Klinische periode verdeeld over meerdere subtrajecten binnen 1 specialisme (automatiseerbare afsluitregels) (N0685-HR2016)

Uit normenkaderzorg.nl
Versie door Willie Lu (overleg | bijdragen) op 19 feb 2017 om 23:11
(wijz) ← Oudere versie | Huidige versie (wijz) | Nieuwere versie → (wijz)
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Referentienummer: N0685-HR2016
  1. Handreiking rechtmatigheidscontroles MSZ 2016 - Controlepunt 5.4
Behoort tot Normenkader ValueCare

Ziekenhuizen Handreiking

  1. Ziekenhuizen Handreiking 2016 - Onterecht vastleggen van een klinische zorgactiviteit

Ziekenhuizen Rechtmatigheid

  1. Ziekenhuizen Rechtmatigheid 2016
Samenvatting

Het is tijdens een klinische periode niet toegestaan om de verpleegdagen aan meerdere subtrajecten te koppelen.

Regelgeving / beleid

Binnen een specialisme mag maximaal één klinisch DBC-zorgproduct geopend worden tijdens het klinische traject van de patiënt. Wanneer eenzelfde zorgvraag of verschillende zorgvragen met dezelfde diagnosetypering serieel of parallel voorkomen binnen de looptijd van een bestaand zorgtraject, wordt geen nieuw zorgtraject geopend. De geleverde zorg voor aandoeningen met dezelfde diagnosetypering valt binnen het lopende zorgtraject. Bij parallelliteit (binnen één specialisme) tijdens een klinische periode moeten de verpleegdagen aan één subtraject worden gekoppeld. Verpleegdagen worden gekoppeld aan het subtraject van de beroepsbeoefenaar die de poortfunctie uitvoert en verantwoordelijk is voor deze opname. Het verdelen van verpleegdagen is niet toegestaan. Indien er vanuit het medisch dossier aantoonbaar sprake is van overdracht van het klinische hoofdbehandelaarschap aan een ander poortspecialisme, kunnen de opvolgende verpleegdagen worden gekoppeld aan het subtraject van de ‘nieuwe’ hoofdbehandelaar.

2016: NR/CU-266

Wijzigingen ten opzichte van voorgaand jaar

Norm N0685 is een nieuwe norm en vervangt norm N0662, aangezien onderscheid wordt gemaakt op automatiseerbare én niet-automatiseerbare afsluitregels. 

Interpretaties

De volgende interpretatiekeuzes zijn gemaakt:

  1. Wanneer er minder dan een uur zit tussen het ontslag en een nieuwe opname, beschouwt de instelling dit als één klinische periode. Toelichting interpretatie: Binnen deze klinische periode van een uur is de kans op administratieve fouten het grootst. Twee klinische opnames van eenzelfde specialisme direct na elkaar zijn verdacht. Dit kan duiden op het onterecht verdelen van verpleegdagen over meerdere subtrajecten. Het komt in de praktijk echter regelmatig voor dat een patiënt ontslagen wordt uit een opname en op dezelfde kalenderdag onvoorzien weer moet worden opgenomen, al dan niet voor dezelfde zorgvraag. Er is hier geen sprake van een afwezigheidsdag, omdat het niet voorzien was dat de patiënt weer zou moeten worden opgenomen.
  2. Voor het bepalen of een afsluitregel wel of niet automatiseerbaar is, is gekeken naar het Registratieaddendum RZ16b
Programmeerbare norm

Er is sprake van  “Klinische periode verdeeld over meerdere subtrajecten binnen 1 specialisme (automatiseerbare afsluitregels) (N0685-HR2016)” als aan de volgende selectie is voldaan: 

1) Alle verpleegdagen (190200, 190218, 194804) 

2) Los te factureren zorgactiviteit in scope controlejaar of handreikingsjaar

of

zorgactiviteit gekoppeld aan een subtraject in scope controlejaar of handreikingsjaar


3) Verpleegdagen met hetzelfde
uitvoerend specialisme binnen
één klinische periode zijn
verdeeld  over meerdere
zorgtrajecten binnen dat specialisme, alleen specialismen met geautomatiseerde afsluitregels zoals aangegeven
in de algemene registratieregels


4) Twee aaneengesloten klinische
perioden bij hetzelfde specialisme
(minder dan 1 uur tussen ontslag en
aanvang nieuwe opname), zijn gekoppeld
aan verschillende subtrajecten
binnen dat specialisme

Logica: 1 en 2 en (3 of 4) 
Berekening financiële impact

Zie Berekening financiële impact - Impact bij verdelen van verpleegdagen