Subtraject van in tempibehandelingen te vroeg afgesloten (N0096): verschil tussen versies
Naar navigatie springen
Naar zoeken springen
Geen bewerkingssamenvatting |
Geen bewerkingssamenvatting |
||
| Regel 307: | Regel 307: | ||
#Voor orgaantransplantatietrajecten voor ontvangers wordt door één specialisme een (eventueel parallelaan het zorgtraject voor de onderliggende aandoening) zorgtraject geopend. | #Voor orgaantransplantatietrajecten voor ontvangers wordt door één specialisme een (eventueel parallelaan het zorgtraject voor de onderliggende aandoening) zorgtraject geopend. | ||
#De volgende fasen worden bij transplantatietrajecten onderscheiden: | #De volgende fasen worden bij transplantatietrajecten onderscheiden: | ||
#*Fase 1: pretransplantatie fase/screening ontvangers; deze fase breekt aan bij het beantwoorden van de vraag of de ontvanger in aanmerking komt voor transplantatie; | |||
*De initiële screening kan plaatsvinden in een transplantatiecentrum of in een niet-transplantatiecentrum; | #**De initiële screening kan plaatsvinden in een transplantatiecentrum of in een niet-transplantatiecentrum; | ||
*De follow-up screening en besluitvorming kan alleen plaatsvinden in een transplantatiecentrum. Voor de screening van kinderen geldt dat deze uitsluitend kan plaatsvinden in de transplantatiecentra. Fase 2: transplantatiefase ontvangers; de transplantatiefase kan alleen plaatsvinden in een transplantatiecentrum. Fase 3: posttransplantatie fase/nazorg ontvangers; deze fase breekt aan: voor het transplantatiecentrum; op de dag dat het eerste polikliniekbezoek plaatsvindt in het | #**De follow-up screening en besluitvorming kan alleen plaatsvinden in een transplantatiecentrum. Voor de screening van kinderen geldt dat deze uitsluitend kan plaatsvinden in de transplantatiecentra. | ||
#*Fase 2: transplantatiefase ontvangers; de transplantatiefase kan alleen plaatsvinden in een transplantatiecentrum. | |||
transplantatiecentrum in het kader van de nazorg na het klinisch ontslag van de ontvanger na de transplantatie. | #*Fase 3: posttransplantatie fase/nazorg ontvangers; deze fase breekt aan: | ||
#**voor het transplantatiecentrum; op de dag dat het eerste polikliniekbezoek plaatsvindt in het transplantatiecentrum in het kader van de nazorg na het klinisch ontslag van de ontvanger na de transplantatie. | |||
#**voor het niet-transplantatiecentrum; na de transplantatie na overdracht van de patiënt voor de reguliere zorg door het transplantatiecentrum. | |||
#Een fase wordt op de 120e dag na opening van het subtraject afgesloten tenzij eerder een andere fase aanbreekt. In dat geval wordt het subtraject gesloten één dag voor de dag van de andere fase. | #Een fase wordt op de 120e dag na opening van het subtraject afgesloten tenzij eerder een andere fase aanbreekt. In dat geval wordt het subtraject gesloten één dag voor de dag van de andere fase. | ||
#Ook bij het opnieuw starten van fase 1, fase 2 of fase 3 wordt het voorafgaande transplantatie subtraject afgesloten één dag voor de dag dat fase 1, fase 2 of fase 3 start. | #Ook bij het opnieuw starten van fase 1, fase 2 of fase 3 wordt het voorafgaande transplantatie subtraject afgesloten één dag voor de dag dat fase 1, fase 2 of fase 3 start. | ||
#Een orgaantransplantatietraject kan eventueel parallel aan het zorgtraject voor de onderliggende aandoening worden geopend. Een zorgvraag maakt onderdeel uit van het transplantatiezorgtraject wanneer aan de volgende criteria voldaan is: | #Een orgaantransplantatietraject kan eventueel parallel aan het zorgtraject voor de onderliggende aandoening worden geopend. Een zorgvraag maakt onderdeel uit van het transplantatiezorgtraject wanneer aan de volgende criteria voldaan is: | ||
* De transplantatiespecialist treedt op als hoofdbehandelaar; en | |||
*Er is sprake van een direct oorzakelijk verband met de transplantatie; en | |||
*De transplantatie gerelateerde zorgvraag doet zich voor tijdens de looptijd van het operatieve fase 2 subtraject of binnen het eerst geopende nazorgtraject van 120 dagen. | |||
<br/>'''Donoren''' | <br/>'''Donoren''' | ||
| Regel 324: | Regel 327: | ||
#Voor donor transplantatietrajecten wordt door één specialisme een zorgtraject geopend. | #Voor donor transplantatietrajecten wordt door één specialisme een zorgtraject geopend. | ||
#De volgende drie fasen worden bij transplantatietrajecten onderscheiden: | #De volgende drie fasen worden bij transplantatietrajecten onderscheiden: | ||
#*Fase 1: pretransplantatie fase/screening donoren; deze fase breekt aan bij het beantwoorden van de vraag of de donor in aanmerking komt voor transplantatie; | |||
*Fase 1: pretransplantatie fase/screening donoren; | #**De initiële screening voorbereidend onderzoek kan plaatsvinden in een transplantatiecentrum of in een niet-transplantatiecentrum. | ||
#**De initiële screening en besluitvormend onderzoek kan alleen plaatsvinden in een transplantatiecentrum. | |||
