Subtrajecten – Openen eigen operatieve subtraject (N4115)
Referentienummer: N4115
Behoort tot Normenkader ValueCare
Ziekenhuizen Volledigheid
Samenvatting
Deze norm signaleert acties wanneer een operatieve zorgactiviteit (zorgprofielklasse 5) uitgevoerd door een poortspecialist gekoppeld is aan een subtraject met een ander uitvoerend specialisme. Dit duidt erop dat de operatieve zorgactiviteit verkeerd gekoppeld is of dat er een nieuw operatief subtraject geopend kan worden.
Regelgeving / beleid
| 2021 |
|---|
| Ondersteunend specialist
Een specialist die niet als poortspecialist fungeert en die medisch-specialistische zorghandelingen uitvoert in het kader van een zorgtraject van een poortspecialist. Een ondersteunend specialist heeft dus geen eigen zorgtraject. Poortspecialist 2021: NR/REG-2103a art. 1 lid aa en ee Een zorgtraject met subtraject ZT11 wordt door de beroepsbeoefenaar die de poortfunctie uitvoert geopend indien de patiënt zich meldt met een nieuwe zorgvraag bij een instelling. Voor deze zorgvraag is bij het betreffende specialismen binnen deze instelling nog geen zorgtraject geopend. Dit blijkt uit het medisch dossier. 2021: NR/REG-2103a art. 5 lid 1 Als er sprake is van een multidisciplinaire behandeling kunnen er voor dezelfde zorgvraag van een patiënt meerdere zorgtrajecten worden geopend. Er is sprake van multidisciplinaire behandeling indien er sprake is van één zorgvraag waarbij meerdere poortspecialismen als hoofdbehandelaar optreden en verantwoordelijk zijn voor het uit te voeren beleid met betrekking tot de zorgvraag. |
| 2022 |
|---|
| Ondersteunend specialist
Een specialist die niet als poortspecialist fungeert en die medisch-specialistische zorghandelingen uitvoert in het kader van een zorgtraject van een poortspecialist. Een ondersteunend specialist heeft dus geen eigen zorgtraject. Poortspecialist 2022: NR/REG-2207a art. 1 lid aa en ee Een zorgtraject met subtraject ZT11 wordt door de beroepsbeoefenaar die de poortfunctie uitvoert geopend indien de patiënt zich meldt met een nieuwe zorgvraag bij een instelling. Voor deze zorgvraag is bij het betreffende specialismen binnen deze instelling nog geen zorgtraject geopend. Dit blijkt uit het medisch dossier. 2022: NR/REG-2207a art. 5 lid 1 Als er sprake is van een multidisciplinaire behandeling kunnen er voor dezelfde zorgvraag van een patiënt meerdere zorgtrajecten worden geopend. Er is sprake van multidisciplinaire behandeling indien er sprake is van één zorgvraag waarbij meerdere poortspecialismen als hoofdbehandelaar optreden en verantwoordelijk zijn voor het uit te voeren beleid met betrekking tot de zorgvraag. |
| 2023 |
|---|
| Ondersteunend specialist
Een specialist die niet als poortspecialist fungeert en die medisch-specialistische zorghandelingen uitvoert in het kader van een zorgtraject van een poortspecialist. Een ondersteunend specialist heeft dus geen eigen zorgtraject. Poortspecialist 2023: NR/REG-2306a art. 1 lid aa en ee Een zorgtraject met subtraject ZT11 wordt door de beroepsbeoefenaar die de poortfunctie uitvoert geopend indien de patiënt zich meldt met een nieuwe zorgvraag bij een instelling. Voor deze zorgvraag is bij het betreffende specialismen binnen deze instelling nog geen zorgtraject geopend. Dit blijkt uit het medisch dossier. 2023: NR/REG-2306a art. 5 lid 1 Als er sprake is van een multidisciplinaire behandeling kunnen er voor dezelfde zorgvraag van een patiënt meerdere zorgtrajecten worden geopend. Er is sprake van multidisciplinaire behandeling indien er sprake is van één zorgvraag waarbij meerdere poortspecialismen als hoofdbehandelaar optreden en verantwoordelijk zijn voor het uit te voeren beleid met betrekking tot de zorgvraag. |
| 2024 |
|---|
| Ondersteunend specialist
Een specialist die niet als poortspecialist fungeert en die medisch-specialistische zorghandelingen uitvoert in het kader van een zorgtraject van een poortspecialist. Een ondersteunend specialist heeft dus geen eigen zorgtraject. Poortspecialist 2024: NR/REG-2403a art. 1 lid aa en ee Een zorgtraject met subtraject ZT11 wordt door de beroepsbeoefenaar die de poortfunctie uitvoert geopend indien de patiënt zich meldt met een nieuwe zorgvraag bij een instelling. Voor deze zorgvraag is bij het betreffende specialismen binnen deze instelling nog geen zorgtraject geopend. Dit blijkt uit het medisch dossier. 2024: NR/REG-2403a art. 5 lid 1 Als er sprake is van een multidisciplinaire behandeling kunnen er voor dezelfde zorgvraag van een patiënt meerdere zorgtrajecten worden geopend. Er is sprake van multidisciplinaire behandeling indien er sprake is van één zorgvraag waarbij meerdere poortspecialismen verantwoordelijk zijn voor het uit te voeren beleid met betrekking tot de zorgvraag |
| 2025 |
|---|
| Ondersteunend specialist
Een specialist die niet als poortspecialist fungeert en die medisch-specialistische zorghandelingen uitvoert in het kader van een zorgtraject van een poortspecialist. Een ondersteunend specialist heeft dus geen eigen zorgtraject. Poortspecialist 2025: Regeling medisch-specialistische zorg 2025 art. 1 lid aa en ee
2025: Regeling medisch-specialistische zorg 2025 art. 5 lid 1
2025: Regeling medisch-specialistische zorg 2025 art. 5 lid 2a |
Interpretaties
De volgende interpretatiekeuzes zijn gemaakt:
- Optionele parameter: Middels een ziekenhuisspecifieke parameter is het mogelijk om zorgactiviteiten uit andere zorgprofielklassen te signaleren op deze norm. Standaard wordt er alleen naar zorgactiviteiten uit zorgprofielklasse 5 gekeken. (N4115_ZPK_CODE) Daarnaast zijn er al een aantal soortgelijke normen die specifieke naar zorgactiviteiten uit andere zorgprofielklassen kijken zoals de N2117 (ZPK1), N4012 (SEH consulten 190015 en 190016) en de N4765 (ZPK 2 en 3).
