
Behoort tot Normenkader ValueCare
Ziekenhuizen overige Rechtmatigheid
- Ziekenhuizen overige Rechtmatigheid 2024 - Subtrajecten – Openen en sluiten
- Ziekenhuizen overige Rechtmatigheid 2023 - Subtrajecten – Openen en sluiten
- Ziekenhuizen overige Rechtmatigheid 2022 - Subtrajecten – Openen en sluiten
Samenvatting
Een subtraject 'overbruggende behandeling t.b.v. immuun effectorcel therapie' mag één dag voor de start overbruggende behandeling t.b.v. immuun effectorcel therapie gesloten worden. Wanneer deze zorgactivieit ontbreekt, zal het ZIS het subtraject niet automatisch afsluiten op basis van afsluitregel 2.0000.10.
Regelgeving / beleid
| 2022
|
| Immuun effectorcel therapie (2.0000.10)
De volgende fasen worden bij immuun effectorcel therapie onderscheiden:
- fase 1: screening
- fase 2: aferese
- fase 3: infusie cellen, inclusief conditionering
- Fase 4: nazorg (post-infusie)
a. Een subtraject voor fase 1, fase 2, fase 3 of fase 4 wordt afgesloten op de 120e dag na opening van het subtraject. Als uitzondering hierop geldt:
- Wanneer eerder een volgende fase aanbreekt sluit het subtraject op de dag voor de start van de volgende fase;
- Wanneer bij patiënten zonder SKION-stratificatie een (medicinale) oncologische behandeling ter overbrugging start sluit het subtraject op de dag voor de start van het overbruggingstraject (voor uitvoerdatum zorgactiviteit 191018 Start overbruggende behandeling t.b.v. immuun effectorcel therapie);
- Wanneer immuun effectorcel therapie voortijdig eindigt sluit het subtraject op de dag van het beëindigen van de therapie (op uitvoerdatum zorgactiviteit 191017 Voortijdige beëindiging immuun effectorcel therapie).
b. Een subtraject wordt afgesloten op de dag voor de start van fase 2 (voor uitvoerdatum zorgactiviteit 191013 Aferese t.b.v. immuun effectorcel therapie).
c. Een subtraject wordt afgesloten op de dag voor de start van fase 3 (voor uitvoerdatum zorgactiviteit 191016 Start conditionering voor immuun effectorcel therapie).
2022: NR/REG-2207a art. 19 lid 17r
Start overbruggende behandeling t.b.v. immuun effectorcel therapie (191018) Wanneer een (medicinale) oncologische behandeling ter overbrugging tussen de aferese (fase 2) en infusie (fase 3) bij immuun effectorcel therapie start, dan wordt bij de start van de overbrugging zorgactiviteit 191018 geregistreerd. Bij kinderen met een SKION-stratificatie is dit niet van toepassing omdat eventuele (medicinale) oncologische behandeling ter overbrugging in het parallelle SKION zorgtraject geregistreerd wordt.
2022: NR/REG-2207a art. 24 lid 88
|
| 2023
|
| Immuun effectorcel therapie (2.0000.10)
De volgende fasen worden bij immuun effectorcel therapie onderscheiden:
- fase 1: screening
- fase 2: aferese
- fase 3: infusie cellen, inclusief conditionering
- Fase 4: nazorg (post-infusie)
a. Een subtraject voor fase 1, fase 2, fase 3 of fase 4 wordt afgesloten op de 120e dag na opening van het subtraject. Als uitzondering hierop geldt:
- Wanneer eerder een volgende fase aanbreekt sluit het subtraject op de dag voor de start van de volgende fase;
- Wanneer bij patiënten zonder SKION-stratificatie een (medicinale) oncologische behandeling ter overbrugging start sluit het subtraject op de dag voor de start van het overbruggingstraject (voor uitvoerdatum zorgactiviteit 191018 Start overbruggende behandeling t.b.v. immuun effectorcel therapie);
- Wanneer immuun effectorcel therapie voortijdig eindigt sluit het subtraject op de dag van het beëindigen van de therapie (op uitvoerdatum zorgactiviteit 191017 Voortijdige beëindiging immuun effectorcel therapie).
b. Een subtraject wordt afgesloten op de dag voor de start van fase 2 (voor uitvoerdatum zorgactiviteit 191013 Aferese t.b.v. immuun effectorcel therapie).
c. Een subtraject wordt afgesloten op de dag voor de start van fase 3 (voor uitvoerdatum zorgactiviteit 191016 Start conditionering voor immuun effectorcel therapie).
