Deelwaarneming - Klinische periode verdeeld over meerdere subtrajecten binnen 1 specialisme (niet automatiseerbare afsluitregels) (N0687-HR2025): verschil tussen versies
| Regel 24: | Regel 24: | ||
{| class="mw-collapsible wikitable" style="width:90em" | {| class="mw-collapsible wikitable" style="width:90em" | ||
|- | |- | ||
! | ! 2025 | ||
|- | |- | ||
|Bij parallelliteit (binnen één specialisme) tijdens een klinische periode worden verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie aan één subtraject gekoppeld. Verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie worden gekoppeld aan het subtraject van de beroepsbeoefenaar die de poortfunctie uitvoert en verantwoordelijk is voor deze opname. Het verdelen van verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie is niet toegestaan. Indien er vanuit het medisch dossier aantoonbaar sprake is van overdracht van het klinische hoofdbehandelaarschap aan een ander poortspecialisme, worden de opvolgende verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie gekoppeld aan het subtraject van de 'nieuwe' hoofdbehandelaar. | |Bij parallelliteit (binnen één specialisme) tijdens een klinische periode worden verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie aan één subtraject gekoppeld. Verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie worden gekoppeld aan het subtraject van de beroepsbeoefenaar die de poortfunctie uitvoert en verantwoordelijk is voor deze opname. Het verdelen van verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie is niet toegestaan. Indien er vanuit het medisch dossier aantoonbaar sprake is van overdracht van het klinische hoofdbehandelaarschap aan een ander poortspecialisme, worden de opvolgende verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie gekoppeld aan het subtraject van de 'nieuwe' hoofdbehandelaar. | ||
2025: [[Regeling medisch-specialistische zorg 2025#page81|Regeling medisch-specialistische zorg 2025 Toelichting art. 23 lid 9]] | |||
Voor het poortspecialisme cardiologie gelden specifieke afsluitregels voor zorgtrajecten in verband met | Voor het poortspecialisme cardiologie gelden specifieke afsluitregels voor zorgtrajecten in verband met | ||
| Regel 35: | Regel 35: | ||
zorgvraag voordoet waarvoor een nieuw zorgtraject voor cardiologie wordt geopend. | zorgvraag voordoet waarvoor een nieuw zorgtraject voor cardiologie wordt geopend. | ||
2025: [[Regeling medisch-specialistische zorg 2025#page16|Regeling medisch-specialistische zorg 2025 art. 6 lid 3]] | |||
''Cardiologie (1.0320.3)''<br/>Voor het specialisme cardiologie worden subtrajecten met ZT11 en ZT21 als volgt afgesloten: | ''Cardiologie (1.0320.3)''<br/>Voor het specialisme cardiologie worden subtrajecten met ZT11 en ZT21 als volgt afgesloten:<br/>a. Bij een klinische opname of dagverpleging (geen hartrevalidatie) wordt het subtraject afgesloten: | ||
<br/>a. Bij een klinische opname of dagverpleging (geen hartrevalidatie) wordt het subtraject afgesloten: | *op datum van klinisch ontslag of dagverpleging (ZPK2) behalve bij vervolg subtrajecten (ZT21) op de dagverpleging in het kader van diagnostiek of elektrocardioversie; | ||
*op datum van klinisch ontslag | |||
*wanneer zich bij de patiënt een andere/nieuwe zorgvraag voordoet waarvoor een nieuw zorgtraject wordt geopend (vanwege niet toegestane parallelliteit). | *wanneer zich bij de patiënt een andere/nieuwe zorgvraag voordoet waarvoor een nieuw zorgtraject wordt geopend (vanwege niet toegestane parallelliteit). | ||
b. Bij een poliklinisch subtraject (geen hartrevalidatie) wordt het subtraject afgesloten: | b. Bij een poliklinisch subtraject (geen hartrevalidatie) wordt het subtraject afgesloten: | ||
*Subtraject met ZT11: op de 90e dag na de opening van het subtraject; tenzij zich bij de patiënt een andere/nieuwe zorgvraag voordoet waarvoor een nieuw zorgtraject wordt geopend (vanwege niet toegestane parallelliteit). In dat geval wordt het subtraject één dag voor opening van het nieuwe zorgtraject afgesloten. | *Subtraject met ZT11: op de 90e dag na de opening van het subtraject; tenzij zich bij de patiënt een andere/nieuwe zorgvraag voordoet waarvoor een nieuw zorgtraject wordt geopend (vanwege niet toegestane parallelliteit). In dat geval wordt het subtraject één dag voor opening van het nieuwe zorgtraject afgesloten. | ||
