Klinische periode verdeeld over meerdere subtrajecten binnen 1 specialisme (automatiseerbare afsluitregels) (N0685-HR2019): verschil tussen versies
Geen bewerkingssamenvatting |
|||
| Regel 10: | Regel 10: | ||
Gecertificeerde controles | Gecertificeerde controles | ||
#[[ | #[[Gecertificeerde_controles|Gecertificeerde controles]] - [[Gecertificeerde_controles#Normenkader_-_Verpleegdagen_(R06407)|Normenkader - Verpleegdagen (R06407)]] | ||
Ziekenhuizen Handreiking | Ziekenhuizen Handreiking | ||
Versie van 1 mrt 2021 10:32
Referentienummer: N0685-HR2019
Link naar Handreiking MSZ
Handreiking Rechtmatigheidscontroles 2019 MSZ - Controlepunt 5.4
Behoort tot Normenkader ValueCare
Gecertificeerde controles
Ziekenhuizen Handreiking
Samenvatting
Het is tijdens een klinische periode niet toegestaan om de verpleegdagen aan meerdere subtrajecten te koppelen.
Regelgeving / beleid
| 2019 |
|---|
| Bij parallelliteit (binnen één specialisme) tijdens een klinische periode moeten de verpleegdagen aan één subtraject worden gekoppeld. Verpleegdagen worden gekoppeld aan het subtraject van de beroepsbeoefenaar die de poortfunctie uitvoert en verantwoordelijk is voor deze opname. Het verdelen van verpleegdagen is niet toegestaan.
Wanneer eenzelfde zorgvraag of verschillende zorgvragen met dezelfde diagnosetypering serieel of parallel voorkomen binnen de looptijd van een bestaand zorgtraject, wordt geen nieuw zorgtraject geopend. De geleverde zorg voor aandoeningen met dezelfde diagnosetypering valt binnen het lopende zorgtraject. 2019: NR/REG-1907a Toelichting art. 5a
2019: NR/REG-1907a art. 6 lid 3
Bij opname in de kliniek of dagverpleging (geen hartrevalidatie) wordt het subtraject afgesloten:
|
| 2018 |
|---|
| Bij parallelliteit (binnen één specialisme) tijdens een klinische periode moeten de verpleegdagen aan één subtraject worden gekoppeld. Verpleegdagen worden gekoppeld aan het subtraject van de beroepsbeoefenaar die de poortfunctie uitvoert en verantwoordelijk is voor deze opname. Het verdelen van verpleegdagen is niet toegestaan.
Wanneer eenzelfde zorgvraag of verschillende zorgvragen met dezelfde diagnosetypering serieel of parallel voorkomen binnen de looptijd van een bestaand zorgtraject, wordt geen nieuw zorgtraject geopend. De geleverde zorg voor aandoeningen met dezelfde diagnosetypering valt binnen het lopende zorgtraject. 2018: NR/REG-1816 art. 5a lid 3 & 4 & Toelichting art. 5a
2018: NR/REG-1816 art. 6 lid 3
Bij opname in de kliniek of dagverpleging (geen hartrevalidatie) wordt het subtraject afgesloten:
|
Wijzigingen ten opzichte van voorgaand jaar
Er zijn geen wijzigingen aan deze norm ten opzichte van vorig Handreiking jaar.
Interpretaties
De volgende interpretatiekeuzes zijn gemaakt:
- Wanneer er minder dan een uur zit tussen het ontslag en een nieuwe opname, beschouwt de instelling dit als één klinische periode. Toelichting interpretatie: Binnen deze klinische periode van een uur is de kans op administratieve fouten het grootst. Twee klinische opnames van eenzelfde specialisme direct na elkaar zijn verdacht. Dit kan duiden op het onterecht verdelen van verpleegdagen over meerdere subtrajecten. Het komt in de praktijk echter regelmatig voor dat een patiënt ontslagen wordt uit een opname en op dezelfde kalenderdag onvoorzien weer moet worden opgenomen, al dan niet voor dezelfde zorgvraag. Er is hier geen sprake van een afwezigheidsdag, omdat het niet voorzien was dat de patiënt weer zou moeten worden opgenomen.
- Voor het bepalen of een afsluitregel wel of niet automatiseerbaar is, wordt gekeken naar het Registratieaddendum. Gedeeltelijk automatiseerbaar of semi-automatiseerbaar worden behandeld als niet-automatiseerbaar.
Programmeerbare norm
Er is sprake van “Klinische periode verdeeld over meerdere subtrajecten binnen 1 specialisme (automatiseerbare afsluitregels) (N0685-HR2019)” als aan de volgende selectie is voldaan:
Berekening financiële impact
Zie Berekening financiële impact - Impact bij verdelen van verpleegdagen