelling aan te bieden en moet hiervoor een andere aanbieder inschakelen.&nbsp; Het tijdelijk verblijf wordt dan door de aanbieder van het parallelle zorgtraject geleverd.
 
Om de tijdelijke aard van deze vorm van verblijf te borgen mag de andere aanbieder geen vervolg DBC openen. De parallel lopende initiële DBC zal dan na maximaal 365 dagen gesloten en gedeclareerd kunnen worden. Voor deze vorm kunnen dus nooit twee parallelle vervolg DBC’s zijn.
 
''Parallelle zorgtrajecten in het geval van crisis''
 
*Voor zorgaanbieders is het mogelijk om een vierde zorgtraject te openen, alleen wanneer dit een dbc is met zorgtype ‘crisisinterventie zonder opname’ of ‘crisisinterventie met opname’.
*Er kunnen geen twee crisis-dbc’s parallel lopen.
 
Bron: [[NR/REG-1927#page56|NR/REG-1927 artikel 5.1.3.6]]
 
|}
|}


{| class="mw-collapsible wikitable" style="width:90em"
{| class="mw-collapsible wikitable" style="width:90em"
|-
|-
! 2020<br/>
! 2020
|-
|-
|  
| ''Meerdere primaire diagnoses''
Het is mogelijk dat bij een patiënt meerdere (primaire) diagnoses worden vastgesteld. Afhankelijk van hoe de diagnoses zich tot elkaar verhouden kan worden gekozen voor parallelle of seriële (opeenvolgende) zorgtrajecten.
Het is mogelijk dat bij een patiënt meerdere (primaire) diagnoses worden vastgesteld. Afhankelijk van hoe de diagnoses zich tot elkaar verhouden kan worden gekozen voor parallelle of seriële (opeenvolgende) zorgtrajecten.


Regel 116: Regel 137:
Er is sprake van parallelle zorgtrajecten als de regiebehandelaar meerdere initiële dbc’s en bijbehorende zorgtrajecten opent. Parallelle trajecten kunnen worden geregistreerd als er sprake is van meerdere primaire diagnoses waarvoor gelijktijdig substantieel verschillende behandelingen moeten worden ingezet. De regiebehandelaar moet het openen van parallelle zorgtrajecten op dat punt ook kunnen verantwoorden.
Er is sprake van parallelle zorgtrajecten als de regiebehandelaar meerdere initiële dbc’s en bijbehorende zorgtrajecten opent. Parallelle trajecten kunnen worden geregistreerd als er sprake is van meerdere primaire diagnoses waarvoor gelijktijdig substantieel verschillende behandelingen moeten worden ingezet. De regiebehandelaar moet het openen van parallelle zorgtrajecten op dat punt ook kunnen verantwoorden.


&nbsp;Parallelle zorgtrajecten mogen niet in eenzelfde diagnosehoofdgroep vallen. Onder diagnosehoofdgroep verstaan we een combinatie tussen de hoofdgroepen zoals deze in de DSM-IV-TR worden aangeduid en de diagnosegroepen zoals opgenomen in de prestatiecode. In de onderstaande tabel wordt aangegeven welke hoofdgroepen ontstaan wanneer deze combinatie tussen DSM-IV-TR en de prestatiecode wordt gemaakt. In totaal zijn er voor de ggz 28 hoofdgroepen.
Parallelle zorgtrajecten mogen niet in eenzelfde diagnosehoofdgroep vallen. Onder diagnosehoofdgroep verstaan we een combinatie tussen de hoofdgroepen zoals deze in de DSM-IV-TR worden aangeduid en de diagnosegroepen zoals opgenomen in de prestatiecode. In de onderstaande tabel wordt aangegeven welke hoofdgroepen ontstaan wanneer deze combinatie tussen DSM-IV-TR en de prestatiecode wordt gemaakt. In totaal zijn er voor de ggz 28 hoofdgroepen.


''Toelichting van de uitzonderingen bij Parallelliteit''
''Toelichting van de uitzonderingen bij Parallelliteit''
Regel 122: Regel 143:
De hoofdregel is dat parallelle zorgtrajecten alleen kunnen worden geregistreerd als er sprake is van meerdere primaire diagnoses waarvoor gelijktijdig substantieel verschillende behandelingen moeten worden ingezet. Er gelden drie uitzonderingen op deze regel voorzover het parallelliteit tussen instellingen betreft. De uitzonderingen zijn gemaakt om praktische beperkingen in het declareren weg te nemen. Door deze uitzonderingen is het mogelijk dat twee aanbieders tegelijkertijd twee dbcs’s binnen twee zorgtrajecten met dezelfde primaire diagnose kunnen declareren. De dbc die in het parallelle zorgtraject wordt geopend moet als één van de zorgtypes ‘Uitzondering parallelliteit ECT’, ‘Uitzondering parallelliteit farmacotherapie’ of ‘Uitzondering parallelliteit tijdelijk verblijf’&nbsp; worden geregistreerd. Op deze manier kunnen beiden aanbieders apart een dbc declareren. In plaats van parallelliteit kan ook gebruik gemaakt worden van onderlinge dienstverlening.
De hoofdregel is dat parallelle zorgtrajecten alleen kunnen worden geregistreerd als er sprake is van meerdere primaire diagnoses waarvoor gelijktijdig substantieel verschillende behandelingen moeten worden ingezet. Er gelden drie uitzonderingen op deze regel voorzover het parallelliteit tussen instellingen betreft. De uitzonderingen zijn gemaakt om praktische beperkingen in het declareren weg te nemen. Door deze uitzonderingen is het mogelijk dat twee aanbieders tegelijkertijd twee dbcs’s binnen twee zorgtrajecten met dezelfde primaire diagnose kunnen declareren. De dbc die in het parallelle zorgtraject wordt geopend moet als één van de zorgtypes ‘Uitzondering parallelliteit ECT’, ‘Uitzondering parallelliteit farmacotherapie’ of ‘Uitzondering parallelliteit tijdelijk verblijf’&nbsp; worden geregistreerd. Op deze manier kunnen beiden aanbieders apart een dbc declareren. In plaats van parallelliteit kan ook gebruik gemaakt worden van onderlinge dienstverlening.


