Cardiologie - Openen subtraject (zorgtype 11) op basis van Plaatsen, vervangen of verwijderen van pacemaker of ICD in follow-up DBC (N4125): verschil tussen versies
Naar navigatie springen
Naar zoeken springen
| Regel 100: | Regel 100: | ||
*Binnen het specialisme gynaecologie voor eenzelfde fase tijdens één zwangerschap (fasen: zwangerschap, bevalling en kraambed), met uitzondering van de fase voor kraambed indien zich bevalling gerelateerde posttraumatische stressklachten of een postnatale depressie voordoet na postnatale complicaties. | *Binnen het specialisme gynaecologie voor eenzelfde fase tijdens één zwangerschap (fasen: zwangerschap, bevalling en kraambed), met uitzondering van de fase voor kraambed indien zich bevalling gerelateerde posttraumatische stressklachten of een postnatale depressie voordoet na postnatale complicaties. | ||
2022: [[NR/REG- | 2022: [[NR/REG-2207a#page15|NR/REG-2207a art. 5 lid 4c]] | ||
''Cardiologie (1.0320.3)''<br/>Voor het specialisme cardiologie worden subtrajecten met ZT11 en ZT21 als volgt afgesloten: | ''Cardiologie (1.0320.3)''<br/>Voor het specialisme cardiologie worden subtrajecten met ZT11 en ZT21 als volgt afgesloten: | ||
| Regel 111: | Regel 111: | ||
d. Op de dag voorafgaand aan het implanteren van (een deel van) een transveneuze lead of een intracardiale pacemaker na een complexe transveneuze leadextractie of complexe transveneuze verwijdering van een intracardiale pacemaker. | d. Op de dag voorafgaand aan het implanteren van (een deel van) een transveneuze lead of een intracardiale pacemaker na een complexe transveneuze leadextractie of complexe transveneuze verwijdering van een intracardiale pacemaker. | ||
2022: [[NR/REG- | 2022: [[NR/REG-2207a#page33|NR/REG-2207a art. 19 lid 7a, b en d]] | ||
3.5 Vanwege de onduidelijkheid bij de diagnosestelling voor het vervangen van een pacemaker of een ICD is besloten dat de diagnose 803 “follow-up na pacemaker” of 804 “follow-up na ICD implantatie” hiervoor niet gebruikt kunnen worden. Bij de indicatiestelling voor vervanging van een pacemaker of een ICD dient men een nieuwe reguliere DBC te openen en de openstaande follow-up DBC af te sluiten. Als het een end of life indicatie betreft dient men de diagnose voor de eerste implantatie opnieuw te coderen (bv. impuls of geleidingsstoornissen). | 3.5 Vanwege de onduidelijkheid bij de diagnosestelling voor het vervangen van een pacemaker of een ICD is besloten dat de diagnose 803 “follow-up na pacemaker” of 804 “follow-up na ICD implantatie” hiervoor niet gebruikt kunnen worden. Bij de indicatiestelling voor vervanging van een pacemaker of een ICD dient men een nieuwe reguliere DBC te openen en de openstaande follow-up DBC af te sluiten. Als het een end of life indicatie betreft dient men de diagnose voor de eerste implantatie opnieuw te coderen (bv. impuls of geleidingsstoornissen). | ||