Deprecated: Use of MediaWiki\Skin\Skin::appendSpecialPagesLinkIfAbsent was deprecated in MediaWiki 1.44. [Called from MediaWiki\Skin\Skin::buildSidebar in /var/www/html/includes/skins/Skin.php at line 1639] in /var/www/html/includes/debug/MWDebug.php on line 386
Productie - Cliënt zonder regelmatige rapportage (R45712)
De printervriendelijke versie wordt niet langer ondersteund en kan weergavefouten bevatten. Werk uw browserbladwijzers bij en gebruik de gewone afdrukfunctie van de browser.
Om de feitelijke levering van zorg aan te tonen, moeten er regelmatig rapportages beschikbaar zijn. Deze controle verifieert of er in elke maand waarin productie is gekoppeld aan een lopende zorglegitimatie, minimaal een instelbaar aantal rapportages wordt vastgelegd. Daarnaast moet elke rapportage ten minste een instelbaar aantal woorden bevatten.
Risico
Feitelijke levering heeft niet plaatsgevonden.
Regelgeving / beleid
2022
De basis voor de declaratie is de (gecorrigeerde) planning. De basis voor deze planning is de tijdsindicatie gebaseerd op het zorgplan en latere input vanuit de werkelijke zorgverlening, waarvoor de zorginhoudelijke onderbouwing terug te vinden is in de voortgangsrapportage. Er wordt geen verantwoording gevraagd in het zorgplan, de voortgangsrapportage of op welke wijze dan ook, met feitelijk geleverde minuteninzet, buiten de (gecorrigeerde) planning. De geleverde zorg is navolgbaar in de vastleggingen binnen het primair zorgproces terug te vinden. Dit betreft de zorginhoud en niet de feitelijk geleverde minuteninzet.
In relatie tot de verantwoording van gedeclareerde tijd achteraf is het belangrijk dat de (gewijzigde) tijdsindicatie over langere tijd bezien – gerelateerd aan de ontwikkeling van de zorgvraag – parallel loopt met wat is vastgelegd in het zorgplan en/of de voortgangsrapportage. Kortstondige wijzigingen in de situatie van de cliënt of een reeds verwachtte wijziging in de situatie van de cliënt hoeven namelijk niet te leiden tot aanpassing van het zorgplan. Hierbij valt te denken aan afbouw van zorg na een heupoperatie of geleidelijke intensivering van zorg in verband met een progressief ziektebeeld. Deze situaties worden in dat geval verantwoord door middel van de voortgangsrapportage.
Correcties (‘tenzij’) achteraf Onvoorziene omstandigheden kunnen ertoe leiden dat aan het einde van de dag een correctie moet plaatsvinden. Over het algemeen zullen dit incidentele afwijkingen zijn n.a.v. een gebeurtenis of omstandigheid die dag en daarom terug te vinden in de voortgangsrapportage. Correcties worden toegewezen aan één of meerdere cliënten, omdat het declareren van de zorg op cliëntniveau moet plaatsvinden.
Onverwachte en incidentele afwijking Onverwachte en incidentele schommelingen (bijvoorbeeld koorts, kortdurende infectie, fluctuatie in mantelzorg) worden beschreven in de voortgangsrapportage tot het eventuele moment dat dit leidt tot een structurele wijziging in het zorgplan (i.e. zorgvraag en doelen zijn structureel veranderd).
De evaluatie van de bereikte zorgresultaten (tussenevaluatie) vindt doorlopend plaats in het hele
zorgtraject. De tussenevaluatie wordt in de voortgangsrapportage beschreven. Voor elk
cliëntprobleem houd je indien nodig een voortgangsrapportage bij. De voortgangsrapportage is
een communicatiemiddel tussen verpleegkundigen en verzorgenden onderling en met andere
disciplines. Opvolgende beroepsbeoefenaren moeten aan de hand van de voortgangsrapportage
de zorgverlening kunnen continueren. Daarnaast is de voortgangsrapportage van belang voor het
bijsturen van de zorg op grond van de actuele situatie van de cliënt. Een voortgangsrapportage
wordt ook wel ‘tussenrapportage’ genoemd.
Om de continuïteit van de zorg te waarborgen is het van belang dat je in de voortgangsrapportage:
observaties noteert van omstandigheden of gebeurtenissen gerelateerd aan een specifiek cliëntprobleem;
de omstandigheden of gebeurtenissen beschrijft die aanleiding waren om de beschreven cliëntproblemen aan te passen;
een reden geeft indien je interventies niet volgens het zorgplan hebt uitgevoerd;
uitgevoerde interventies die niet in het zorgplan opgenomen waren noteert met de reden voor uitvoering;
de omstandigheden of gebeurtenissen beschrijft die tot bijstelling van de zorg en het zorgplan kunnen leiden;
informatie noteert die van invloed is op de totale (multidisciplinaire) zorgverlening en behandeling.
