
Behoort tot Normenkader ValueCare
- Ziekenhuizen Volledigheid 2015
Samenvatting
Een face-to-face contact met een zorgverlener die de poortfunctie (poortspecialist (of arts-assistent), interventie-radioloog, klinisch geneticus, SEH-arts KNMG (of arts-assistent), anesthesist als pijnbestrijder (of arts-assistent), verpleegkundig specialist of physician assistant) vervult kan duiden op behandeling voor een eigen zorgvraag en hiervoor mag een eigen subtraject geopend worden.
Regelgeving / beleid
Een zorgtraject met subtraject ZT11 wordt door de beroepsbeoefenaar die de poortfunctie uitvoert geopend indien de patiënt van buiten de instelling (extern) of vanuit de eigen instelling (intern) bij een specialisme (ook op de SEH) komt met een reguliere of spoedeisende zorgvraag waar nog geen zorgtraject voor is geopend, of waarvan de behandeling en diagnostiek niet passen binnen de context van een bestaande zorgvraag waar reeds een zorgtraject voor bestaat.
Wanneer er bij de behandeling van de patiënt in verband met verschillende zorgvragen meerdere specialismen zijn betrokken als hoofdbehandelaar, opent elk specialisme een eigen zorgtraject als sprake is van een eigen zorgvraag, diagnosestelling én behandeling.
(NR/REG-1732 art 5.1 en 5.2)
Poortfunctie: Typering van een zorgaanbieder die een zorgtraject voor medisch-specialistische zorg kan starten. De poortfunctie kan uitgevoerd worden door de poortspecialist en de volgende ondersteunende specialisten: interventie-radioloog (0362), anesthesist als pijnbestrijder (0389) en klinisch geneticus (0390). Daarnaast kan de poortfunctie ook uitgevoerd worden door de volgende beroepsbeoefenaren, niet zijnde medisch specialisten: arts-assistent, klinisch fysicus audioloog (1900), specialist ouderengeneeskunde (8418), SEH-arts KNMG, verpleegkundig specialist en physician assistant.
(BR/REG-17156 artikel 3.z, 3.cc en 3.bb)
Een zorgtraject met subtraject ZT11 wordt door de beroepsbeoefenaar die de poortfunctie uitvoert geopend indien de patiënt van buiten de instelling (extern) of vanuit de eigen instelling (intern) bij een specialisme (ook op de SEH) komt met een reguliere of spoedeisende zorgvraag waar nog geen zorgtraject voor is geopend, of waarvan de behandeling en diagnostiek niet passen binnen de context van een bestaande zorgvraag waar reeds een zorgtraject voor bestaat.
(NR/REG-1732 artikel 5)
Polikliniekbezoek (190007, 190008, 190013, 190060, 190063, 090613 en 090614) Bij een ‘eerste polikliniekbezoek’ (190007, 190060 en 090613) en bij een ‘herhaal-polikliniekbezoek’ (190008, 190013 en 090614) moet sprake zijn van:
face-to-face contact tussen patiënt en poortspecialist, SEH-arts KNMG, anesthesist als pijnbestrijder, interventieradioloog, klinisch geneticus, arts-assistent, verpleegkundig specialist of physician assistant en;
‘hulp door of vanwege het ziekenhuis’ (waarbij de locatie (polikliniek, SEH, buitenpolikliniek, verpleeghuis) in onderhandeling tussen zorgverzekeraar en zorgaanbieder overeengekomen kan worden).
De volgende zorgactiviteiten kunnen niet worden aangemerkt als een polikliniekbezoek:
medische keuring;
-intercollegiaal consult;
-medebehandeling van een klinische patiënt;
-overname van een klinische patiënt;
-intake gesprek voor een (klinische) opname;
-enkel uitvoeren van een vooraf ingeplande verrichting zonder een consult;
-consult of spreekuur met patiënten; diagnostiek (zoals laboratorium- of röntgenonderzoeken) op verzoek van derden (bijvoorbeeld huisarts);
-telefonisch consult.
(NR/REG-1732 artikel 24.1)
Klinisch intercollegiaal consult (icc) (190009)
Een diagnostisch of screenend contact van een medisch specialist (of arts-assistent) die de poortfunctie uitvoert op verzoek van de hoofdbehandelaar met een patiënt tijdens een klinische opname voor een ander specialisme.
Medebehandeling (190017)
Er is sprake van medebehandeling wanneer een medisch specialist (of arts assistent) die de poortfunctie uitvoert een patiënt, op verzoek van een ander poortspecialisme tijdens een klinische opname waarbij één of meer verpleegdagen en/of ic-behandeldagen of verblijfsdagen ggz op een PAAZ of PUK zijn geregistreerd, voor een eigen zorgvraag gaat behandelen. Deze zorgactiviteit kan per consult in het kader van medebehandeling worden vastgelegd.
(NR/REG-1732 artikel 24.44 en 24.45)
Interpretaties
Voor de selectie op face-to-face contact wordt gekeken naar ZPK1 (polikliniek- en eerste hulpbezoek).
Binnen deze norm kan het ziekenhuis middels een parameter instellen of zwevende consulten die zacht te koppelen zijn aan het subtraject van de aanvrager ook meegenomen worden, deze consulten worden in principe ook op de controle rond zwevende verrichtingen getoond.
Programmeerbare norm
Er is sprake van “Subtrajecten – Openen eigen subtraject o.b.v. face to face contact poortfunctie (N4010)” als aan de volgende selectie is voldaan:
|
1) Zorgactiviteit face-to-face (ZPK1, 038940 of 038941) uitgevoerd door een zorgverlener die de poortfunctie vervult
|

|
|
2) Zorgactiviteit is hard of zacht gekoppeld aan het subtraject van het aanvragend specialisme
|
Logica: 1 en 2
Te nemen actie
Openen eigen subtraject voor uitvoerder van het face-to-face contact en omhangen van het face-to-face contact.
Berekening financiële impact
Waarde subtraject
