Verblijf met rechtvaardigingsgrond (N6270): verschil tussen versies
Naar navigatie springen
Naar zoeken springen
| Regel 123: | Regel 123: | ||
<span>'''Relevante wet- en regelgeving'''</span> | <span>'''Relevante wet- en regelgeving'''</span> | ||
<span>Rapport Medisch Noodzakelijk verblijf in de geneeskundige GGZ dd. 28 februari 2017<br/>Werkwijzer Medisch Noodzakelijk Verblijf (Definitieve versie -31 augustus 2018)<br/>Om te stimuleren dat mensen naar huis of een andere passende plek kunnen met de juiste zorg en ondersteuning als een klinische opname in een ggz-instelling niet langer medisch noodzakelijk is, is samenwerking nodig tussen betrokken partijen met heldere afspraken over hoe te handelen rondom individuele patiënten. GGZ Nederland, Mind, VNG en ZN geven hieraan invulling en daarmee ook invulling aan de adviezen in het rapport van het Zorginstituut door middel van deze ‘Werkwijzer medisch noodzakelijk verblijf’. De Werkwijzer is leidend voor de partijen en partijen spreken elkaar aan als er niet wordt gehandeld op basis van deze Werkwijzer.</span> | <span>Rapport Medisch Noodzakelijk verblijf in de geneeskundige GGZ dd. 28 februari 2017.<br/>Werkwijzer Medisch Noodzakelijk Verblijf (Definitieve versie -31 augustus 2018).<br/>Om te stimuleren dat mensen naar huis of een andere passende plek kunnen met de juiste zorg en ondersteuning als een klinische opname in een ggz-instelling niet langer medisch noodzakelijk is, is samenwerking nodig tussen betrokken partijen met heldere afspraken over hoe te handelen rondom individuele patiënten. GGZ Nederland, Mind, VNG en ZN geven hieraan invulling en daarmee ook invulling aan de adviezen in het rapport van het Zorginstituut door middel van deze ‘Werkwijzer medisch noodzakelijk verblijf’. De Werkwijzer is leidend voor de partijen en partijen spreken elkaar aan als er niet wordt gehandeld op basis van deze Werkwijzer.</span> | ||
<span>p. 20 Verantwoordelijkheden VMR<br/>Met betrekking tot VMR zijn de verantwoordelijkheden als volgt verdeeld. In verband met de termijnen voor gemeenten vergoeden zorgverzekeraars voor een periode van maximaal<br/>zes maanden de VMR dagen. Nadat de vergoeding van VMR-dagen door verzekeraars stopt, zijn gemeenten verantwoordelijk voor het regelen en financieren van een kwalitatief passende overbruggingsopvang voor deze groep cliënten. De gemeente overlegt dan met de cliënt, naasten en ggz-aanbieder waar de cliënt verblijft over hoe deze vorm te geven. De ggz-aanbieder neemt hierover tijdig contact op met de betrokken gemeente. In het geval aldus wordt besloten het verblijf bij de betreffende ggz-aanbieder voort te zetten, wordt dit verblijf vergoed door de gemeente tegen hetzelfde landelijk geldende NZa-tarief. Uitzondering op de termijn van zes maanden is de situatie dat het VMR-verblijf langer dan zes maanden duurt door een gebrek aan noodzakelijke ambulante zorg vanuit de Zvw. In die situatie wordt het VMR-verblijf vergoed door verzekeraars tot het moment dat de noodzakelijke ambulante zorg wel voorhanden is. De Werkwijzer gaat uit van het principe dat de zorgaanbieder de betreffende financier van de benodigde vervolgvoorziening (gemeente, zorgverzekeraar) al gedurende het traject informeert en verzoekt voor passende uitstroomvoorzieningen te zorgen. De termijn van zes maanden is aanvullend op de duur van het medisch noodzakelijk verblijf van een patiënt.</span> | <span>p. 20 Verantwoordelijkheden VMR.<br/>Met betrekking tot VMR zijn de verantwoordelijkheden als volgt verdeeld. In verband met de termijnen voor gemeenten vergoeden zorgverzekeraars voor een periode van maximaal<br/>zes maanden de VMR dagen. Nadat de vergoeding van VMR-dagen door verzekeraars stopt, zijn gemeenten verantwoordelijk voor het regelen en financieren van een kwalitatief passende overbruggingsopvang voor deze groep cliënten. De gemeente overlegt dan met de cliënt, naasten en ggz-aanbieder waar de cliënt verblijft over hoe deze vorm te geven. De ggz-aanbieder neemt hierover tijdig contact op met de betrokken gemeente. In het geval aldus wordt besloten het verblijf bij de betreffende ggz-aanbieder voort te zetten, wordt dit verblijf vergoed door de gemeente tegen hetzelfde landelijk geldende NZa-tarief. Uitzondering op de termijn van zes maanden is de situatie dat het VMR-verblijf langer dan zes maanden duurt door een gebrek aan noodzakelijke ambulante zorg vanuit de Zvw. In die situatie wordt het VMR-verblijf vergoed door verzekeraars tot het moment dat de noodzakelijke ambulante zorg wel voorhanden is. De Werkwijzer gaat uit van het principe dat de zorgaanbieder de betreffende financier van de benodigde vervolgvoorziening (gemeente, zorgverzekeraar) al gedurende het traject informeert en verzoekt voor passende uitstroomvoorzieningen te zorgen. De termijn van zes maanden is aanvullend op de duur van het medisch noodzakelijk verblijf van een patiënt.</span> | ||
| Regel 141: | Regel 141: | ||
<span>'''Controlemethodiek'''</span> | <span>'''Controlemethodiek'''</span> | ||
<span>Toelichting op beleid</span> | <span>Toelichting op beleid.</span> | ||
<span>'''Toetsingskader'''</span> | <span>'''Toetsingskader'''</span> | ||