De basis voor de declaratie is de (gecorrigeerde) planning. De basis voor deze planning is de tijdsindicatie gebaseerd op het zorgplan en latere input vanuit de werkelijke zorgverlening, waarvoor de zorginhoudelijke onderbouwing terug te vinden is in de voortgangsrapportage. Er wordt geen verantwoording gevraagd in het zorgplan, de voortgangsrapportage of op welke wijze dan ook, met feitelijk geleverde minuteninzet, buiten de (gecorrigeerde) planning. De geleverde zorg is navolgbaar in de vastleggingen binnen het primair zorgproces terug te vinden. Dit betreft de zorginhoud en niet de feitelijk geleverde minuteninzet.
In relatie tot de verantwoording van gedeclareerde tijd achteraf is het belangrijk dat de (gewijzigde) tijdsindicatie over langere tijd bezien – gerelateerd aan de ontwikkeling van de zorgvraag – parallel loopt met wat is vastgelegd in het zorgplan en/of de voortgangsrapportage. Kortstondige wijzigingen in de situatie van de cliënt of een reeds verwachtte wijziging in de situatie van de cliënt hoeven namelijk niet te leiden tot aanpassing van het zorgplan. Hierbij valt te denken aan afbouw van zorg na een heupoperatie of geleidelijke intensivering van zorg in verband met een progressief ziektebeeld. Deze situaties worden in dat geval verantwoord door middel van de voortgangsrapportage.
Correcties (‘tenzij’) achteraf Onvoorziene omstandigheden kunnen ertoe leiden dat aan het einde van de dag een correctie moet plaatsvinden. Over het algemeen zullen dit incidentele afwijkingen zijn n.a.v. een gebeurtenis of omstandigheid die dag en daarom terug te vinden in de voortgangsrapportage. Correcties worden toegewezen aan één of meerdere cliënten, omdat het declareren van de zorg op cliëntniveau moet plaatsvinden.
Onverwachte en incidentele afwijking Onverwachte en incidentele schommelingen (bijvoorbeeld koorts, kortdurende infectie, fluctuatie in mantelzorg) worden beschreven in de voortgangsrapportage tot het eventuele moment dat dit leidt tot een structurele wijziging in het zorgplan (i.e. zorgvraag en doelen zijn structureel veranderd).
De evaluatie van de bereikte zorgresultaten (tussenevaluatie) vindt doorlopend plaats in het hele
zorgtraject. De tussenevaluatie wordt in de voortgangsrapportage beschreven. Voor elk
cliëntprobleem houd je indien nodig een voortgangsrapportage bij. De voortgangsrapportage is
een communicatiemiddel tussen verpleegkundigen en verzorgenden onderling en met andere
disciplines. Opvolgende beroepsbeoefenaren moeten aan de hand van de voortgangsrapportage
de zorgverlening kunnen continueren. Daarnaast is de voortgangsrapportage van belang voor het
bijsturen van de zorg op grond van de actuele situatie van de cliënt. Een voortgangsrapportage
wordt ook wel ‘tussenrapportage’ genoemd.
Om de continuïteit van de zorg te waarborgen is het van belang dat je in de voortgangsrapportage:
observaties noteert van omstandigheden of gebeurtenissen gerelateerd aan een specifiek cliëntprobleem;
de omstandigheden of gebeurtenissen beschrijft die aanleiding waren om de beschreven cliëntproblemen aan te passen;
een reden geeft indien je interventies niet volgens het zorgplan hebt uitgevoerd;
uitgevoerde interventies die niet in het zorgplan opgenomen waren noteert met de reden voor uitvoering;
de omstandigheden of gebeurtenissen beschrijft die tot bijstelling van de zorg en het zorgplan kunnen leiden;
informatie noteert die van invloed is op de totale (multidisciplinaire) zorgverlening en behandeling.
De basis voor de declaratie is de (gecorrigeerde) planning. De basis voor deze planning is de tijdsindicatie gebaseerd op het zorgplan en latere input vanuit de werkelijke zorgverlening, waarvoor de zorginhoudelijke onderbouwing terug te vinden is in de voortgangsrapportage. Er wordt geen verantwoording gevraagd in het zorgplan, de voortgangsrapportage of op welke wijze dan ook, met feitelijk geleverde minuteninzet, buiten de (gecorrigeerde) planning. De geleverde zorg is navolgbaar in de vastleggingen binnen het primair zorgproces terug te vinden. Dit betreft de zorginhoud en niet de feitelijk geleverde minuteninzet.