*Subtraject met ZT21: op de 120e dag na de opening van het subtraject; tenzij zich bij de patiënt een andere/nieuwe zorgvraag voordoet waarvoor een nieuw zorgtraject wordt geopend (vanwege niet toegestane parallelliteit). In dat geval wordt het subtraject één dag voor opening van het nieuwe zorgtraject afgesloten. | *Subtraject met ZT21: op de 120e dag na de opening van het subtraject; tenzij zich bij de patiënt een andere/nieuwe zorgvraag voordoet waarvoor een nieuw zorgtraject wordt geopend (vanwege niet toegestane parallelliteit). In dat geval wordt het subtraject één dag voor opening van het nieuwe zorgtraject afgesloten. | ||
c. Bij hartrevalidatie (diagnose 821) wordt het subtraject op de 120e dag na de opening van het subtraject afgesloten. | c. Bij hartrevalidatie (diagnose 821) wordt het subtraject op de 120e dag na de opening van het | ||
subtraject afgesloten. | |||
d. Op de dag voorafgaand aan het implanteren van (een deel van) een transveneuze lead of een | |||
intracardiale pacemaker na een complexe transveneuze leadextractie of complexe transveneuze | |||
verwijdering van een intracardiale pacemaker. | |||
2025: [[Regeling medisch-specialistische zorg 2025#page23|Regeling medisch-specialistische zorg 2025 art. 19 lid 7]] | |||
|} | |} | ||
{| class="mw-collapsible wikitable" style="width:90em" | {| class="mw-collapsible wikitable" style="width:90em" | ||
|- | |- | ||
! | ! 2024 | ||
|- | |- | ||
|Bij parallelliteit (binnen één specialisme) tijdens een klinische periode worden verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie aan één subtraject gekoppeld. Verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie worden gekoppeld aan het subtraject van de beroepsbeoefenaar die de poortfunctie uitvoert en verantwoordelijk is voor deze opname. Het verdelen van verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie is niet toegestaan. Indien er vanuit het medisch dossier aantoonbaar sprake is van overdracht van het klinische hoofdbehandelaarschap aan een ander poortspecialisme, worden de opvolgende verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie gekoppeld aan het subtraject van de 'nieuwe' hoofdbehandelaar. | |Bij parallelliteit (binnen één specialisme) tijdens een klinische periode worden verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie aan één subtraject gekoppeld. Verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie worden gekoppeld aan het subtraject van de beroepsbeoefenaar die de poortfunctie uitvoert en verantwoordelijk is voor deze opname. Het verdelen van verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie is niet toegestaan. Indien er vanuit het medisch dossier aantoonbaar sprake is van overdracht van het klinische hoofdbehandelaarschap aan een ander poortspecialisme, worden de opvolgende verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie gekoppeld aan het subtraject van de 'nieuwe' hoofdbehandelaar. | ||
2024: [[NR/REG-2403a#page78|NR/REG-2403a Toelichting art. 23 lid 9]] | |||
Voor het poortspecialisme cardiologie gelden specifieke afsluitregels voor zorgtrajecten in verband met | Voor het poortspecialisme cardiologie gelden specifieke afsluitregels voor zorgtrajecten in verband met | ||
| Regel 63: | Regel 67: | ||
zorgvraag voordoet waarvoor een nieuw zorgtraject voor cardiologie wordt geopend. | zorgvraag voordoet waarvoor een nieuw zorgtraject voor cardiologie wordt geopend. | ||
2024: [[NR/REG-2403a#page14|NR/REG-2403a art. 6 lid 3]] | |||
''Cardiologie (1.0320.3)''<br/>Voor het specialisme cardiologie worden subtrajecten met ZT11 en ZT21 als volgt afgesloten: | ''Cardiologie (1.0320.3)''<br/>Voor het specialisme cardiologie worden subtrajecten met ZT11 en ZT21 als volgt afgesloten: | ||
| Regel 75: | Regel 79: | ||
<br/>d. Op de dag voorafgaand aan het implanteren van (een deel van) een transveneuze lead of een intracardiale pacemaker na een complexe transveneuze leadextractie of complexe transveneuze verwijdering van een intracardiale pacemaker. | <br/>d. Op de dag voorafgaand aan het implanteren van (een deel van) een transveneuze lead of een intracardiale pacemaker na een complexe transveneuze leadextractie of complexe transveneuze verwijdering van een intracardiale pacemaker. | ||
2024: [[NR/REG-2403a#page21|NR/REG-2403a art. 19 lid 7]] | |||
|} | |} | ||
Versie van 11 apr 2025 08:36
Referentienummer: N0687-HR2025
Link naar Handreiking MSZ
Handreiking Rechtmatigheidscontroles 2023 MSZ - Controlepunt 5.4
Behoort tot Normenkader ValueCare
Ziekenhuizen Rechtmatigheid
Ziekenhuizen Handreiking
Samenvatting
Er mag maximaal één klinische opname per patiënt per klinisch verblijf in het ziekenhuis geregistreerd worden. Het verdelen van verpleegdagen mag niet in verband met het risico dat er meerdere klinische trajecten worden gedeclareerd.