- Optionele parameter: Middels een ziekenhuisspecifieke parameter is het mogelijk om extra CTG codes toe te voegen om mee te nemen binnen de controle. Standaard worden alleen CTG codes binnen ZPK 5 meegenomen (zie interpretatie 1). (N4115_EXTRA_CTG_CODE)
- Optionele parameter: Middels een ziekenhuisspecifieke parameter kunnen zacht gekoppelde zorgactiviteiten uitgesloten worden van signaleringen, waardoor je alleen hard gekoppelde zorgactiviteiten signaleert. Standaard wordt er ook naar zacht te koppelen zorgactiviteiten gekeken. (N4115_HARD_GEKOPPELD)
- Optionele parameter: Middels een ziekenhuisspecifieke parameter is het mogelijk om Q-trajecten (voorkomend binnen HiX) uit te sluiten binnen deze controle. Default worden Q-DBC's meegenomen binnen deze controle. (N4115_QDBC)
- Optionele parameter: Middels een ziekenhuisspecifieke parameter is het mogelijk om bepaalde CTG codes uit te sluiten van signalering. Standaard worden alleen CTG codes binnen ZPK 5 meegenomen voor signalering. (N4115_UITSL_CTG_CODE)
- Optionele parameter: Middels een ziekenhuisspecifieke parameter is het mogelijk om bepaalde combinaties van specialismen uit te sluiten van signalering. Bijvoorbeeld subtraject van Chirurgie i.c.m. een operatieve zorgactiviteit uitgevoerd door Orthopedie. Default worden geen combinaties van specialismen uitgesloten. (N4115_UITSL_SPECIALISME_KOPPEL)
- Optionele parameters: Middels twee ziekenhuisspecifieke parameters kunnen zorgactiviteiten bij bepaalde ondersteunende specialismen meegenomen worden. Hiervoor moet dan de parameter voor het instellen van een extra AGB ingevuld worden met een ondersteunend specialisme en de parameter voor het instellen van een extra CTG code bij een bepaald specialisme. Standaard wordt er alleen naar poortspecialismen i.c.m. ZPK 5 gekeken bij deze controle (zie interpretatie 1). (N4115_AGB_SPECIALISME) (N4115_AGB_EXTRA_CTG)
- Optionele parameter: Middels een ziekenhuisspecifieke parameter is het mogelijk om bepaalde combinaties van ondersteunende en poortspecialismen uit te sluiten van signalering. Dit is alleen relevant wanneer de parameter(s) uit interpretatie 7 ingesteld zijn. Default worden geen combinaties van specialismen uitgesloten. (N4115_UITSL_SPECIALISME_KOPPEL_OND_TR)
Programmeerbare norm
Er is sprake van “Subtrajecten – Openen eigen operatieve subtraject (N4115)” als aan de volgende selectie is voldaan:
Te nemen actie
Er is een parallel subtraject aanwezig voor de uitvoerder van de zorgactiviteit
Omhangen van de zorgactiviteit naar het parallelle subtraject.
Er is geen parallel subtraject aanwezig voor de uitvoerder van de zorgactiviteit
Open een nieuw subtraject en koppel de zorgactiviteiten aan het desbetreffende subtraject.
Berekening financiële impact
Er is een parallel subtraject aanwezig voor de uitvoerder van de zorgactiviteit
Het waardeverschil tussen de gesignaleerd DBC en de parallelle DBC wordt getoond als financiële impact. Hiervoor wordt het omhangen van de gesignaleerde zorgactiviteiten naar het parallelle subtraject gesimuleerd en worden beide subtrajecten opnieuw gegrouperd om zo het waardeverschil te berekenen.
Er is geen parallel subtraject aanwezig voor de uitvoerder van de zorgactiviteit
Het waardeverschil tussen de gesignaleerde DBC en een nieuwe DBC wordt getoond als financiële impact. Om de waarde van de nieuwe DBC te berekenen wordt het openen van een subtraject van het uitvoerende specialisme van de gesignaleerde zorgactiviteit met de meest aannemelijke diagnose gesimuleerd. De meest aannemelijk diagnose wordt bepaald door te kijken welke diagnose het meest voorkomt bij een DBC met de gesignaleerde zorgactiviteit of zorgactiviteiten bij het betreffende specialisme.