Cardiologie - Openen subtraject (zorgtype 11) op basis van Plaatsen, vervangen of verwijderen van pacemaker of ICD in follow-up DBC (N4125): verschil tussen versies
Naar navigatie springen
Naar zoeken springen
Geen bewerkingssamenvatting |
Geen bewerkingssamenvatting |
||
| Regel 46: | Regel 46: | ||
3.5 Vanwege de onduidelijkheid bij de diagnosestelling voor het vervangen van een pacemaker of een ICD is besloten dat de diagnose 803 “follow-up na pacemaker” of 804 “follow-up na ICD implantatie” hiervoor niet gebruikt kunnen worden. Bij de indicatiestelling voor vervanging van een pacemaker of een ICD dient men een nieuwe reguliere DBC te openen en de openstaande follow-up DBC af te sluiten. Als het een end of life indicatie betreft dient men de diagnose voor de eerste implantatie opnieuw te coderen (bv. impuls of geleidingsstoornissen). | 3.5 Vanwege de onduidelijkheid bij de diagnosestelling voor het vervangen van een pacemaker of een ICD is besloten dat de diagnose 803 “follow-up na pacemaker” of 804 “follow-up na ICD implantatie” hiervoor niet gebruikt kunnen worden. Bij de indicatiestelling voor vervanging van een pacemaker of een ICD dient men een nieuwe reguliere DBC te openen en de openstaande follow-up DBC af te sluiten. Als het een end of life indicatie betreft dient men de diagnose voor de eerste implantatie opnieuw te coderen (bv. impuls of geleidingsstoornissen). | ||
2020: DBC-Onderhoud Instructie Cardiologie v20110701 | 2020: [https://docplayer.nl/storage/51/28245032/1609343522/qLZqFSO6BgV2rfDn4j4kIw/28245032.pdf DBC-Onderhoud Instructie Cardiologie v20110701] | ||
|} | |} | ||
| Regel 82: | Regel 82: | ||
3.5 Vanwege de onduidelijkheid bij de diagnosestelling voor het vervangen van een pacemaker of een ICD is besloten dat de diagnose 803 “follow-up na pacemaker” of 804 “follow-up na ICD implantatie” hiervoor niet gebruikt kunnen worden. Bij de indicatiestelling voor vervanging van een pacemaker of een ICD dient men een nieuwe reguliere DBC te openen en de openstaande follow-up DBC af te sluiten. Als het een end of life indicatie betreft dient men de diagnose voor de eerste implantatie opnieuw te coderen (bv. impuls of geleidingsstoornissen). | 3.5 Vanwege de onduidelijkheid bij de diagnosestelling voor het vervangen van een pacemaker of een ICD is besloten dat de diagnose 803 “follow-up na pacemaker” of 804 “follow-up na ICD implantatie” hiervoor niet gebruikt kunnen worden. Bij de indicatiestelling voor vervanging van een pacemaker of een ICD dient men een nieuwe reguliere DBC te openen en de openstaande follow-up DBC af te sluiten. Als het een end of life indicatie betreft dient men de diagnose voor de eerste implantatie opnieuw te coderen (bv. impuls of geleidingsstoornissen). | ||
2021: DBC-Onderhoud Instructie Cardiologie v20110701 | 2021: [https://docplayer.nl/storage/51/28245032/1609343522/qLZqFSO6BgV2rfDn4j4kIw/28245032.pdf DBC-Onderhoud Instructie Cardiologie v20110701] | ||
|} | |} | ||