Regelgeving / beleid
| 2025 |
|---|
| Bij parallelliteit (binnen één specialisme) tijdens een klinische periode worden verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie aan één subtraject gekoppeld. Verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie worden gekoppeld aan het subtraject van de beroepsbeoefenaar die de poortfunctie uitvoert en verantwoordelijk is voor deze opname. Het verdelen van verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie is niet toegestaan. Indien er vanuit het medisch dossier aantoonbaar sprake is van overdracht van het klinische hoofdbehandelaarschap aan een ander poortspecialisme, worden de opvolgende verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie gekoppeld aan het subtraject van de 'nieuwe' hoofdbehandelaar.
2025: Regeling medisch-specialistische zorg 2025 Toelichting art. 23 lid 9 Voor het poortspecialisme cardiologie gelden specifieke afsluitregels voor zorgtrajecten in verband met niet toegestane parallelliteit. Een zorgtraject met één of meer subtrajecten met ZT11 of ZT21 wordt bij het poortspecialisme cardiologie afgesloten op het moment dat zich bij de patiënt een andere/nieuwe zorgvraag voordoet waarvoor een nieuw zorgtraject voor cardiologie wordt geopend. 2025: Regeling medisch-specialistische zorg 2025 art. 6 lid 3 Cardiologie (1.0320.3)
b. Bij een poliklinisch subtraject (geen hartrevalidatie) wordt het subtraject afgesloten:
c. Bij hartrevalidatie (diagnose 821) wordt het subtraject op de 120e dag na de opening van het subtraject afgesloten. d. Op de dag voorafgaand aan het implanteren van (een deel van) een transveneuze lead of een intracardiale pacemaker na een complexe transveneuze leadextractie of complexe transveneuze verwijdering van een intracardiale pacemaker. 2025: Regeling medisch-specialistische zorg 2025 art. 19 lid 7 |
| 2024 |
|---|
| Bij parallelliteit (binnen één specialisme) tijdens een klinische periode worden verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie aan één subtraject gekoppeld. Verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie worden gekoppeld aan het subtraject van de beroepsbeoefenaar die de poortfunctie uitvoert en verantwoordelijk is voor deze opname. Het verdelen van verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie is niet toegestaan. Indien er vanuit het medisch dossier aantoonbaar sprake is van overdracht van het klinische hoofdbehandelaarschap aan een ander poortspecialisme, worden de opvolgende verpleegdagen en klinische zorgdagen in de thuissituatie gekoppeld aan het subtraject van de 'nieuwe' hoofdbehandelaar.
2024: NR/REG-2403a Toelichting art. 23 lid 9 Voor het poortspecialisme cardiologie gelden specifieke afsluitregels voor zorgtrajecten in verband met niet toegestane parallelliteit. Een zorgtraject met één of meer subtrajecten met ZT11 of ZT21 wordt bij het poortspecialisme cardiologie afgesloten op het moment dat zich bij de patiënt een andere/nieuwe zorgvraag voordoet waarvoor een nieuw zorgtraject voor cardiologie wordt geopend. 2024: NR/REG-2403a art. 6 lid 3 Cardiologie (1.0320.3)
b. Bij een poliklinisch subtraject (geen hartrevalidatie) wordt het subtraject afgesloten:
c. Bij hartrevalidatie (diagnose 821) wordt het subtraject op de 120e dag na de opening van het subtraject afgesloten.
|
Wijzigingen ten opzichte van voorgaand jaar
Er zijn geen wijzigingen aan deze norm ten opzichte van vorig Handreiking jaar.
Interpretaties
De volgende interpretatiekeuzes zijn gemaakt:
- Voor het bepalen of een afsluitregel wel of niet automatiseerbaar is, wordt gekeken naar het Registratieaddendum. Gedeeltelijk automatiseerbaar of semi-automatiseerbaar worden behandeld als niet-automatiseerbaar. Uitzondering is afsluitregel 1.0320.3 met afsluitreden 43; deze wordt beschouwd als automatiseerbaar indien DBC na 90 dagen (ZT11) of 120 dagen (ZT21) gesloten is.
- Standaard wordt afsluitregel 0.0000.0 (Patiënt overleden) meegenomen op de N0687. Mocht deze echter wel als automatisch afsluitbaar moeten worden gezien, dan kan dat worden in gesteld via parameter N0685_N0687_sluitregel_00000. In dat geval worden deze signaleringen hier niet meegenomen, maar op de gerelateerde N0685.
Programmeerbare norm
Er is sprake van “Deelwaarneming - Klinische periode verdeeld over meerdere subtrajecten binnen 1 specialisme (niet automatiseerbare afsluitregels) (N0687-HR2025)” als aan de volgende selectie is voldaan:
Logica: 1 en 2 en 3 (3a en 3b) of 4
Berekening financiële impact
Zie Berekening financiële impact - Impact bij verdelen van verpleegdagen