In relatie tot de verantwoording van gedeclareerde tijd achteraf is het belangrijk dat de (gewijzigde) tijdsindicatie over langere tijd bezien – gerelateerd aan de ontwikkeling van de zorgvraag – parallel loopt met wat is vastgelegd in het zorgplan en/of de voortgangsrapportage. Kortstondige wijzigingen in de situatie van de cliënt of een reeds verwachtte wijziging in de situatie van de cliënt hoeven namelijk niet te leiden tot aanpassing van het zorgplan. Hierbij valt te denken aan afbouw van zorg na een heupoperatie of geleidelijke intensivering van zorg in verband met een progressief ziektebeeld. Deze situaties worden in dat geval verantwoord door middel van de voortgangsrapportage.
Correcties (‘tenzij’) achteraf Onvoorziene omstandigheden kunnen ertoe leiden dat aan het einde van de dag een correctie moet plaatsvinden. Over het algemeen zullen dit incidentele afwijkingen zijn n.a.v. een gebeurtenis of omstandigheid die dag en daarom terug te vinden in de voortgangsrapportage. Correcties worden toegewezen aan één of meerdere cliënten, omdat het declareren van de zorg op cliëntniveau moet plaatsvinden.
Onverwachte en incidentele afwijking Onverwachte en incidentele schommelingen (bijvoorbeeld koorts, kortdurende infectie, fluctuatie in mantelzorg) worden beschreven in de voortgangsrapportage tot het eventuele moment dat dit leidt tot een structurele wijziging in het zorgplan (i.e. zorgvraag en doelen zijn structureel veranderd).
De evaluatie van de bereikte zorgresultaten (tussenevaluatie) vindt doorlopend plaats in het hele
zorgtraject. De tussenevaluatie wordt in de voortgangsrapportage beschreven. Voor elk
cliëntprobleem houd je indien nodig een voortgangsrapportage bij. De voortgangsrapportage is
een communicatiemiddel tussen verpleegkundigen en verzorgenden onderling en met andere
disciplines. Opvolgende beroepsbeoefenaren moeten aan de hand van de voortgangsrapportage
de zorgverlening kunnen continueren. Daarnaast is de voortgangsrapportage van belang voor het
bijsturen van de zorg op grond van de actuele situatie van de cliënt. Een voortgangsrapportage
wordt ook wel ‘tussenrapportage’ genoemd.
Om de continuïteit van de zorg te waarborgen is het van belang dat je in de voortgangsrapportage:
observaties noteert van omstandigheden of gebeurtenissen gerelateerd aan een specifiek cliëntprobleem;
de omstandigheden of gebeurtenissen beschrijft die aanleiding waren om de beschreven cliëntproblemen aan te passen;
een reden geeft indien je interventies niet volgens het zorgplan hebt uitgevoerd;
uitgevoerde interventies die niet in het zorgplan opgenomen waren noteert met de reden voor uitvoering;
de omstandigheden of gebeurtenissen beschrijft die tot bijstelling van de zorg en het zorgplan kunnen leiden;
informatie noteert die van invloed is op de totale (multidisciplinaire) zorgverlening en behandeling.
De basis voor de declaratie is de (gecorrigeerde) planning. De basis voor deze planning is de tijdsindicatie gebaseerd op het zorgplan en latere input vanuit de werkelijke zorgverlening, waarvoor de zorginhoudelijke onderbouwing terug te vinden is in de voortgangsrapportage. Er wordt geen verantwoording gevraagd in het zorgplan, de voortgangsrapportage of op welke wijze dan ook, met feitelijk geleverde minuteninzet, buiten de (gecorrigeerde) planning. De geleverde zorg is navolgbaar in de vastleggingen binnen het primair zorgproces terug te vinden. Dit betreft de zorginhoud en niet de feitelijk geleverde minuteninzet.
In relatie tot de verantwoording van gedeclareerde tijd achteraf is het belangrijk dat de (gewijzigde) tijdsindicatie over langere tijd bezien – gerelateerd aan de ontwikkeling van de zorgvraag – parallel loopt met wat is vastgelegd in het zorgplan en/of de voortgangsrapportage. Kortstondige wijzigingen in de situatie van de cliënt of een reeds verwachtte wijziging in de situatie van de cliënt hoeven namelijk niet te leiden tot aanpassing van het zorgplan. Hierbij valt te denken aan afbouw van zorg na een heupoperatie of geleidelijke intensivering van zorg in verband met een progressief ziektebeeld. Deze situaties worden in dat geval verantwoord door middel van de voortgangsrapportage.
