DGM - Verstrekkings- of begeleidingscode wijst op ontbreken add-on DGM in facturatiemodule (N4925)
Referentienummer: N4925
Behoort tot Normenkader ValueCare
Ziekenhuizen Volledigheid
Samenvatting
Deze norm signaleert acties wanneer een verstrekkings- of begeleidingscode is geregistreerd maar geen bijbehorende add-on duur geneesmiddel. Dit duidt er op dat een geneesmiddel registratie ontbreekt in factuur.
Regelgeving / beleid
| 2022 |
|---|
| Add-ongeneesmiddelen en ozp-stollingsfactoren
1. Add-ongeneesmiddelen en ozp-stollingsfactoren zijn geneesmiddelen (geregistreerde geneesmiddelen of apotheekbereidingen) die als overige zorgproducten in rekening worden gebracht. De prestatiebeschrijving van deze overige zorgproducten wordt gevormd door de artikelomschrijving van het geneesmiddel zoals opgenomen in de G-standaard.
Of
3. Een geneesmiddel verliest van rechtswege de status van add-on of ozp-stollingsfactor vanaf de datum dat de handelsvergunning bedoeld in het tweede lid is ingetrokken. Vanaf die datum vervalt eveneens van rechtswege de door de NZa afgegeven prestatie- en tariefbeschikking waarmee het geneesmiddel de status van add-on of ozp-stollingsfactor verkreeg.
2022: Beleidsregel prestaties en tarieven medisch-specialistische zorg - BR/REG-22114a, art. 10
zorgverlener waarvan de patiënt voor de toepassing van deze geneesmiddelen ‘eigen patiënt’ is en waarvan de op deze geneesmiddelen betrekking hebbende zorg niet is overgenomen door een andere zorgverlener.
c. Declaratie van geneesmiddelen bedoeld onder a en b geschiedt als onderdeel van een dbc-zorgproduct, of via een aparte declaratietitel indien voor het betreffende geneesmiddel een add-on is vastgesteld en deze is opgenomen in de G-standaard.
2022: NR/REG-2207a art. 31 lid 6
2022: NR/REG-2207a art. 26 lid 3
|
| 2023 |
|---|
| Add-ongeneesmiddelen en ozp-stollingsfactoren
Add-ongeneesmiddelen en ozp-stollingsfactoren zijn geneesmiddelen (geregistreerde geneesmiddelen of apotheekbereidingen) die als overige zorgproducten in rekening worden gebracht. De prestatiebeschrijving van deze overige zorgproducten wordt gevormd door de artikelomschrijving van het geneesmiddel zoals opgenomen in de G-standaard. Voor de vaststelling van een geneesmiddel als 'add-ongeneesmiddel' of 'ozp-stollingsfactor' hanteert de NZa de volgende limitatieve criteria:
Of
Een geneesmiddel verliest van rechtswege de status van add-on of ozp-stollingsfactor vanaf de datum dat de handelsvergunning bedoeld in het tweede lid is ingetrokken. Vanaf die datum vervalt eveneens van rechtswege de door de NZa afgegeven prestatie- en tariefbeschikking waarmee het geneesmiddel de status van add-on of ozp-stollingsfactor verkreeg. Een geneesmiddel verliest van rechtswege de status van add-on of ozp-stollingsfactor vanaf de datum waarop het geneesmiddel niet meer in de G-standaard is opgenomen. Vanaf die datum vervalt eveneens van rechtswege de door de NZa afgegeven prestatie- en tariefbeschikking waarmee het geneesmiddel de status van add-on of ozp-stollingsfactor verkreeg. 2023: Beleidsregel prestaties en tarieven medisch-specialistische zorg - BR-REG-23113 art. 10
a. Een geneesmiddel dat intramuraal, dus 'binnen de muren' van een instelling, wordt voorgeschreven en verstrekt/toegediend aan een patiënt, wordt gedeclareerd door de instelling waar dat geneesmiddel is verstrekt/toegediend. b. In afwijking van het gestelde onder a geldt dat:
c. Declaratie van geneesmiddelen bedoeld onder a en b geschiedt als onderdeel van een dbc-zorgproduct, of via een aparte declaratietitel indien voor het betreffende geneesmiddel een add-on is vastgesteld en deze is opgenomen in de G-standaard. d. Als uitzondering op het bepaalde in artikel 31 lid 6 onderdeel c van deze regeling kan een in Nederland geregistreerd geneesmiddel dat niet voorradig is, worden vervangen door een geneesmiddel waarvoor een handelsvergunning is afgegeven buiten Nederland. Het gaat in dat geval om een geneesmiddel dat dezelfde werkzame stof, toedieningsvorm en sterkte bevat. Het vervangende geneesmiddel met een buitenlandse registratie wordt met het ZI nummer van het Nederlandse product gedeclareerd. e. Add-ongeneesmiddelen en ozp-stollingsfactoren worden per verstrekking gedeclareerd. Meerdere verstrekkingen van een geneesmiddel op één dag leiden dus tot meerdere declarabele prestaties, ongeacht de indicatie(s) waarvoor het geneesmiddel wordt verstrekt. f. Geneesmiddelen mogen alleen in rekening worden gebracht indien deze zijn verstrekt/toegediend aan de patiënt. 2023: NR/REG-2306a art. 31 lid 6
2023: NR/REG-2306a art. 23 lid 6
|
| 2024 |
|---|
| Add-ongeneesmiddelen en ozp-stollingsfactoren
Add-ongeneesmiddelen en ozp-stollingsfactoren zijn geneesmiddelen (geregistreerde geneesmiddelen of apotheekbereidingen) die als overige zorgproducten in rekening worden gebracht. De prestatiebeschrijving van deze overige zorgproducten wordt gevormd door de artikelomschrijving van het geneesmiddel zoals opgenomen in de G-standaard. Voor de vaststelling van een geneesmiddel als 'add-ongeneesmiddel' of 'ozp-stollingsfactor' hanteert de NZa de volgende limitatieve criteria:
Of
Een geneesmiddel verliest van rechtswege de status van add-on of ozp-stollingsfactor vanaf de datum dat de handelsvergunning bedoeld in het tweede lid is ingetrokken. Vanaf die datum vervalt eveneens van rechtswege de door de NZa afgegeven prestatie- en tariefbeschikking waarmee het geneesmiddel de status van add-on of ozp-stollingsfactor verkreeg. Een geneesmiddel verliest van rechtswege de status van add-on of ozp-stollingsfactor vanaf de datum waarop het geneesmiddel niet meer in de G-standaard is opgenomen. Vanaf die datum vervalt eveneens van rechtswege de door de NZa afgegeven prestatie- en tariefbeschikking waarmee het geneesmiddel de status van add-on of ozp-stollingsfactor verkreeg. 2024: BR/REG-24102a art. 10
a. Een geneesmiddel dat intramuraal, dus 'binnen de muren' van een instelling, wordt voorgeschreven en verstrekt/toegediend aan een patiënt, wordt gedeclareerd door de instelling waar dat geneesmiddel is verstrekt/toegediend. b. In afwijking van het gestelde onder a geldt dat:
c. Declaratie van geneesmiddelen bedoeld onder a en b geschiedt als onderdeel van een dbc-zorgproduct, of via een aparte declaratietitel indien voor het betreffende geneesmiddel een add-on is vastgesteld en deze is opgenomen in de G-standaard. d. Als uitzondering op het bepaalde in artikel 31 lid 6 onderdeel c van deze regeling kan een in Nederland geregistreerd geneesmiddel dat niet voorradig is, worden vervangen door een geneesmiddel waarvoor een handelsvergunning is afgegeven buiten Nederland. Het gaat in dat geval om een geneesmiddel dat dezelfde werkzame stof, toedieningsvorm en sterkte bevat. Het vervangende geneesmiddel met een buitenlandse registratie wordt met het ZI nummer van het Nederlandse product gedeclareerd. e. Add-ongeneesmiddelen en ozp-stollingsfactoren worden per verstrekking gedeclareerd. Meerdere verstrekkingen van een geneesmiddel op één dag leiden dus tot meerdere declarabele prestaties, ongeacht de indicatie(s) waarvoor het geneesmiddel wordt verstrekt. f. Geneesmiddelen mogen alleen in rekening worden gebracht indien deze zijn verstrekt/toegediend aan de patiënt. 2024: NR/REG-2403a art. 31 lid 6
2024: NR/REG-2403a art. 26 lid 3
|
| 2025 |
|---|
| Add-ongeneesmiddelen en ozp-stollingsfactoren
