Zorgactiviteit onterecht gekoppeld aan IC-traject (N4030)

Uit normenkaderzorg.nl
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Referentienummer: N4030
Behoort tot Normenkader ValueCare

Ziekenhuizen Volledigheid

  1. Ziekenhuizen Volledigheid - Einde Behandeling - Koppelen zorgactiviteiten
Samenvatting

Deze norm toont acties wanneer er zorgactiviteiten uit onverwachte zorgprofielklassen gekoppeld zijn aan een zorgtype 51 en/of 52. Dit duidt erop dat een nieuw subtraject geopend kan worden of dat de zorgactiviteiten gekoppeld kunnen worden aan een parallel subtraject.

Regelgeving / beleid
2021
Een zorgtraject met subtraject ZT51 of ZT52 wordt door de intensivist of andere medisch eindverantwoordelijke geopend bij opname op de ic-afdeling, voor ic intercollegiaal consult buiten de ic en voor vervoer van een patiënt met interklinisch transport of MICU transport.

2021: NR/REG-2103a art. 11 lid 1


Openen ondersteunend zorgtraject (met subtraject ZT51)
Een zorgtraject met subtraject ZT51 voor ondersteuning aan de hoofdbehandelaar kan worden geopend wanneer de ondersteuner zorg levert aan de patiënt en voor deze zorgvraag geen eigen zorgtraject openstaat. Deze zorgactiviteiten worden gekoppeld aan het zorgtraject van de hoofdbehandelaar.

2021: NR/REG-2103a art. 13

2022
Een zorgtraject met subtraject ZT51 of ZT52 wordt door de intensivist of andere medisch eindverantwoordelijke geopend bij opname op de ic-afdeling, voor ic intercollegiaal consult buiten de ic en voor vervoer van een patiënt met interklinisch transport of MICU transport.

2022: NR/REG-2207a art. 11 lid 1


Openen ondersteunend zorgtraject (met subtraject ZT51)
Een zorgtraject met subtraject ZT51 voor ondersteuning aan de hoofdbehandelaar kan worden geopend wanneer de ondersteuner zorg levert aan de patiënt en voor deze zorgvraag geen eigen zorgtraject open staat. Deze zorgactiviteiten worden gekoppeld aan het zorgtraject van de hoofdbehandelaar.

2022: NR/REG-2207a art. 13

2023
Een zorgtraject met subtraject ZT51 of ZT52 wordt door de intensivist of andere medisch eindverantwoordelijke geopend bij opname op de ic-afdeling, voor ic intercollegiaal consult buiten de ic en voor vervoer van een patiënt met interklinisch transport of MICU-transport.

2023: NR/REG-2306a art. 11 lid 1


Openen ondersteunend zorgtraject (met subtraject ZT51)
Een zorgtraject met subtraject ZT51 voor ondersteuning aan de hoofdbehandelaar kan worden geopend wanneer de ondersteuner zorg levert aan de patiënt en voor deze zorgvraag geen eigen zorgtraject open staat. Deze zorgactiviteiten worden gekoppeld aan het zorgtraject van de hoofdbehandelaar.

2023: Nr/REG-2306a art. 13

2024
Een zorgtraject met subtraject ZT51 of ZT52 wordt door de intensivist of andere medisch eindverantwoordelijke geopend bij opname op de ic-afdeling, voor ic intercollegiaal consult buiten de ic en voor vervoer van een patiënt met interklinisch transport of MICU-transport.

2024: NR/REG-2403a art. 11 lid 1


Openen ondersteunend zorgtraject (met subtraject ZT51)
Een zorgtraject met subtraject ZT51 voor ondersteuning aan de hoofdbehandelaar kan worden geopend wanneer de ondersteuner zorg levert aan de patiënt en voor deze zorgvraag geen eigen zorgtraject open staat. Deze zorgactiviteiten worden gekoppeld aan het zorgtraject van de hoofdbehandelaar.

2024: NR/REG-2403a art. 13

2025
Een zorgtraject met subtraject ZT51 of ZT52 wordt door de intensivist of andere medisch eindverantwoordelijke geopend bij opname op de ic-afdeling, voor ic intercollegiaal consult buiten de ic en voor vervoer van een patiënt met interklinisch transport of MICU-transport.

