Kindergeneeskunde - Registratie voldoet aan de eisen van een zorgactiviteit medebehandeling (N4666)

Uit normenkaderzorg.nl
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Referentienummer: N4666
Behoort tot Normenkader ValueCare

Ziekenhuizen Volledigheid

  1. Ziekenhuizen Volledigheid - Diagnosebepaling - Fysiek Polikliniekbezoek
Samenvatting

Deze norm signaleert acties wanneer er sprake is van een opname van een patiënt < 2 jaar oud, voor een ander specialisme dan Kindergeneeskunde én zonder een zorgactiviteit met zorgprofielklasse 1 per opnamedag vastgelegd. Dit duidt erop dat er een zorgactiviteit medebehandeling (190017/190117) gemist wordt.

Deze norm is bedoeld voor ziekenhuizen met het intern beleid om patiënten tot een bepaalde leeftijd die opgenomen zijn voor een ander specialisme altijd door Kindergeneeskunde mee te laten behandelen.

Regelgeving / beleid
2021

Een zorgtraject met subtraject ZT11 wordt door de beroepsbeoefenaar die de poortfunctie uitvoert geopend indien de patiënt zich meldt met een nieuwe zorgvraag bij een instelling. Voor deze zorgvraag is bij het betreffende specialismen binnen deze instelling nog geen zorgtraject geopend. Dit blijkt uit het medisch dossier.

2021: NR/REG-2103a art. 5 lid 1


Medebehandeling (190017)
Er is sprake van medebehandeling wanneer een medisch specialist (of arts assistent, verpleegkundig specialist of physician assistant) die de poortfunctie uitvoert een patiënt, op verzoek van een ander poortspecialisme tijdens een klinische opname waarbij één of meer verpleegdagen, klinische zorgdagen in de thuissituatie, ic-dagen of verblijfsdagen ggz op een PAAZ of PUK zijn geregistreerd, voor een eigen zorgvraag gaat behandelen. Deze zorgactiviteit wordt per consult in het kader van medebehandeling vastgelegd.

2021: NR/REG-2103a art. 24 lid 20

2022

Een zorgtraject met subtraject ZT11 wordt door de beroepsbeoefenaar die de poortfunctie uitvoert geopend indien de patiënt zich meldt met een nieuwe zorgvraag bij een instelling. Voor deze zorgvraag is bij het betreffende specialismen binnen deze instelling nog geen zorgtraject geopend. Dit blijkt uit het medisch dossier.

2022: NR/REG-2207a art. 5 lid 1


Medebehandeling (190017)
Er is sprake van medebehandeling wanneer een medisch specialist (of arts assistent, verpleegkundig specialist of physician assistant) die de poortfunctie uitvoert een patiënt, op verzoek van een ander poortspecialisme tijdens een klinische opname waarbij één of meer verpleegdagen, klinische zorgdagen in de thuissituatie, ic-dagen (ook NICU of PICU) of verblijfsdagen ggz op een PAAZ of PUK zijn geregistreerd, voor een eigen zorgvraag gaat behandelen. Deze zorgactiviteit wordt per contact met de patiënt in het kader van medebehandeling vastgelegd. Een medebehandeling op afstand dient ter vervanging van een face-to-face contact en dient om die reden zowel zorginhoudelijk als qua tijdsduur te voldoen aan de voorwaarden die ook gelden voor reguliere face to-face contacten. Van dit contact vindt inhoudelijke verslaglegging plaats in het medisch dossier van de patiënt.

2022: NR/REG-2207a art. 24 lid 20

2023
Een zorgtraject met subtraject ZT11 wordt door de beroepsbeoefenaar die de poortfunctie uitvoert geopend indien de patiënt zich meldt met een nieuwe zorgvraag bij een instelling. Voor deze zorgvraag is bij het betreffende specialismen binnen deze instelling nog geen zorgtraject geopend. Dit blijkt uit het medisch dossier.

2023: NR/REG-2306a art. 5 lid 1


Medebehandeling (190117)
Er is sprake van medebehandeling wanneer een medisch specialist (of arts assistent, verpleegkundig specialist of physician assistant) die de poortfunctie uitvoert een patiënt, op verzoek van een ander medisch specialisme tijdens een periode van verblijf voor een ander specialisme, voor een eigen zorgvraag gaat behandelen. Voor deze periode van verblijf is minimaal één van de volgende zorgactiviteiten geregistreerd: verpleegdag, klinische zorgdag in de thuissituatie, ic-dag (ook NICU of PICU), verblijfsdagen ggz op een PAAZ of PUK, intensieve niet-electieve en langdurige kindergeneeskundige zorg met thuisovernachting, langdurige observatie zonder overnachting of dagverpleging. Een medebehandeling op afstand dient ter vervanging van een face-to-face contact en dient om die reden zowel zorginhoudelijk als qua tijdsduur te voldoen aan de voorwaarden die ook gelden voor reguliere face-to-face contacten. Van dit contact vindt inhoudelijke verslaglegging plaats in het medisch dossier van de patiënt.