&nbsp;''1. Behandeling bij ECT''
''1. Behandeling bij ECT''


Bij de behandeling van de patiënt is ECT nodig. De zorgaanbieder van het reguliere zorgtraject biedt geen ECT aan, daarom wordt deze behandeling uitgevoerd door een andere zorgaanbieder. In deze situatie kan de andere zorgaanbieder gelijktijdig een zorgtraject openen voor dezelfde primaire diagnose.<br/>&nbsp;''2. Behandeling bij Farmacotherapie''<br/>Bij de behandeling van een cliënt is farmacotherapie nodig. De behandeling van het reguliere zorgtraject wordt uitgevoerd door een beroep, anders dan een beroep dat bevoegd is medicatie voor te schrijven. In deze situatie kan de andere zorgaanbieder gelijktijdig een zorgtraject openen voor dezelfde primaire diagnose.
Bij de behandeling van de patiënt is ECT nodig. De zorgaanbieder van het reguliere zorgtraject biedt geen ECT aan, daarom wordt deze behandeling uitgevoerd door een andere zorgaanbieder. In deze situatie kan de andere zorgaanbieder gelijktijdig een zorgtraject openen voor dezelfde primaire diagnose.<br/>&nbsp;''2. Behandeling bij Farmacotherapie''<br/>Bij de behandeling van een cliënt is farmacotherapie nodig. De behandeling van het reguliere zorgtraject wordt uitgevoerd door een beroep, anders dan een beroep dat bevoegd is medicatie voor te schrijven. In deze situatie kan de andere zorgaanbieder gelijktijdig een zorgtraject openen voor dezelfde primaire diagnose.


&nbsp;''3. Behandeling bij Tijdelijk verblijf''<br/>Een cliënt moet in het kader van de behandeling óf door instabiliteit/ verergering van de problematiek tijdelijk verblijven binnen een (andere) instelling. De zorgaanbieder van het reguliere zorgtraject is niet in staat tijdelijk verblijf binnen de eigen instelling aan te bieden en moet hiervoor een andere aanbieder inschakelen.&nbsp; Het tijdelijk verblijf wordt dan door de aanbieder van het parallelle zorgtraject geleverd.
''3. Behandeling bij Tijdelijk verblijf''<br/>Een cliënt moet in het kader van de behandeling óf door instabiliteit/ verergering van de problematiek tijdelijk verblijven binnen een (andere) instelling. De zorgaanbieder van het reguliere zorgtraject is niet in staat tijdelijk verblijf binnen de eigen instelling aan te bieden en moet hiervoor een andere aanbieder inschakelen.&nbsp; Het tijdelijk verblijf wordt dan door de aanbieder van het parallelle zorgtraject geleverd.


&nbsp;Om de tijdelijke aard van deze vorm van verblijf te borgen mag de andere aanbieder geen vervolg DBC openen. De parallel lopende initiele DBC zal dan na maximaal 365 dagen gesloten en gedeclareerd kunnen worden. Voor deze vorm kunnen dus nooit twee parallelle vervolg DBC’s zijn.
Om de tijdelijke aard van deze vorm van verblijf te borgen mag de andere aanbieder geen vervolg DBC openen. De parallel lopende initiële DBC zal dan na maximaal 365 dagen gesloten en gedeclareerd kunnen worden. Voor deze vorm kunnen dus nooit twee parallelle vervolg DBC’s zijn.


&nbsp;''Parallelle zorgtrajecten in het geval van crisis''
''Parallelle zorgtrajecten in het geval van crisis''


*&nbsp;Voor zorgaanbieders is het mogelijk om een vierde zorgtraject te openen, alleen wanneer dit acute psychiatrische hulpverlening betreft.
*Voor zorgaanbieders is het mogelijk om een vierde zorgtraject te openen, alleen wanneer dit acute psychiatrische hulpverlening betreft.
*Er kunnen geen twee crisis-dbc’s buiten budget parallel lopen.
*Er kunnen geen twee crisis-dbc’s buiten budget parallel lopen.


Bron: NR/REG-2021 5.1.3.6 Meerdere primaire diagnoses&nbsp;&nbsp;
Bron: [[NR/REG-2021b#page54|NR/REG-2021b artikel 5.1.3.6]]


|}
|}