2025: Regeling medisch-specialistische zorg 2025 art. 11 lid 1


Openen ondersteunend zorgtraject (met subtraject ZT51)
Een zorgtraject met subtraject ZT51 voor ondersteuning aan de hoofdbehandelaar kan worden geopend wanneer de ondersteuner zorg levert aan de patiënt en voor deze zorgvraag geen eigen zorgtraject open staat. Deze zorgactiviteiten worden gekoppeld aan het zorgtraject van de hoofdbehandelaar.

2025: Regeling medisch-specialistische zorg 2025 art. 13

Interpretaties

De volgende interpretatiekeuzes zijn gemaakt:

  1. Optionele parameters: Middels ziekenhuisspecifieke parameters is verder te specificeren welke zorgprofielklassen gesignaleerd worden in stap 2 van de programmeerbare norm. Hier kan onderscheid gemaakt worden tussen signalering in geval van wel of geen aanwezigheid parallelliteit. Zo kan ervoor gekozen worden om alleen te signaleren als er zorgactiviteiten geregistreerd worden uit zorgprofielklasses [ZPK's] die duiden op face-to-face contact, om zo te voldoen aan de eis van face-to-face contact binnen een (nieuwe) DBC. Default worden alle zorgprofielklassen gesignaleerd die in stap 2 van de programmeerbare norm benoemd staan ongeacht aanwezigheid parallelliteit. (N4030_ZPK_WEL_PARALLELLE_DBC) (N4030_ZPK_GEEN_PARALLELLE_DBC)
  2. Optionele parameter: Middels een ziekenhuisspecifieke parameter kunnen er specialismen uitgesloten worden van signalering, zoals bijvoorbeeld radiologie. (N4030_UITSL_SPECIALISME_CODE)
  3. Optionele parameter: Middels een ziekenhuisspecifieke parameter kunnen er combinaties van aanvragende specialismen en uitvoerende specialismen uitgesloten worden. (N4030_UITSL_SPECIALISME_CODE_KOPPELS)
  4. Optionele parameter: Middels een ziekenhuisspecifieke parameter kunnen er landelijke zorgactiviteitcodes worden uitgesloten van signalering. (N4030_UITSL_CTG_CODE)
  5. Optionele parameter: Middels een ziekenhuisspecifieke parameter kunnen alle ZT51 die als ondersteunend buiten de IC (ZT51 niet ondersteunend IC) worden gebruikt uitgesloten worden van signalering. ZT51 niet ondersteunend IC wordt gedefinieerd als zorgtype 51 zonder gekoppelde zorgactiviteiten van zorgprofielklasse 18 of 19. Standaard worden deze subtrajecten niet uitgesloten. (N4030_UITSL_ONDERSTEUNEND_ZT51)
  6. Optionele parameter: Middels een ziekenhuisspecifieke parameter kan ingesteld worden naar welke zorgtypes gekeken wordt. Default worden zorgtypes 51 en 52 meegenomen. (N4030_ZORGTYPE)
  7. Het gaat om de volgende zorgprofielklassen:
    • 1. Polikliniek- en eerste hulpbezoek;
      2. Dagverpleging;
      3. Kliniek;
      5. Operatieve verrichtingen;
      6. Overige therapeutische activiteiten;
      7. Beeldvormende diagnostiek;
      13. Bijzondere kunst- en hulpmiddelen;
      14. Revalidatie.
Programmeerbare norm

Er is sprake van “Zorgactiviteit onterecht gekoppeld aan IC-traject (N4030)” als aan de volgende selectie is voldaan:

1) Alle ZT51- en ZT52-subtrajecten

 

2) Het ZT51/52-subtraject bevat zorgactiviteiten uit ZPK 1, 2, 3, 5, 6, 7, 13 en/of 14


Logica: 1 en 2 en 3

Te nemen actie

Indien geen subtraject aanwezig:
Openen van een nieuw regulier subtraject met de gesignaleerde zorgactiviteit(en)

Indien subtraject aanwezig:
Gesignaleerde zorgactiviteit(en) koppelen aan het reguliere subtraject

Berekening financiële impact

Indien geen subtraject aanwezig:
De waarde van een nieuw subtraject met de zorgactiviteit wordt getoond als impact. Om het nieuwe subtraject te simuleren wordt de meest gebruikte diagnose voor het specialisme van de zorgactiviteit gebruikt.

Indien subtraject aanwezig:
Het waardeverschil van het subtraject na het toevoegen van de gesignaleerde zorgactiviteit(en) wordt getoond als financiële impact.