Correcties (‘tenzij’) achteraf Onvoorziene omstandigheden kunnen ertoe leiden dat aan het einde van de dag een correctie moet plaatsvinden. Over het algemeen zullen dit incidentele afwijkingen zijn n.a.v. een gebeurtenis of omstandigheid die dag en daarom terug te vinden in de voortgangsrapportage. Correcties worden toegewezen aan één of meerdere cliënten, omdat het declareren van de zorg op cliëntniveau moet plaatsvinden.
Onverwachte en incidentele afwijking Onverwachte en incidentele schommelingen (bijvoorbeeld koorts, kortdurende infectie, fluctuatie in mantelzorg) worden beschreven in de voortgangsrapportage tot het eventuele moment dat dit leidt tot een structurele wijziging in het zorgplan (i.e. zorgvraag en doelen zijn structureel veranderd).
De evaluatie van de bereikte zorgresultaten (tussenevaluatie) vindt doorlopend plaats in het hele
zorgtraject. De tussenevaluatie wordt in de voortgangsrapportage beschreven. Voor elk
cliëntprobleem houd je indien nodig een voortgangsrapportage bij. De voortgangsrapportage is
een communicatiemiddel tussen verpleegkundigen en verzorgenden onderling en met andere
disciplines. Opvolgende beroepsbeoefenaren moeten aan de hand van de voortgangsrapportage
de zorgverlening kunnen continueren. Daarnaast is de voortgangsrapportage van belang voor het
bijsturen van de zorg op grond van de actuele situatie van de cliënt. Een voortgangsrapportage
wordt ook wel ‘tussenrapportage’ genoemd.
Om de continuïteit van de zorg te waarborgen is het van belang dat je in de voortgangsrapportage:
observaties noteert van omstandigheden of gebeurtenissen gerelateerd aan een specifiek cliëntprobleem;
de omstandigheden of gebeurtenissen beschrijft die aanleiding waren om de beschreven cliëntproblemen aan te passen;
een reden geeft indien je interventies niet volgens het zorgplan hebt uitgevoerd;
uitgevoerde interventies die niet in het zorgplan opgenomen waren noteert met de reden voor uitvoering;
de omstandigheden of gebeurtenissen beschrijft die tot bijstelling van de zorg en het zorgplan kunnen leiden;
informatie noteert die van invloed is op de totale (multidisciplinaire) zorgverlening en behandeling.
Om de levering van zorg te verantwoorden wordt elke maand voor elke cliënt een X (instelbaar) aantal rapportages verwacht.
Als in een maand de zorglegitimatie begint of eindigt, wordt het aantal verwachtte rapportages afgerond afhankelijk van welk percentage van de maand onder de zorglegitimatie valt. Als het aantal verwachtte rapportages is ingesteld op 2, dan wordt er afgerond op 0, 1, of 2 rapportages.
Instelbaar
De volgende zaken zijn instelbaar:
De startdatum van de controle is in te stellen (standaard = 01-01-2022).
De financieringsstromen die meegaan in de controle zijn in te stellen (standaard = ZVW en WLZ).
Het minimaal aantal rapportages in elke maand zijn in te stellen (standaard = 2).
Het minimaal aantal woorden per rapportage zijn in te stellen (standaard = 3).
Instelbaar om enkel cliënten nu in zorg mee te nemen (standaard = nee).
Instelbaar om rekening te houden met het aantal contacten per maand (standaard = ja). Als dit is ingesteld ('ja') hoeft het aantal rapportages niet groter te zijn dan het aantal contacten in die maand, ook niet als dat onder het ingestelde minimum ligt. Bijvoorbeeld voor een maand met enkel één contact wordt ook één rapportage verwacht.
Instelbaar om contacten met bepaalde activiteit codes uit te sluiten (standaard = geen). Dit heeft enkel effect als er volgens parameter 6 rekening wordt gehouden met aantal contacten.
Instelbaar om rapportages met enkel meetwaarde(s) ook mee te tellen (standaard = nee).
Het uitsluiten van bepaalde eenheden waarin producten worden geschreven (standaard = geen).
Programmeerbare norm
Er is sprake van “Productie - Cliënt zonder regelmatige rapportage (R45712)” als aan de volgende selectie is voldaan:
1) Selecteer elke maand met productie gekoppeld aan een lopende zorglegitimatie
2) Er zijn minder rapportages dan verwacht met minstens xxx woorden