Deprecated: Use of MediaWiki\Skin\Skin::appendSpecialPagesLinkIfAbsent was deprecated in MediaWiki 1.44. [Called from MediaWiki\Skin\Skin::buildSidebar in /var/www/html/includes/skins/Skin.php at line 1639] in /var/www/html/includes/debug/MWDebug.php on line 386
Deelwaarneming - Klinische periode verdeeld over meerdere subtrajecten binnen 1 specialisme (niet automatiseerbare afsluitregels) (N0687-HR2023)
Uit normenkaderzorg.nl
Versie door Lnijland(overleg | bijdragen) op 7 dec 2022 om 09:14 (Nieuwe pagina aangemaakt met '<p style="text-align: center">{{VALUECARE}}</p> ===== Referentienummer: N0687-HR2023 ===== ===== Link naar Handreiking MSZ ===== Handreiking_Re...')
Er mag maximaal één klinische opname per patiënt per klinisch verblijf in het ziekenhuis geregistreerd worden. Het verdelen van verpleegdagen mag niet in verband met het risico dat er meerdere klinische trajecten worden gedeclareerd.
Regelgeving / beleid
2023
Bij parallelliteit (binnen één specialisme) tijdens een klinische periode worden verpleegdagen en
klinische zorgdagen in de thuissituatie aan één subtraject gekoppeld. Verpleegdagen en klinische zorgdagen
in de thuissituatie worden gekoppeld aan het subtraject van de beroepsbeoefenaar die de poortfunctie
uitvoert en verantwoordelijk is voor deze opname. Het verdelen van verpleegdagen en klinische zorgdagen
in de thuissituatie is niet toegestaan. Indien er vanuit het medisch dossier aantoonbaar sprake is van
overdracht van het klinische hoofdbehandelaarschap aan een ander poortspecialisme, worden de
opvolgende verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie gekoppeld aan het subtraject van de
'nieuwe' hoofdbehandelaar.
2023: NR/REG-2306a Toelichting art. 23 lid 7
.Voor het poortspecialisme cardiologie gelden specifieke afsluitregels voor zorgtrajecten in verband met
niet toegestane parallelliteit. Een zorgtraject met één of meer subtrajecten met ZT11 of ZT21 wordt bij
het poortspecialisme cardiologie afgesloten op het moment dat zich bij de patiënt een andere/nieuwe
zorgvraag voordoet waarvoor een nieuw zorgtraject voor cardiologie wordt geopend.
Cardiologie (1.0320.3) Voor het specialisme cardiologie worden subtrajecten met ZT11 en ZT21 als volgt afgesloten:
a. Bij een klinische opname of dagverpleging (geen hartrevalidatie) wordt het subtraject afgesloten:
op datum van klinisch ontslag of dagverpleging (ZPK2) behalve bij vervolg subtrajecten (ZT21) op de dagverpleging in het kader van diagnostiek of elektrocardioversie;
wanneer zich bij de patiënt een andere/nieuwe zorgvraag voordoet waarvoor een nieuw zorgtraject wordt geopend (vanwege niet toegestane parallelliteit).
b. Bij een poliklinisch subtraject (geen hartrevalidatie) wordt het subtraject afgesloten:
Subtraject met ZT11: op de 90e dag na de opening van het subtraject; tenzij zich bij de patiënt een andere/nieuwe zorgvraag voordoet waarvoor een nieuw zorgtraject wordt geopend (vanwege niet toegestane parallelliteit). In dat geval wordt het subtraject één dag voor opening van het nieuwe zorgtraject afgesloten.
Subtraject met ZT21: op de 120e dag na de opening van het subtraject; tenzij zich bij de patiënt een andere/nieuwe zorgvraag voordoet waarvoor een nieuw zorgtraject wordt geopend (vanwege niet toegestane parallelliteit). In dat geval wordt het subtraject één dag voor opening van het nieuwe zorgtraject afgesloten.
c. Bij hartrevalidatie (diagnose 821) wordt het subtraject op de 120e dag na de opening van het subtraject afgesloten.
d. Op de dag voorafgaand aan het implanteren van (een deel van) een transveneuze lead of een intracardiale pacemaker na een complexe transveneuze leadextractie of complexe transveneuze verwijdering van een intracardiale pacemaker.
Bij parallelliteit (binnen één specialisme) tijdens een klinische periode worden verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie aan één subtraject gekoppeld. Verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie worden gekoppeld aan het subtraject van de beroepsbeoefenaar die de poortfunctie uitvoert en verantwoordelijk is voor deze opname. Het verdelen van verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie is niet toegestaan. Indien er vanuit het medisch dossier aantoonbaar sprake is van overdracht van het klinische hoofdbehandelaarschap aan een ander poortspecialisme, worden de opvolgende verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie gekoppeld aan het subtraject van de ‘nieuwe’ hoofdbehandelaar.
