ZT11 met oncologische diagnose, met oncologische behandeling en behandeling heeft niet plaatsgevonden op openingsdatum ZT11 (N0991): verschil tussen versies
Geen bewerkingssamenvatting |
Geen bewerkingssamenvatting |
||
| Regel 151: | Regel 151: | ||
! 2018 | ! 2018 | ||
|- | |- | ||
| | | ''Sluitingsregels voor medicinale oncologische behandelingen (1.0000.1)'' | ||
a. Voor kinderoncologische behandelingen in een centrum voor kindergeneeskunde oncologische behandeling met SKION-stratificatie gelden andere sluitingsregels (zie 1.0000.11). | a. Voor kinderoncologische behandelingen in een centrum voor kindergeneeskunde oncologische behandeling met SKION-stratificatie gelden andere sluitingsregels (zie 1.0000.11). | ||
Versie van 26 jul 2019 10:54
Referentienummer: N0991
Behoort tot Normenkader ValueCare
Ziekenhuizen overige Rechtmatigheid
- Ziekenhuizen overige Rechtmatigheid 2019 - Subtrajecten – Openen en sluiten
- Ziekenhuizen overige Rechtmatigheid 2018 - Subtrajecten – Openen en sluiten
- Ziekenhuizen overige Rechtmatigheid 2017 - Subtrajecten – Openen en sluiten
- Ziekenhuizen overige Rechtmatigheid 2016 - Subtrajecten – Openen en sluiten
- Ziekenhuizen overige Rechtmatigheid 2015 - Subtrajecten – Openen en sluiten
- Ziekenhuizen overige Rechtmatigheid 2014 - Subtrajecten – Openen en sluiten
Samenvatting
ZT11 met oncologische diagnose, met oncologische behandeling en behandeling heeft niet plaatsgevonden op openingsdatum ZT11.
Regelgeving / beleid
| 2015 |
|---|
Medicinale oncologische behandelingen binnen initiële (ZT11) subtrajecten. Wanneer binnen een initieel (ZT11) subtraject besloten wordt tot een medicinale oncologische behandeling, dan wordt het subtraject afgesloten één dag voor de datum van de toediening per infuus of injectie en/of de begeleiding bij orale oncologische medicatie. Aansluitend wordt een nieuw subtraject geopend en gaan de regels voor medicinale oncologische behandelingen binnen vervolg (ZT21) subtrajecten gelden.
Medicinale oncologische behandelingen binnen vervolg (ZT21) subtrajecten Behandeling binnen een klinisch subtraject: Een klinisch subtraject ZT21 met een medicinale oncologische behandeling per infuus of injectie wordt bij élke nieuwe toediening afgesloten (behalve bij acute leukemie). Dit betekent dat een subtraject afgesloten wordt bij:
Het subtraject wordt in deze situaties één dag voor de datum van de nieuwe toediening gesloten en aansluitend wordt een nieuw subtraject geopend.
Toelichting Voor het afsluiten van een klinisch subtraject met medicinale behandeling per infuus of injectie - behalve bij acute leukemie - waarbij géén nieuwe toediening binnen 42 dagen na ontslag plaatsvindt gelden de algemene afsluitregels
Voor orale oncologische medicatie gelden de algemene regels voor het afsluiten van klinische subtrajecten ZT21 (zie artikel 10.1). Alleen bij overgang naar een andere soort orale medicinale oncologische behandeling of een toediening per infuus of injectie wordt het subtraject een dag voor de start van de andere therapie/toedieningsvorm gesloten en aansluitend een nieuw subtraject geopend. Bijvoorbeeld als een hormonale therapie wordt vervolgd door een chemotherapie of wanneer van orale chemotherapie wordt overgegaan op chemotherapie per infuus of injectie. Dus afsluiten 42 dagen na ontslag uit de kliniek tenzij:
