Typerende verrichting gekoppeld aan niet-declarabel subtraject, parallel declarabel subtraject aanwezig (N4461)

Uit normenkaderzorg.nl
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Referentienummer: N4461
Behoort tot Normenkader ValueCare

Ziekenhuizen Volledigheid

  1. Ziekenhuizen Volledigheid - Einde Behandeling - Koppelen zorgactiviteiten
Samenvatting

Deze norm toont alle typerende zorgactiviteiten welke gekoppeld zijn aan een subtraject die de status niet-declarabel heeft in het ZIS en waarvoor reeds een parallel, declarabel traject aanwezig is. Dit duidt erop dat de zorgactiviteit aan een ander subtraject gekoppeld kan worden, waardoor het subtraject (mogelijk) anders afleidt.

Regelgeving / beleid
2017
Een uitgevoerde zorgactiviteit mag slechts aan één subtraject worden gekoppeld.

2017: NR/REG-1732 art. 23 lid 4


De zorgverlener zorgt ervoor dat de declaratiedataset die aan een grouper wordt aangeboden uitsluitend zorgactiviteiten bevat die zijn gekoppeld aan een subtraject ter beantwoording van een zorgvraag van de patiënt met inachtneming van de bepalingen van deze regeling.

2017: NR/REG-1732 art. 30 lid 1

2018
Een uitgevoerde zorgactiviteit mag slechts aan één subtraject worden gekoppeld.

2018: NR/REG-1816 art. 23 lid 4


De zorgverlener zorgt ervoor dat de declaratiedataset die aan een grouper wordt aangeboden uitsluitend zorgactiviteiten bevat die zijn gekoppeld aan een subtraject ter beantwoording van een zorgvraag van de patiënt met inachtneming van de bepalingen van deze regeling.

2018: NR/REG-1816 art. 30 lid 1

2019
Een uitgevoerde zorgactiviteit mag slechts aan één subtraject worden gekoppeld.

2019: NR/REG-1907a art. 23 lid 4


De zorgverlener zorgt ervoor dat de declaratiedataset die aan een grouper wordt aangeboden uitsluitend zorgactiviteiten bevat die zijn gekoppeld aan een subtraject ter beantwoording van een zorgvraag van de patiënt met inachtneming van de bepalingen van deze regeling.

2019: NR/REG-1907a art. 30 lid 1

2020
Een uitgevoerde zorgactiviteit mag slechts aan één subtraject worden gekoppeld.

2020: NR/REG-2001a art. 23 lid 4


De zorgverlener zorgt ervoor dat de declaratiedataset die aan een grouper wordt aangeboden uitsluitend zorgactiviteiten bevat die zijn gekoppeld aan een subtraject ter beantwoording van een zorgvraag van de patiënt met inachtneming van de bepalingen van deze regeling.

2020: NR/REG-2001a art. 30 lid 1

2021
Een uitgevoerde zorgactiviteit mag slechts aan één subtraject worden gekoppeld.

2021: NR/REG-2103a art. 23 lid 5


De zorgverlener zorgt ervoor dat de declaratiedataset die aan een grouper wordt aangeboden uitsluitend zorgactiviteiten bevat die zijn gekoppeld aan een subtraject ter beantwoording van een zorgvraag van de patiënt met inachtneming van de bepalingen van deze regeling.

2021: NR/REG-2103a art. 30 lid 1

2022
Een uitgevoerde zorgactiviteit mag slechts aan één subtraject worden gekoppeld.

2022: NR/REG-2207a art. 23 lid 6


De zorgverlener zorgt ervoor dat de declaratiedataset die aan een grouper wordt aangeboden uitsluitend zorgactiviteiten bevat die zijn gekoppeld aan een subtraject ter beantwoording van een zorgvraag van de patiënt met inachtneming van de bepalingen van deze regeling.

2022: NR/REG-2207a art. 30 lid 1

2023
Een uitgevoerde zorgactiviteit mag slechts aan één subtraject worden gekoppeld.

2023: NR/REG-2306a art. 23 lid 6


De zorgverlener zorgt ervoor dat de declaratiedataset die aan een grouper wordt aangeboden uitsluitend zorgactiviteiten bevat die zijn gekoppeld aan een subtraject ter beantwoording van een zorgvraag van de patiënt met inachtneming van de bepalingen van deze regeling.

2023: NR/REG-2306a art. 30 lid 1

2024
Een uitgevoerde zorgactiviteit mag slechts aan één subtraject worden gekoppeld.

2024: NR/REG-2403a art. 23 lid 6


De zorgverlener zorgt ervoor dat de declaratiedataset die aan een grouper wordt aangeboden uitsluitend zorgactiviteiten bevat die zijn gekoppeld aan een subtraject ter beantwoording van een zorgvraag van de patiënt met inachtneming van de bepalingen van deze regeling.