Voor het poortspecialisme cardiologie gelden specifieke afsluitregels voor zorgtrajecten in verband met niet toegestane parallelliteit. Een zorgtraject met één of meer subtrajecten met ZT11 of ZT21 wordt bij het poortspecialisme cardiologie afgesloten op het moment dat zich bij de patiënt een andere/nieuwe zorgvraag voordoet waarvoor een nieuw zorgtraject voor cardiologie wordt geopend.
Cardiologie (1.0320.3) Voor het specialisme cardiologie worden subtrajecten met ZT11 en ZT21 als volgt afgesloten: a. Bij een klinische opname of dagverpleging (geen hartrevalidatie) wordt het subtraject afgesloten:
op datum van klinisch ontslag of dagverpleging (ZPK2) behalve bij vervolg subtrajecten (ZT21) op de dagverpleging in het kader van diagnostiek of elektrocardioversie;
wanneer zich bij de patiënt een andere/nieuwe zorgvraag voordoet waarvoor een nieuw zorgtraject wordt geopend (vanwege niet toegestane parallelliteit).
b. Bij een poliklinisch subtraject (geen hartrevalidatie) wordt het subtraject afgesloten:
Subtraject met ZT11: op de 90e dag na de opening van het subtraject; tenzij zich bij de patiënt een andere/nieuwe zorgvraag voordoet waarvoor een nieuw zorgtraject wordt geopend (vanwege niet toegestane parallelliteit). In dat geval wordt het subtraject één dag voor opening van het nieuwe zorgtraject afgesloten.
Subtraject met ZT21: op de 120e dag na de opening van het subtraject; tenzij zich bij de patiënt een andere/nieuwe zorgvraag voordoet waarvoor een nieuw zorgtraject wordt geopend (vanwege niet toegestane parallelliteit). In dat geval wordt het subtraject één dag voor opening van het nieuwe zorgtraject afgesloten.
c. Bij hartrevalidatie (diagnose 821) wordt het subtraject op de 120e dag na de opening van het subtraject afgesloten.
d. Op de dag voorafgaand aan het implanteren van (een deel van) een transveneuze lead of een intracardiale pacemaker na een complexe transveneuze leadextractie of complexe transveneuze verwijdering van een intracardiale pacemaker.
Er zijn geen wijzigingen aan deze norm ten opzichte van vorig Handreiking jaar.
Interpretaties
De volgende interpretatiekeuzes zijn gemaakt:
Voor het bepalen of een afsluitregel wel of niet automatiseerbaar is, wordt gekeken naar het Registratieaddendum. Gedeeltelijk automatiseerbaar of semi-automatiseerbaar worden behandeld als niet-automatiseerbaar. Uitzondering is afsluitregel 1.0320.3 met afsluitreden 43; deze wordt beschouwd als automatiseerbaar indien DBC na 90 dagen (ZT11) of 120 dagen (ZT21) gesloten is.
Standaard wordt afsluitregel 0.0000.0 (Patiënt overleden) meegenomen op de N0687. Mocht deze echter wel als automatisch afsluitbaar moeten worden gezien, dan kan dat worden in gesteld via parameter N0685_N0687_sluitregel_00000. In dat geval worden deze signaleringen hier niet meegenomen, maar op de gerelateerde N0685.
Programmeerbare norm
Er is sprake van “Deelwaarneming - Klinische periode verdeeld over meerdere subtrajecten binnen 1 specialisme (niet automatiseerbare afsluitregels) (N0687-HR2023)” als aan de volgende selectie is voldaan:
1) Alle verpleegdagen (190200, 190218, 190228, en 194804)
2) Los te factureren zorgactiviteit in scope controlejaar of handreikingsjaar
of
zorgactiviteit gekoppeld aan een subtraject in scope controlejaar of handreikingsjaar
3) Verpleegdagen met hetzelfde uitvoerend specialisme binnen één klinische periode zijn verdeeld over meerdere zorg- en/of subtrajecten. Er wordt gekeken naar de niet automatiseerbare afsluitregels zoals aangegeven in de algemene registratieregels.
4) Twee aaneengesloten klinische perioden bij hetzelfde specialisme (minder dan 1 uur tussen ontslag en aanvang nieuwe opname), zijn gekoppeld aan verschillende zorg- en/of subtrajecten. Er wordt gekeken naar de niet automatiseerbare afsluitregels zoals aangegeven in de algemene registratieregels.