Klinische periode verdeeld over meerdere subtrajecten binnen 1 specialisme (automatiseerbare afsluitregels) (N0685-HR2026): verschil tussen versies

Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Pspelde (overleg | bijdragen)
Pspelde (overleg | bijdragen)
Regel 58: Regel 58:
! 2024
! 2024
|-
|-
|Bij parallelliteit (binnen één specialisme) tijdens een klinische periode worden verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie aan één subtraject gekoppeld. Verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie worden gekoppeld aan het subtraject van de beroepsbeoefenaar die de poortfunctie uitvoert en verantwoordelijk is voor deze opname. Het verdelen van verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie is niet toegestaan. Indien er vanuit het medisch dossier aantoonbaar sprake is van overdracht van het klinische hoofdbehandelaarschap aan een ander poortspecialisme, worden de opvolgende verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie gekoppeld aan het subtraject van de 'nieuwe' hoofdbehandelaar.
|Bij parallelliteit (binnen één specialisme) tijdens een klinische periode worden verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie aan één subtraject gekoppeld. Verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie worden gekoppeld aan het subtraject van de beroepsbeoefenaar die de poortfunctie uitvoert en verantwoordelijk is voor deze opname. Het verdelen van verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie is niet toegestaan. Indien er vanuit het medisch dossier aantoonbaar sprake is van een klinische overdracht van een patiënt aan een ander medisch specialisme, worden de opvolgende verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie gekoppeld aan het subtraject van de overnemende beroepsbeoefenaar die de poortfunctie uitvoert.


2024: [[NR/REG-2403a#page78|NR/REG-2403a Toelichting art. 23 lid 9]]
Voor het poortspecialisme cardiologie gelden specifieke afsluitregels voor zorgtrajecten in verband met niet toegestane parallelliteit. Een zorgtraject met één of meer subtrajecten met ZT11 of ZT21 wordt bij het poortspecialisme cardiologie afgesloten op het moment dat zich bij de patiënt een andere/nieuwe zorgvraag voordoet waarvoor een nieuw zorgtraject voor cardiologie wordt geopend.


Voor het poortspecialisme cardiologie gelden specifieke afsluitregels voor zorgtrajecten in verband met
Cardiologie (1.0320.3)
niet toegestane parallelliteit. Een zorgtraject met één of meer subtrajecten met ZT11 of ZT21 wordt bij
het poortspecialisme cardiologie afgesloten op het moment dat zich bij de patiënt een andere/nieuwe
zorgvraag voordoet waarvoor een nieuw zorgtraject voor cardiologie wordt geopend.


2024: [[NR/REG-2403a#page14|NR/REG-2403a art. 6 lid 3]]
Voor het specialisme cardiologie worden subtrajecten met ZT11 en ZT21 als volgt afgesloten:


''Cardiologie (1.0320.3)''<br/>Voor het specialisme cardiologie worden subtrajecten met ZT11 en ZT21 als volgt afgesloten:<br/>a. Bij een klinische opname of dagverpleging (geen hartrevalidatie) wordt het subtraject afgesloten:
a. Bij een klinische opname of dagverpleging (geen hartrevalidatie) wordt het subtraject afgesloten:
*op datum van klinisch ontslag of dagverpleging (ZPK2) behalve bij vervolg subtrajecten (ZT21) op de dagverpleging in het kader van diagnostiek of elektrocardioversie;
 
*wanneer zich bij de patiënt een andere/nieuwe zorgvraag voordoet waarvoor een nieuw zorgtraject wordt geopend (vanwege niet toegestane parallelliteit).
* op datum van klinisch ontslag of dagverpleging (ZPK2) behalve bij vervolg subtrajecten (ZT21) op de dagverpleging in het kader van diagnostiek of elektrocardioversie;
* wanneer zich bij de patiënt een andere/nieuwe zorgvraag voordoet waarvoor een nieuw zorgtraject wordt geopend (vanwege niet toegestane parallelliteit).


b. Bij een poliklinisch subtraject (geen hartrevalidatie) wordt het subtraject afgesloten:
b. Bij een poliklinisch subtraject (geen hartrevalidatie) wordt het subtraject afgesloten:
*Subtraject met ZT11: op de 90e dag na de opening van het subtraject; tenzij zich bij de patiënt een andere/nieuwe zorgvraag voordoet waarvoor een nieuw zorgtraject wordt geopend (vanwege niet toegestane parallelliteit). In dat geval wordt het subtraject één dag voor opening van het nieuwe zorgtraject afgesloten.
*Subtraject met ZT21: op de 120e dag na de opening van het subtraject; tenzij zich bij de patiënt een andere/nieuwe zorgvraag voordoet waarvoor een nieuw zorgtraject wordt geopend (vanwege niet toegestane parallelliteit). In dat geval wordt het subtraject één dag voor opening van het nieuwe zorgtraject afgesloten.
c. Bij hartrevalidatie (diagnose 821) wordt het subtraject op de 120e dag na de opening van het
subtraject afgesloten.


d. Op de dag voorafgaand aan het implanteren van (een deel van) een transveneuze lead of een
* Subtraject met ZT11: op de 90e dag na de opening van het subtraject; tenzij zich bij de patiënt een andere/nieuwe zorgvraag voordoet waarvoor een nieuw zorgtraject wordt geopend (vanwege niet toegestane parallelliteit). In dat geval wordt het subtraject één dag voor opening van het nieuwe zorgtraject afgesloten.
intracardiale pacemaker na een complexe transveneuze leadextractie of complexe transveneuze
* Subtraject met ZT21: op de 120e dag na de opening van het subtraject; tenzij zich bij de patiënt een andere/nieuwe zorgvraag voordoet waarvoor een nieuw zorgtraject wordt geopend (vanwege niet toegestane parallelliteit). In dat geval wordt het subtraject één dag voor opening van het nieuwe zorgtraject afgesloten.
verwijdering van een intracardiale pacemaker.
 
c. Bij hartrevalidatie (diagnose 821) wordt het subtraject op de 120e dag na de opening van het subtraject afgesloten.
 
d. Op de dag voorafgaand aan het implanteren van (een deel van) een transveneuze lead of een intracardiale pacemaker na een complexe transveneuze leadextractie of complexe transveneuze verwijdering van een intracardiale pacemaker.


2024: [[NR/REG-2403a#page21|NR/REG-2403a art. 19 lid 7]]
2024: [[NR/REG-2403a#page21|NR/REG-2403a art. 19 lid 7]]
Art 6, 19 en 23
|}
|}