Initiële DBC zonder diagnostiekcontact regie-/hoofdbehandelaar (N1057): verschil tussen versies

Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Lgooskens (overleg | bijdragen)
kGeen bewerkingssamenvatting
Fsnoeren (overleg | bijdragen)
Geen bewerkingssamenvatting
Regel 9: Regel 9:
De hoofdbehandelaar heeft voor het stellen van een diagnose direct patiëntgebonden tijd besteed aan de patiënt waarvoor wordt gedeclareerd. Indien er sprake is van een vervolg-DBC, dan geldt de NZa-regelgeving van verplicht directe tijd van de hoofdbehandelaar niet. Voor crisis-DBC’s zonder verblijf geldt een uitzondering op deze bepaling: de directe tijd hoeft niet door de hoofdbehandelaar besteed te zijn (bron: NADERE REGEL NR/CU/556 (p.17)). 
De hoofdbehandelaar heeft voor het stellen van een diagnose direct patiëntgebonden tijd besteed aan de patiënt waarvoor wordt gedeclareerd. Indien er sprake is van een vervolg-DBC, dan geldt de NZa-regelgeving van verplicht directe tijd van de hoofdbehandelaar niet. Voor crisis-DBC’s zonder verblijf geldt een uitzondering op deze bepaling: de directe tijd hoeft niet door de hoofdbehandelaar besteed te zijn (bron: NADERE REGEL NR/CU/556 (p.17)). 


Indien er sprake is van een vervolg-DBC, dan geldt de NZa-regelgeving van verplicht directe tijd van de hoofdbehandelaar niet. Het kan voorkomen dat er gedurende de behandeling meer dan één hoofdbehandelaar is. Het is voldoende als één hoofdbehandelaar direct patiëntgebonden tijd heeft besteed aan de patiënt waarvoor wordt gedeclareerd. Bron: CIRCULAIRE CI/14/55c)
Het kan voorkomen dat er gedurende de behandeling meer dan één hoofdbehandelaar is. Het is voldoende als één hoofdbehandelaar direct patiëntgebonden tijd heeft besteed aan de patiënt waarvoor wordt gedeclareerd (bron: CIRCULAIRE CI/14/55c).


Diagnostiek omvat alle activiteiten gericht op verduidelijking van de klachten en van de zorgvraag. Onder diagnostiek onderscheiden we de volgende activiteiten:


a. Intake/screening: alle (gespreks)activiteiten gericht op verduidelijking van de klachten en van de zorgvraag.<br/>b. Verwerven informatie van eerdere behandelaars.<br/>c. Anamnese: het verzamelen van alle noodzakelijke diagnostische informatie bij de patiënt middels gesprekken en vragenlijsten.<br/>d. Hetero-anamnese: het verzamelen van alle noodzakelijke diagnostische informatie bij de partner, familie of andere relaties van de patiënt middels gesprekken en vragenlijsten.<br/>e. Psychiatrisch onderzoek.<br/>f. Psychodiagnostisch onderzoek (intelligentie, neuropsychologisch, persoonlijkheid).<br/>g. Orthodidactisch onderzoek.<br/>h. Vaktherapeutisch onderzoek.<br/>i. Contextueel onderzoek (gezin, school, et cetera): inschatten van de invloed/beperkingen/mogelijkheden van gezin, school of andere voor het kind/de jeugdige betekenisvolle milieus.<br/>j. Lichamelijk onderzoek.<br/>k. Aanvullend onderzoek (laboratorium, radiologie, klinische neurofysiologie, nucleaire geneeskunde). De behandelaar registreert de patiëntgebonden tijd die hij besteedt aan het aanvragen en (laten) uitvoeren van aanvullend onderzoek.<br/>l. Advisering: diagnostische bevindingen en beleidsadvies bespreken met betrokkenen en in gezamenlijkheid bepalen van het verdere beleid.<br/>m. Overige diagnostische activiteiten.


Diagnostiek omvat alle activiteiten gericht op verduidelijking van de klachten en van de zorgvraag. Onder diagnostiek onderscheiden we de volgende activiteiten:
Op deze activiteiten wordt alle daarmee samenhangende direct en indirect patiëntgebonden tijd geschreven&nbsp;(bron: NADERE REGEL NR/CU-556&nbsp;(p.52)). &nbsp;<br/>&nbsp;
 
a. Intake/screening: alle (gespreks)activiteiten gericht op verduidelijking van de klachten en van de zorgvraag. <br/>b. Verwerven informatie van eerdere behandelaars. <br/>c. Anamnese: het verzamelen van alle noodzakelijke diagnostische informatie bij de patiënt middels gesprekken en vragenlijsten. <br/>d. Hetero-anamnese: het verzamelen van alle noodzakelijke diagnostische informatie bij de partner, familie of andere relaties van de patiënt middels gesprekken en vragenlijsten. <br/>e. Psychiatrisch onderzoek. <br/>f. Psychodiagnostisch onderzoek (intelligentie, neuropsychologisch, persoonlijkheid). <br/>g. Orthodidactisch onderzoek. <br/>h. Vaktherapeutisch onderzoek. <br/>i. Contextueel onderzoek (gezin, school, et cetera): inschatten van de invloed/beperkingen/mogelijkheden van gezin, school of andere voor het kind/de jeugdige betekenisvolle milieus. <br/>j. Lichamelijk onderzoek. <br/>k. Aanvullend onderzoek (laboratorium, radiologie, klinische neurofysiologie, nucleaire geneeskunde). De behandelaar registreert de patiëntgebonden tijd die hij besteedt aan het aanvragen en (laten) uitvoeren van aanvullend onderzoek. <br/>l. Advisering: diagnostische bevindingen en beleidsadvies bespreken met betrokkenen en in gezamenlijkheid bepalen van het verdere beleid. <br/>m. Overige diagnostische activiteiten.
 
Op deze activiteiten wordt alle daarmee samenhangende direct en indirect patiëntgebonden tijd geschreven&nbsp;(bron: NADERE REGEL NR/CU-556&nbsp;(p.52)) &nbsp;<br/>&nbsp;
<div>
<div>
Toevoegen stuk PvA over overheveling tijd bij start zorgtraject i.v.m. wijziging diagnose.
Toevoegen stuk PvA over overheveling tijd bij start zorgtraject i.v.m. wijziging diagnose.