Add-ongeneesmiddelen en ozp-stollingsfactoren zijn geneesmiddelen (geregistreerde geneesmiddelen of apotheekbereidingen) die als overige zorgproducten in rekening worden gebracht. De prestatiebeschrijving van deze overige zorgproducten wordt gevormd door de artikelomschrijving van het geneesmiddel zoals opgenomen in de G-standaard. Voor de vaststelling van een geneesmiddel als 'add-ongeneesmiddel' of 'ozp-stollingsfactor' hanteert de NZa de volgende limitatieve criteria:
Of
Een geneesmiddel verliest van rechtswege de status van add-on of ozp-stollingsfactor vanaf de datum dat de handelsvergunning bedoeld in het tweede lid is ingetrokken. Vanaf die datum vervalt eveneens van rechtswege de door de NZa afgegeven prestatie- en tariefbeschikking waarmee het geneesmiddel de status van add-on of ozp-stollingsfactor verkreeg. Een geneesmiddel verliest van rechtswege de status van add-on of ozp-stollingsfactor vanaf de datum waarop het geneesmiddel niet meer in de G-standaard is opgenomen. Vanaf die datum vervalt eveneens van rechtswege de door de NZa afgegeven prestatie- en tariefbeschikking waarmee het geneesmiddel de status van add-on of ozp-stollingsfactor verkreeg. 2025: Beleidsregel prestaties en tarieven medisch-specialistische zorg 2025 art. 10
a. Een geneesmiddel dat intramuraal, dus 'binnen de muren' van een instelling, wordt voorgeschreven en verstrekt/toegediend aan een patiënt, wordt gedeclareerd door de instelling waar dat geneesmiddel is verstrekt/toegediend. b. In afwijking van het gestelde onder a geldt dat:
c. Declaratie van geneesmiddelen bedoeld onder a en b geschiedt als onderdeel van een dbc-zorgproduct, of via een aparte declaratietitel indien voor het betreffende geneesmiddel een add-on is vastgesteld en deze is opgenomen in de G-standaard. d. Als uitzondering op het bepaalde in artikel 31 lid 6 onderdeel c van deze regeling kan een in Nederland geregistreerd geneesmiddel dat niet voorradig is, worden vervangen door een geneesmiddel waarvoor een handelsvergunning is afgegeven buiten Nederland. Het gaat in dat geval om een geneesmiddel dat dezelfde werkzame stof, toedieningsvorm en sterkte bevat. Het vervangende geneesmiddel met een buitenlandse registratie wordt met het ZI nummer van het Nederlandse product gedeclareerd. e. Add-ongeneesmiddelen en ozp-stollingsfactoren worden per verstrekking gedeclareerd. Meerdere verstrekkingen van een geneesmiddel op één dag leiden dus tot meerdere declarabele prestaties, ongeacht de indicatie(s) waarvoor het geneesmiddel wordt verstrekt. f. Geneesmiddelen mogen alleen in rekening worden gebracht indien deze zijn verstrekt/toegediend aan de patiënt. 2025: Regeling medisch-specialistische zorg 2025 art. 31 lid 6
2025: Regeling medisch-specialistische zorg 2025 art. 26 lid 3
2025: Regeling medisch-specialistische zorg 2025 art. 34a lid 10 |
Interpretaties
De volgende interpretatiekeuzes zijn gemaakt:
- Let op: in bepaalde gevallen wordt een geneesmiddel niet als add-on geregistreerd waardoor binnen het interval geen geneesmiddel gevonden kan worden. Dit kan fout positieve acties opleveren bijvoorbeeld in het geval van intravitreale injecties.
- Combinatie van verstrekkings- en begeleidingscodes met geneesmiddel op basis van ATC-code:
- Injectie botulinetoxine (036264, 039446, 190872, 239064, 239065): M03AX01
- Oncologische verstrekkingscodes:
- Verstrekkingscode chemotherapie (039141, 039142, 039143): L01A#, L01B#, L01C#, L01D#, L01XA#, L01XB#, L01XF#, L01XH#, L01XU#, L01XX#, L01XY01. Uitgezonderd L01XX35, L01XX51, L01XX52, L01XX62, L01XX70 (CAR-T), L01XX71 (CAR-T).
- Verstrekkingscode immunotherapie (039146):
- Oncologie: L01E#, L01F#, L01XE#, L01XG#, L01XJ#, L01XK#, L01XL#, L01XM#, L04AA#, L04AB#, L04AD#, L04AE#, L04AF#, L04AG#, L04AH#, L04AJ#, L04AK#, L04AX#, L01XX51, L01XX52, L01XX62, L01XY02, L03AX15, L04AC11, D06BB10. Uitgezonderd L01FD03, L01FD04, L01FX02, L01FX05, L01FX13, L01FX14, L01FX17, L01XL03 (CAR-T), L01XL04 (CAR-T), L04AA06, L04AD02, L04AX01, L04AF02.