2023: NR/REG-2306a art. 19 lid 7r
Start overbruggende behandeling t.b.v. immuun effectorcel therapie (191018) Wanneer een (medicinale) oncologische behandeling ter overbrugging tussen de aferese (fase 2) en infusie (fase 3) bij immuun effectorcel therapie start, dan wordt bij de start van de overbrugging zorgactiviteit 191018 geregistreerd. Bij kinderen met een SKION-stratificatie is dit niet van toepassing omdat eventuele (medicinale) oncologische behandeling ter overbrugging in het parallelle SKION zorgtraject geregistreerd wordt.
2023: NR/REG-2306a art. 24 lid 88
|
| 2024
|
| Immuun effectorcel therapie (2.0000.10)
De volgende fasen worden bij immuun effectorcel therapie onderscheiden:
- fase 1: screening
- fase 2: aferese
- fase 3: infusie cellen, inclusief conditionering
- Fase 4: nazorg (post-infusie)
a. Een subtraject voor fase 1, fase 2, fase 3 of fase 4 wordt afgesloten op de 120e dag na opening van het subtraject. Als uitzondering hierop geldt:
- Wanneer eerder een volgende fase aanbreekt sluit het subtraject op de dag voor de start van de volgende fase;
- Wanneer bij patiënten zonder SKION-stratificatie een (medicinale) oncologische behandeling ter overbrugging start sluit het subtraject op de dag voor de start van het overbruggingstraject (voor uitvoerdatum zorgactiviteit 191018 Start overbruggende behandeling t.b.v. immuun effectorcel therapie);
- Wanneer immuun effectorcel therapie voortijdig eindigt sluit het subtraject op de dag van het beëindigen van de therapie (op uitvoerdatum zorgactiviteit 191017 Voortijdige beëindiging immuun effectorcel therapie).
b. Een subtraject wordt afgesloten op de dag voor de start van fase 2 (voor uitvoerdatum zorgactiviteit 191013 Aferese t.b.v. immuun effectorcel therapie).
c. Een subtraject wordt afgesloten op de dag voor de start van fase 3 (voor uitvoerdatum zorgactiviteit 191016 Start conditionering voor immuun effectorcel therapie).
2024: NR/REG-2403a art. 19 lid 7r
Start overbruggende behandeling t.b.v. immuun effectorcel therapie (191018) Wanneer een (medicinale) oncologische behandeling ter overbrugging tussen de aferese (fase 2) en infusie (fase 3) bij immuun effectorcel therapie start, dan wordt bij de start van de overbrugging zorgactiviteit 191018 geregistreerd. Bij kinderen met een SKION-stratificatie is dit niet van toepassing omdat eventuele (medicinale) oncologische behandeling ter overbrugging in het parallelle SKION zorgtraject geregistreerd wordt.
2024: NR/REG-2403a art. 24 lid 88
|
Interpretaties
De volgende interpretatiekeuzes zijn gemaakt:
- De selectie van begeleidings- en verstrekkingscodes is gebaseerd op de zorgactiviteiten uit groep 4 t/m 10 bij afsluitregel 1.0000.1.
Programmeerbare norm
Er is sprake van “Subtraject 'overbruggende behandeling t.b.v. immuun effectorcel therapie' mogelijk te laat gesloten (N0910)” als aan de volgende selectie is voldaan:
|
1) Alle subtrajecten van interne geneeskunde met daarin een zorgactiviteit 191013 (Aferese t.b.v. immuun effectorcel therapie)
|

|
|
2) In hetzelfde subtraject is na de datum van zorgactiviteit 191013 een begeleidings- of verstrekkingscode geregistreerd
|

|
|
3) Op de dag van de begeleidings- of verstrekkingscode is geen zorgactiviteit 191018 (Start overbruggende behandeling t.b.v. immuun effectorcel therapie) geregistreerd
|
Logica: 1 en 2 en 3
Berekening financiële impact
Zie Berekening financiële impact - Verschil waarde subtrajecten bij wijziging open- en/of sluitdata