Een niet klinisch subtraject ZT21 met een medicinale oncologische behandeling per infuus of injectie wordt 42 dagen na toediening per infuus of injectie afgesloten (behalve bij acute leukemie). Dit geldt niet indien er een nieuwe toediening per infuus of injectie binnen 42 dagen plaatsvindt, ongeacht of dit klinisch of niet klinisch gebeurt. Het subtraject wordt in die situatie één dag voor de datum van de nieuwe toediening gesloten en er wordt aansluitend een nieuw subtraject geopend. Voor orale oncologische medicatie geldt dat het subtraject ZT21 42 dagen na de uitvoerdatum van de eerste begeleidingszorgactiviteit19 binnen het subtraject afgesloten wordt. Alleen bij overgang naar een andere soort orale medicinale oncologische behandeling of na een toediening per infuus of injectie wordt het subtraject een dag voor de start van de andere therapie/toedieningsvorm gesloten en aansluitend een nieuw subtraject geopend. Bijvoorbeeld als een hormonale therapie wordt vervolgd door een chemotherapie of wanneer van orale chemotherapie wordt overgegaan op chemotherapie per infuus of injectie. Sluitingsregels voor medicinale oncologische behandeling per infuus of injectie van acute leukemie: Bij een medicinale oncologische behandeling van acute leukemie per infuus of injectie wordt het subtraject ZT21 gesloten op iedere 30ste behandeldag (klinische dag respectievelijk dagverpleging dag) of 42 dagen na de laatste behandeldag indien er minder dan 30 behandeldagen zijn geweest. Zie ook: DBC Onderhoud Registratieregels Versie 20141113 (2015), Versie 20140501 (2014), Versie 20120927 (2013) |
| 2016 |
|---|
| Sluitingsregels voor medicinale oncologische behandelingen (1.0000.1)
a. Voor kinderoncologische behandelingen in een centrum voor Kindergeneeskunde Oncologische behandeling met SKIONstratificatie gelden andere sluitingsregels (zie 1.0000.11). b. Indien medicinale oncologische behandeling ter voorbereiding op een stamceltransplantatie plaatsvindt, dient voor het stamceltransplantatietraject een parallel zorg/subtraject met dezelfde diagnose te worden geopend. c. Medicinale oncologische behandelingen binnen initiële (ZT11)subtrajecten d. Medicinale oncologische behandelingen binnen vervolg (ZT21) subtrajecten
Het subtraject wordt in deze situaties één dag voor de datum van de nieuwe toediening gesloten en aansluitend wordt een nieuw subtraject geopend. In afwijking op het bovenstaande gelden voor klinische subtrajecten met orale oncologische medicatie conform de algemene regels voor het afsluiten van klinische subtrajecten ZT21 (zie artikel 17) dat deze worden afgesloten 42 dagen uit de kliniek, tenzij sprake is van:
Een niet klinisch subtraject ZT21 met een medicinale oncologische behandeling per infuus of injectie wordt 42 dagen na toediening per infuus of injectie afgesloten tenzij er een nieuwe toediening per infuus of injectie binnen 42 dagen plaatsvindt, ongeacht of dit klinisch of niet klinisch gebeurt. Het subtraject wordt in die situatie één dag voor de datum van de nieuwe toediening gesloten en er wordt aansluitend een nieuw subtraject geopend. 2016: NR/CU-266 art. 19 lid 1 |
| 2017 |
|---|
| Sluitingsregels voor medicinale oncologische behandelingen (1.0000.1)
a. Voor kinderoncologische behandelingen in een centrum voor kindergeneeskunde oncologische behandeling met SKION-stratificatie gelden andere sluitingsregels (zie 1.0000.11). b. Indien medicinale oncologische behandeling ter voorbereiding op een stamceltransplantatie plaatsvindt, dient voor het stamceltransplantatietraject een parallel zorg/subtraject met dezelfde diagnose te worden geopend. c. Medicinale oncologische behandelingen binnen initiële (ZT11) subtrajecten; Wanneer binnen een initieel (ZT11) subtraject besloten wordt tot een medicinale oncologische behandeling, dan wordt het subtraject afgesloten één dag voor de datum van de toediening per infuus of injectie en/of de begeleiding bij orale oncologische medicatie. Aansluitend wordt een nieuw subtraject geopend en gaan de regels voor medicinale oncologische behandelingen binnen vervolg (ZT21) subtrajecten gelden. d. Medicinale oncologische behandelingen binnen vervolg (ZT21) subtrajecten; Een klinisch vervolg subtraject ZT21 met een medicinale oncologische behandeling per infuus of injectie wordt bij élke nieuwe toediening afgesloten (behalve bij acute leukemie). Dit betekent dat een subtraject afgesloten wordt bij:
Het subtraject wordt in deze situaties één dag voor de datum van de nieuwe toediening gesloten en aansluitend wordt een nieuw subtraject geopend. In afwijking op het bovenstaande gelden voor klinische subtrajecten met orale oncologische medicatie conform de algemene regels voor het afsluiten van klinische subtrajecten ZT21 (zie artikel 17) dat deze worden afgesloten 42 dagen uit de kliniek, tenzij sprake is van:
Een niet klinisch subtraject ZT21 met een medicinale oncologische behandeling per infuus of injectie wordt 42 dagen na toediening per infuus of injectie afgesloten tenzij er een nieuwe toediening per infuus of injectie binnen 42 dagen plaatsvindt, ongeacht of dit klinisch of niet klinisch gebeurt. Het subtraject wordt in die situatie één dag voor de datum van de nieuwe toediening gesloten en er wordt aansluitend een nieuw subtraject geopend. Voor orale oncologische medicatie geldt dat het subtraject ZT21 42 dagen na de uitvoerdatum van de eerste begeleidingszorgactiviteit zoals omschreven in het registratieaddendum binnen het subtraject afgesloten wordt. Alleen bij overgang naar een andere soort orale medicinale oncologische behandeling of na een toediening per infuus of injectie wordt het subtraject een dag voor de start van de andere therapie/ toedieningsvorm gesloten en aansluitend een nieuw subtraject geopend. Bij een medicinale oncologische behandeling van acute leukemie per infuus of injectie wordt het subtraject ZT21 gesloten op iedere 30ste behandeldag (klinische dag respectievelijk dagverpleging dag) of 42 dagen na de laatste behandeldag indien er minder dan 30 behandeldagen zijn geweest. |
| 2018 |
|---|
| Sluitingsregels voor medicinale oncologische behandelingen (1.0000.1)
a. Voor kinderoncologische behandelingen in een centrum voor kindergeneeskunde oncologische behandeling met SKION-stratificatie gelden andere sluitingsregels (zie 1.0000.11). b. Indien medicinale oncologische behandeling ter voorbereiding op een stamceltransplantatie plaatsvindt, dient voor het stamceltransplantatietraject een parallel zorg/subtraject met dezelfde diagnose te worden geopend. c. Medicinale oncologische behandelingen binnen initiële (ZT11) subtrajecten; d. Medicinale oncologische behandelingen binnen vervolg (ZT21) subtrajecten;
Bij een medicinale oncologische behandeling van acute leukemie per infuus of injectie wordt het subtraject ZT21 gesloten op iedere 30ste behandeldag (klinische dag respectievelijk dagverpleging dag) of 42 dagen na de laatste behandeldag indien er minder dan 30 behandeldagen zijn geweest. |
Interpretaties
De volgende interpretatiekeuzes zijn gemaakt:
- Acties waarbij binnen de DBC een SKION zorgactiviteit is geregistreerd (o.b.v. afsluitregel 1.0316.2 of 1.0000.11) worden niet meegenomen. De reden hiervoor is dat DBC's met een SKION zorgactiviteit altijd 120 dagen openstaan.
- Acties waarbij sprake is van stamcel-transplantaties zijn in de nieuwere sluitregels niet meegenomen door de volgende conditie: "en geen ZA uit groep 11". Deze trajecten dus niet meenemen.
- Oncologische behandeling wordt als volgt gedefinieerd:
- Per 2019 (conform de RZ19b):
- Voor diagnoses met afsluitregel 1.0000.1 uit groep 1: zorgactiviteiten uit groep 3 t/m 9 met afsluitregel 1.0000.1
- Voor diagnoses met afsluitregel 1.0000.1 uit groep 2: zorgactiviteiten uit groep 10 met afsluitregel 1.0000.1
- T/m 2018:
- Voor diagnoses met afsluitregel 1.0000.1 uit groep 1 en 2: zorgactiviteiten uit groep 3 t/m 10 met afsluitregel 1.0000.1
- Per 2019 (conform de RZ19b):
Programmeerbare norm
Er is sprake van “ZT11 met oncologische diagnose, met oncologische behandeling en behandeling heeft niet plaatsgevonden op openingsdatum ZT11 (N0991)” als aan de volgende selectie is voldaan:
Logica: 1 en 2 en 3
Te nemen actie
Sluit het subtraject bij de start van de tweede oncologische behandeling en open een tweede traject.
Berekening financiële impact
Zie Berekening financiële impact - Verschil waarde subtrajecten bij wijziging open- en/of sluitdata