- Niet-oncologie: L04AC#, D11AH05, D11AH07, J06BA02, J06BC03, R03DX05, R03DX08, R03DX09, R03DX10, R03DX11.
- Verstrekkingscode chemo-immunotherapie (039145): 1 van de middelen onder punt 2/3 of L01FD03, L01FD04, L01FX02, L01FX05, L01FX13, L01FX14, L01FX17.
- Verstrekkingscode PSMA (120415): V10XX05
- [Optioneel via parameter] Intravitreale injectie van medicatie (039810): L01XC07, L01FG01, S01LA04, S01LA05, S01LA08, S01BA01, S01LA09
- [Optioneel via parameter] Hemodialyse met EPO (192052) (vanaf 2022 t/m 2023): B03XA01, B03XA02, B03XA03
- [Optioneel via parameter] Biological + immuunglobuline (039135, 039136, 039140): B02BD17, B02BX11, B03XA10, B06AC07, C02KX06, D11AH05, D11AH07, J06BD09, J07AH11, J07BB05, L01FA01, L01FD07, L01FF05, L01FX31, L01FX32, L01FX33, L01FX34, L01FX35, L01XX86, L01XY04, L03AB07, L03AB08, L03AB13, L03AX13, L04AA18, L04AA23, L04AA24, L04AA25, L04AA26, L04AA27, L04AA28, L04AA29, L04AA31, L04AA33, L04AA34, L04AA36, L04AA37, L04AA38, L04AA40, L04AA42, L04AA44, L04AA45, L04AA50, L04AA52, L04AB01, L04AB02, L04AB04, L04AB05, L04AB06, L04AE01, L04AE03, L04AE04, L04AG03, L04AG04, L04AG05, L04AG06, L04AG08, L04AG11, L04AG12, L04AJ01, L04AJ10, L04AJ11, L04AK02, R03DX05, R03DX08, R03DX09, R03DX10, R03DX11, V10XA04. J06B# (immuunglobuline)
- [Optioneel via parameter] Gonadotrofine (039998): G03GA# (werkt niet met delta parameter maar wordt 1x/DBC verwacht)
- Optionele parameter: Middels een ziekenhuisspecifieke parameter kan het interval in stap 2 van de programmeerbare norm gewijzigd worden. Default staat het interval op 3 dagen. (N4925_DELTA)
- Optionele parameter: Middels een ziekenhuisspecifieke parameter kan het interval in stap 2 van de programmeerbare norm gewijzigd worden per groep. Default wordt de standaard delta gebruikt (N4925_DELTA) en kan deze per groep worden aangepast. (N4925_GROEP_DELTA)
- Optionele parameter: Middels een ziekenhuisspecifieke parameter kunnen verstrekkings- en begeleidingscodes uitgesloten worden van signalering. Default worden er geen verstrekkings- of begeleidingscodes uitgesloten. (N4925_UITSL_BV_CODE)
- Optionele parameter: Middels een ziekenhuisspecifieke parameter kunnen verstrekkings- en begeleidingscodes geïncludeerd worden voor signalering, zie optioneel onder interpretatiepunt 1. Default worden deze niet meegenomen. (N4925_UITSL_GROEP)
- Optionele parameter: Middels een ziekenhuisspecifieke parameter is het mogelijk om acties uit te sluiten indien een toedieningsregistratie van een niet duur geneesmiddel aanwezig is binnen een interval. Default wordt niet gecontroleerd op aanwezigheid van toedieningsregistratie. (N4925_TOEDIENING_INTERVAL)
Programmeerbare norm
Er is sprake van “DGM - Verstrekkings- of begeleidingscode wijst op ontbreken add-on DGM in facturatiemodule (N4925)” als aan de volgende selectie is voldaan:
Logica: 1 en 2
Berekening financiële impact
De waarde van de meest voorkomende add-on wordt getoond als financiële impact. De meest voorkomende add-on DGM wordt berekend op basis van de zorgactiviteit in combinatie met het specialisme en de diagnose. De meest voorkomende dosering van de add-on DGM wordt berekend, hierbij wordt geen rekening gehouden met gecombineerde doseringen (bijvoorbeeld combinatie van 25mg en 50mg in 1 toediening).