Deelwaarneming - Klinische periode verdeeld over meerdere subtrajecten binnen 1 specialisme (niet automatiseerbare afsluitregels) (N0687-HR2024): verschil tussen versies
| Regel 4: | Regel 4: | ||
===== Link naar Handreiking MSZ ===== | ===== Link naar Handreiking MSZ ===== | ||
[[Handreiking Rechtmatigheidscontroles | [[Handreiking_Rechtmatigheidscontroles_2023_MSZ|Handreiking Rechtmatigheidscontroles 2023 MSZ]] - [[Handreiking_Rechtmatigheidscontroles_2023_MSZ#page32|Controlepunt 5.4]] | ||
===== Behoort tot Normenkader ValueCare ===== | ===== Behoort tot Normenkader ValueCare ===== | ||
Versie van 28 okt 2024 10:45
Referentienummer: N0687-HR2024
Link naar Handreiking MSZ
Handreiking Rechtmatigheidscontroles 2023 MSZ - Controlepunt 5.4
Behoort tot Normenkader ValueCare
Ziekenhuizen Rechtmatigheid
Ziekenhuizen Handreiking
Samenvatting
Er mag maximaal één klinische opname per patiënt per klinisch verblijf in het ziekenhuis geregistreerd worden. Het verdelen van verpleegdagen mag niet in verband met het risico dat er meerdere klinische trajecten worden gedeclareerd.
Regelgeving / beleid
| 2024 |
|---|
| Bij parallelliteit (binnen één specialisme) tijdens een klinische periode worden verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie aan één subtraject gekoppeld. Verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie worden gekoppeld aan het subtraject van de beroepsbeoefenaar die de poortfunctie uitvoert en verantwoordelijk is voor deze opname. Het verdelen van verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie is niet toegestaan. Indien er vanuit het medisch dossier aantoonbaar sprake is van overdracht van het klinische hoofdbehandelaarschap aan een ander poortspecialisme, worden de opvolgende verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie gekoppeld aan het subtraject van de 'nieuwe' hoofdbehandelaar.
2024: NR/REG-2403a Toelichting art. 23 lid 9 Voor het poortspecialisme cardiologie gelden specifieke afsluitregels voor zorgtrajecten in verband met niet toegestane parallelliteit. Een zorgtraject met één of meer subtrajecten met ZT11 of ZT21 wordt bij het poortspecialisme cardiologie afgesloten op het moment dat zich bij de patiënt een andere/nieuwe zorgvraag voordoet waarvoor een nieuw zorgtraject voor cardiologie wordt geopend. 2024: NR/REG-2403a art. 6 lid 3 Cardiologie (1.0320.3)
b. Bij een poliklinisch subtraject (geen hartrevalidatie) wordt het subtraject afgesloten:
c. Bij hartrevalidatie (diagnose 821) wordt het subtraject op de 120e dag na de opening van het subtraject afgesloten.
|
| 2023 |
|---|
| Bij parallelliteit (binnen één specialisme) tijdens een klinische periode worden verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie aan één subtraject gekoppeld. Verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie worden gekoppeld aan het subtraject van de beroepsbeoefenaar die de poortfunctie uitvoert en verantwoordelijk is voor deze opname. Het verdelen van verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie is niet toegestaan. Indien er vanuit het medisch dossier aantoonbaar sprake is van overdracht van het klinische hoofdbehandelaarschap aan een ander poortspecialisme, worden de opvolgende verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie gekoppeld aan het subtraject van de 'nieuwe' hoofdbehandelaar.
2023: NR/REG-2306a Toelichting art. 23 lid 9 Voor het poortspecialisme cardiologie gelden specifieke afsluitregels voor zorgtrajecten in verband met niet toegestane parallelliteit. Een zorgtraject met één of meer subtrajecten met ZT11 of ZT21 wordt bij het poortspecialisme cardiologie afgesloten op het moment dat zich bij de patiënt een andere/nieuwe zorgvraag voordoet waarvoor een nieuw zorgtraject voor cardiologie wordt geopend. 2023: NR/REG-2306a art. 6 lid 3 Cardiologie (1.0320.3)
b. Bij een poliklinisch subtraject (geen hartrevalidatie) wordt het subtraject afgesloten:
c. Bij hartrevalidatie (diagnose 821) wordt het subtraject op de 120e dag na de opening van het subtraject afgesloten.
|
Wijzigingen ten opzichte van voorgaand jaar
Er zijn geen wijzigingen aan deze norm ten opzichte van vorig Handreiking jaar.
Interpretaties
De volgende interpretatiekeuzes zijn gemaakt:
- Voor het bepalen of een afsluitregel wel of niet automatiseerbaar is, wordt gekeken naar het Registratieaddendum. Gedeeltelijk automatiseerbaar of semi-automatiseerbaar worden behandeld als niet-automatiseerbaar. Uitzondering is afsluitregel 1.0320.3 met afsluitreden 43; deze wordt beschouwd als automatiseerbaar indien DBC na 90 dagen (ZT11) of 120 dagen (ZT21) gesloten is.
- Standaard wordt afsluitregel 0.0000.0 (Patiënt overleden) meegenomen op de N0687. Mocht deze echter wel als automatisch afsluitbaar moeten worden gezien, dan kan dat worden in gesteld via parameter N0685_N0687_sluitregel_00000. In dat geval worden deze signaleringen hier niet meegenomen, maar op de gerelateerde N0685.
Programmeerbare norm
Er is sprake van “Deelwaarneming - Klinische periode verdeeld over meerdere subtrajecten binnen 1 specialisme (niet automatiseerbare afsluitregels) (N0687-HR2024)” als aan de volgende selectie is voldaan:
Logica: 1 en 2 en 3 (3a en 3b) of 4
Berekening financiële impact
Zie Berekening financiële impact - Impact bij verdelen van verpleegdagen