2023: NR/REG-2306a art. 24 lid 20

2024
Een zorgtraject met subtraject ZT11 wordt door de beroepsbeoefenaar die de poortfunctie uitvoert geopend indien de patiënt zich meldt met een nieuwe zorgvraag bij een instelling. Voor deze zorgvraag is bij het betreffende specialismen binnen deze instelling nog geen zorgtraject geopend. Dit blijkt uit het medisch dossier.

2024: NR/REG-2403a art. 5 lid 1


Medebehandeling (190117)
Er is sprake van medebehandeling wanneer een medisch specialist (of arts assistent, verpleegkundig specialist of physician assistant) die de poortfunctie uitvoert een patiënt, op verzoek van een ander medisch specialisme tijdens een periode van verblijf voor een ander specialisme, voor een eigen zorgvraag gaat behandelen. Voor deze periode van verblijf is minimaal één van de volgende zorgactiviteiten geregistreerd: verpleegdag, klinische zorgdag in de thuissituatie, ic-dag (ook NICU of PICU), verblijfsdagen ggz op een PAAZ of PUK, intensieve niet-electieve en langdurige kindergeneeskundige zorg met thuisovernachting, langdurige observatie zonder overnachting of dagverpleging. Een medebehandeling op afstand dient ter vervanging van een face-to-face contact en dient om die reden zowel zorginhoudelijk als qua tijdsduur te voldoen aan de voorwaarden die ook gelden voor reguliere face-to-face contacten. Van dit contact vindt inhoudelijke verslaglegging plaats in het medisch dossier van de patiënt.

2024: NR/REG-2403a art. 24 lid 20

2025
Een zorgtraject met subtraject ZT11 wordt door de beroepsbeoefenaar die de poortfunctie uitvoert geopend indien de patiënt zich meldt met een nieuwe zorgvraag bij een instelling. Voor deze zorgvraag is bij het betreffende specialismen binnen deze instelling nog geen zorgtraject geopend. Dit blijkt uit het medisch dossier.

2025: Regeling medisch-specialistische zorg 2025 art. 5 lid 1


Medebehandeling (190117)
Er is sprake van medebehandeling wanneer een medisch specialist (of arts assistent, verpleegkundig specialist of physician assistant) die de poortfunctie uitvoert een patiënt, op verzoek van een ander medisch specialisme tijdens een periode van verblijf voor een ander specialisme, voor een eigen zorgvraag gaat behandelen. Voor deze periode van verblijf is minimaal één van de volgende zorgactiviteiten geregistreerd: verpleegdag, klinische zorgdag in de thuissituatie, ic-dag (ook NICU of PICU), verblijfsdagen ggz op een PAAZ of PUK, intensieve niet-electieve en langdurige kindergeneeskundige zorg met thuisovernachting, langdurige observatie zonder overnachting of dagverpleging. Een medebehandeling op afstand dient ter vervanging van een face-to-face contact en dient om die reden zowel zorginhoudelijk als qua tijdsduur te voldoen aan de voorwaarden die ook gelden voor reguliere face-to-face contacten. Van dit contact vindt inhoudelijke verslaglegging plaats in het medisch dossier van de patiënt.

2025: Regeling medisch-specialistische zorg 2025 art. 24 lid 20

Interpretaties

De volgende interpretatiekeuzes zijn gemaakt:

  1. Deze norm werkt aanvullend op de N4665 'Kindergeneeskunde - Registratie voldoet aan de eisen van medebehandeling, zorgactiviteit niet vastgelegd'. De N4665 ondersteunt in beleid dat voor een bepaalde leeftijd een parallel traject kindergeneeskunde aanwezig moet zijn. De N4666 ondersteunt in beleid dat er bij dagelijks face-to-face contact met een kinderarts een zorgactiviteit medebehandeling geregistreerd kan worden. Het aantal medebehandelingen in een subtraject heeft effect op de afleiding naar bijvoorbeeld licht of middel ambulant.
  2. Voor deze norm dient getoetst te worden of deze overeen komt met het intern beleid van het ziekenhuis, voordat deze in gebruik genomen kan worden. Daarnaast dient altijd middels dossiercontrole vastgesteld te worden dat er daadwerkelijk medebehandeling door een kinderarts heeft plaatsgevonden.
  3. De definitie van klinische opname in stap 1 van de programmeerbare norm is ontslagen na 7 uur met overnachting of een minimale opnameduur van 2 dagen.
  4. Klinische opnames voor Gynaecologie worden ook niet meegenomen in deze norm, omdat bij patiënten jonger dan 2 jaar het hier (vaak) gaat om een gezonde zuigeling.
  5. Per ziekenhuis kan het verschillend zijn tot welke leeftijd van een patiënt een kinderarts standaard in medebehandeling wordt geroepen bij een opname voor een ander specialisme. Daarom is het middels een ziekenhuisspecifieke parameter instelbaar tot welke leeftijd (in maanden) patiënten worden gesignaleerd. Default is deze ingesteld op 2 jaar (24 maanden). (N4666_LEEFTIJD)
  6. Optionele parameter: Middels een ziekenhuisspecifieke parameter is het mogelijk om de subtrajecten uit stap 3 van de programmeerbare norm te wijzigen naar andere zorgtypen. Default worden zorgtype 11, 13 en 21 gesignaleerd. (N4666_ZORGTYPES)
  7. Optionele parameter: Middels een ziekenhuisspecifieke parameter is het mogelijk om acties uit te sluiten indien een subtraject van kindergeneeskunde aanwezig is (ongeacht zorgtype of diagnose) met een startdatum voor en een sluitdatum na de klinische opname. Default worden subtrajecten van kindergeneeskunde geopend voor de klinische opname niet uitgesloten van signalering. (N4666_DBC_OPEN_VOOR_OPNAME_SIGNALEREN)
  8. Optionele parameter: Middels een ziekenhuisspecifieke parameter kan ervoor gekozen worden om bij alle normen onder de R06801 te vertragen op de ontslagdatum. Default wordt er vertraagd op basis van de opnamedatum en staat de vertraging op 0 dagen. Het vertragen op ontslagdatum zorgt ervoor dat signaleringen waarbij de ontslagdatum niet gevuld is of onbekend is ook uitgesloten worden.
  9. Optionele parameter: Middels een ziekenhuisspecifieke parameter kan ervoor gekozen worden om alleen acties te signaleren als er op de betreffende kalenderdag ook verslaglegging voor het specialisme Kindergeneeskunde is vastgelegd. Let op: De specialismebepaling van verslaglegging is niet honderd procent volledig, dit betekent dat door deze instelling door te voeren er ook terechte acties gemist zullen worden. Houd daarom rekening met dit risico in de afweging voor het instellen van deze parameter. (N4666_CHECK_KIN_VERSLAG)
  10. In stap 4 is zorgactiviteit 190017/190117 omgezet naar zorgactiviteiten met ZPK 1. Hier is voor gekozen om het aantal 'oplosbare' acties te optimaliseren. Hierdoor signaleren we bijvoorbeeld geen acties meer wanneer een kind op de SEH is gezien op de dag van opname en er hiervoor een consult is geregistreerd.
  11. Optionele parameter: Middels een ziekenhuisspecifieke parameter kan er gecontroleerd worden op de aanwezigheid van verslaglegging van het specialisme Kindergeneeskunde. Dit is alleen in te stellen mits de verslaglegging wordt meegenomen in de data-extractie, dit is niet standaard het geval.
  12. Optionele parameter: Middels een ziekenhuisspecifieke parameter kan ervoor gekozen worden om alleen acties te signaleren als er op de kalenderdag ook verslaglegging voor het specialisme Kindergeneeskunde is vastgelegd. Default wordt niet uitgesloten op basis van verslaglegging. Let op: de specialismebepaling van verslaglegging is niet honderd procent volledig, dit betekent dat door deze instelling door te voeren er ook terechte acties gemist zullen worden. Houd daarom rekening met dit risico in de afweging voor het instellen van deze parameter. Op dit moment alleen beschikbaar voor HiX.
Programmeerbare norm

Er is sprake van “Kindergeneeskunde - Registratie voldoet aan de eisen van een zorgactiviteit medebehandeling (N4666)” als aan de volgende selectie is voldaan:

1) Alle klinische opnames bij specialisme anders dan Kindergeneeskunde (AGB 16) en Gynaecologie (AGB 7)


2) Patiënt heeft een leeftijd jonger dan 2 jaar ten tijde van de opname


3) Er is een regulier subtraject Kindergeneeskunde (AGB 16) geregistreerd tijdens de opname


4) Er is geen zorgactiviteit met ZPK 1 door specialisme Kindergeneeskunde geregistreerd voor elke kalenderdag van de klinische opname

Logica: 1 en 2 en 3 en 4

Te nemen actie

Stel middels dossiercontrole vast of er dagelijks sprake is geweest van face-to-face contact met de kinderarts. Registreer in dat geval per face-to-face contact een medebehandeling (190017).

Berekening financiële impact

Het waardeverschil van het subtraject na het toevoegen van een gemiste zorgactiviteit medebehandeling (190017/190117) per kalenderdag wordt getoond als financiële impact.