2024: NR/REG-2403a art. 30 lid 1

Interpretaties

De volgende interpretatiekeuzes zijn gemaakt:

  1. Een typerende zorgactiviteit wordt gedefinieerd als een zorgactiviteit met een zorgprofielklasse ongelijk aan 8, 9, 10, 11, 15, 17, 89 en 99.
  2. Op basis van de overige zorgproduct bepaling, welke beschreven staat in de BR/REG-17156 artikel 7, wordt bepaald welke zorgactiviteiten onder ‘niet los te declareren typerende zorgactiviteit’ vallen. 
  3. E-consulten (ZA 190162, 190163) hebben enkel financiële impact in een subtraject gestart vanaf 2018. E-consulten in 2018 gekoppeld aan een subtraject gestart voor 2018 worden daarom standaard niet getoond als actie, dit is ziekenhuisspecifiek middels een parameter aan te passen.
  4. Deze norm werkt samen met norm N4460. Indien beide normen aanstaan worden op norm N4461 alle niet-declarabele subtrajecten met typerende verrichtingen én een parallel lopend declarabel subtraject gesignaleerd en op norm N4460 worden alle niet-declarabele subtrajecten met typerende verrichtingen zonder een parallel lopend declarabel subtraject gesignaleerd. Wanneer norm N4461 niet aanstaat, worden beide situaties op norm N4460 gesignaleerd.
  5. Per ziekenhuis is voor deze norm ingericht welke subtrajecten de status 'Niet-Declarabel' hebben.
  6. Optionele parameter: Een ziekenhuis kan door middel van een parameter op verrichtingsniveau bepaalde verrichtingen als typerend kenmerken, die op basis van ZPK code niet als typerend worden beschouwd.
  7. Default worden bij het specialisme gynaecologie niet-declarabele ZT21 subtrajecten met een bevallingsdiagnose - beginnend met 'B' - waarbij er een parallell declarabel subtraject met een zwangerschapsdiagnose -beginnend met 'Z'- aanwezig is uitgesloten op deze norm. In het geval van een bevallingssubtraject mag je zorgactiviteiten uit dit subtraject naar verwachting niet omhangen naar een zwangerschapssubtraject. Mocht er sprake zijn van een nieuwe zorgvraag binnen het ZT21 met bevallingsdiagnose dan zal deze actie op de N4180 gesignaleerd worden.   
  8. Optionele parameter: Middels een ziekenhuisspecifieke parameter is het mogelijk de nieuwe versie eerder in te stellen. De oude versie kijkt in het functioneel ontwerp in stap 3 naar: gedurende de looptijd van het subtraject waar de zorgactiviteit aan is gekoppeld is reeds een declarabel subtraject voor hetzelfde uitvoerend AGB-specialisme geregistreerd. Tevens werd in de impactbepaling alles omgehangen naar één parallel subtraject, ongeacht de openingsdatum. De nieuwe versie werkt zoals in het functioneel ontwerp en de impactbepaling omschreven. (N4461_VERSIE_2021)
  9. Optionele parameter: Middels een ziekenhuisspecifieke parameter kunnen landelijke CTG-codes uitgesloten worden. Deze parameter werkt ook op de N4460.
  10. Optionele parameter: Middels een ziekenhuisspecifieke parameter kunnen interne CBV-codes uitgesloten worden. Deze parameter werkt ook op de N4460.
  11. Optionele parameter: Middels een ziekenhuisspecifieke parameter kun je uitvoerende specialismen uitsluiten. Deze parameter werkt ook op de N4460.
  12. Optionele parameter: Middels een ziekenhuisspecifieke parameter is het mogelijk om voor facturatie geblokkeerde zorgactiviteiten te tonen (gedeelde parameter met N4460). Default worden niet declarabele zorgactiviteiten uitgesloten.
  13. Optionele parameter: Middels een ziekenhuisspecifieke parameter is het mogelijk om uit te sluiten op basis van zorgprofielklassen. Default worden geen zorgprofielklassen uitgesloten. Deze parameter werkt ook op de N4460.
  14. Optionele parameter: Middels een ziekenhuisspecifieke parameter is het mogelijk om lege parallelle subtrajecten te tonen. Standaard worden deze niet getoond en is de actie zichtbaar op de N4460. (N4461_LEGE_PAR_DBCS_MEENEMEN)
  15. Optionele parameter: Middels een ziekenhuisspecifieke parameter is het mogelijk om het matchen op subspecialisme in te stellen. Standaard wordt er op hoofdspecialisme gekoppeld. (N4461_MATCH_SUBSPECIALISME)
Programmeerbare norm

Er is sprake van “Typerende verrichting gekoppeld aan niet-declarabel subtraject, parallel declarabel subtraject aanwezig (N4461)” als aan de volgende selectie is voldaan:

1) Alle typerende zorgactiviteiten (ZPK ongelijk aan 8, 9, 10, 11, 15, 17, 89 of 99) die niet los gedeclareerd worden.

 

2) De zorgactiviteit is gekoppeld aan een subtraject met de status 'Niet-Declarabel'.

 

3) Op de verrichtingsdatum van de zorgactiviteit(en) gekoppeld aan een niet-declarabel subtraject is reeds een declarabel subtraject voor hetzelfde uitvoerende AGB-specialisme geregistreerd.


Logica: 1 en 2 en 3

Te nemen actie

Omhangen van de typerende verrichtingen naar het beste passende parallelle declarabele subtraject.

Berekening financiële impact

Het waardeverschil tussen de gesignaleerd DBC en de parallelle DBC wordt getoond als financiële impact. Hiervoor wordt het omhangen van de gesignaleerde zorgactiviteiten naar het best passende parallelle declarabele subtraject gesimuleerd en worden beide subtrajecten opnieuw gegrouperd om zo het waardeverschil te berekenen. Om te bepalen welk parallel subtraject het best passend is wordt er gekeken naar de looptijd van de aanwezige declarabele parallelle subtrajecten en binnen welk subtraject de typerende zorgactiviteiten het beste passen, dit kan per zorgactiviteit verschillen.