deze fase breekt aan bij het beantwoorden van de vraag of de donor in aanmerking komt voor transplantatie; | #*Fase 2: transplantatiefase donoren; de transplantatiefase kan alleen plaatsvinden in een transplantatiecentrum. | ||
#*Fase 3: posttransplantatie fase/nazorg donoren. | |||
*Fase 2: transplantatiefase donoren; | |||
de transplantatiefase kan alleen plaatsvinden in een transplantatiecentrum. | |||
*Fase 3: posttransplantatie fase/nazorg donoren. | |||
#Een fase wordt op de 120e dag na opening van het subtraject afgesloten tenzij eerder een andere fase aanbreekt. In dat geval wordt het subtraject gesloten één dag voor de dag van de andere fase. | #Een fase wordt op de 120e dag na opening van het subtraject afgesloten tenzij eerder een andere fase aanbreekt. In dat geval wordt het subtraject gesloten één dag voor de dag van de andere fase. | ||
| Regel 404: | Regel 399: | ||
Bij behandeling middels plasmafiltratie en LDL aferese wordt per drie behandelingen een subtraject geopend. Wanneer de vierde behandeling eerder plaatsvindt dan het in artikel 17 en 18 voorgeschreven afsluitmoment dan wordt het subtraject afgesloten één dag voor de dag dat de vierde behandeling plaatsvindt (dus op het in lid 17 genoemde moment). Zie voor kindergeneeskunde ook de overige uitzonderingen in dit artikellid. | Bij behandeling middels plasmafiltratie en LDL aferese wordt per drie behandelingen een subtraject geopend. Wanneer de vierde behandeling eerder plaatsvindt dan het in artikel 17 en 18 voorgeschreven afsluitmoment dan wordt het subtraject afgesloten één dag voor de dag dat de vierde behandeling plaatsvindt (dus op het in lid 17 genoemde moment). Zie voor kindergeneeskunde ook de overige uitzonderingen in dit artikellid. | ||
2016: [[NR/CU-266#page19|NR/CU-266 art 19.17]] | 2016: [[NR/CU-266#page19|NR/CU-266 art 19.17]] | ||
| Regel 433: | Regel 429: | ||
#Voor orgaantransplantatietrajecten voor ontvangers wordt door één specialisme een (eventueel parallelaan het zorgtraject voor de onderliggende aandoening) zorgtraject geopend. | #Voor orgaantransplantatietrajecten voor ontvangers wordt door één specialisme een (eventueel parallelaan het zorgtraject voor de onderliggende aandoening) zorgtraject geopend. | ||
#De volgende fasen worden bij transplantatietrajecten onderscheiden: | #De volgende fasen worden bij transplantatietrajecten onderscheiden: | ||
#*Fase 1: pretransplantatie fase/screening ontvangers; deze fase breekt aan bij het beantwoorden van de vraag of de ontvanger in aanmerking komt voor transplantatie; | |||
*De initiële screening kan plaatsvinden in een transplantatiecentrum of in een niet-transplantatiecentrum; | #**De initiële screening kan plaatsvinden in een transplantatiecentrum of in een niet-transplantatiecentrum; | ||
*De follow-up screening en besluitvorming kan alleen plaatsvinden in een transplantatiecentrum. Voor de screening van kinderen geldt dat deze uitsluitend kan plaatsvinden in de transplantatiecentra. Fase 2: transplantatiefase ontvangers; de transplantatiefase kan alleen plaatsvinden in een transplantatiecentrum. Fase 3: posttransplantatie fase/nazorg ontvangers; deze fase breekt aan: voor het transplantatiecentrum; op de dag dat het eerste polikliniekbezoek plaatsvindt in het | #**De follow-up screening en besluitvorming kan alleen plaatsvinden in een transplantatiecentrum. Voor de screening van kinderen geldt dat deze uitsluitend kan plaatsvinden in de transplantatiecentra. | ||
#*Fase 2: transplantatiefase ontvangers; de transplantatiefase kan alleen plaatsvinden in een transplantatiecentrum. | |||
transplantatiecentrum in het kader van de nazorg na het klinisch ontslag van de ontvanger na de transplantatie. | #*Fase 3: posttransplantatie fase/nazorg ontvangers; deze fase breekt aan: | ||
#**voor het transplantatiecentrum; op de dag dat het eerste polikliniekbezoek plaatsvindt in het transplantatiecentrum in het kader van de nazorg na het klinisch ontslag van de ontvanger na de transplantatie. | |||
#**voor het niet-transplantatiecentrum; na de transplantatie na overdracht van de patiënt voor de reguliere zorg door het transplantatiecentrum. | |||
#Een fase wordt op de 120e dag na opening van het subtraject afgesloten tenzij eerder een andere fase aanbreekt. In dat geval wordt het subtraject gesloten één dag voor de dag van de andere fase. | #Een fase wordt op de 120e dag na opening van het subtraject afgesloten tenzij eerder een andere fase aanbreekt. In dat geval wordt het subtraject gesloten één dag voor de dag van de andere fase. | ||
#Ook bij het opnieuw starten van fase 1, fase 2 of fase 3 wordt het voorafgaande transplantatie subtraject afgesloten één dag voor de dag dat fase 1, fase 2 of fase 3 start. | #Ook bij het opnieuw starten van fase 1, fase 2 of fase 3 wordt het voorafgaande transplantatie subtraject afgesloten één dag voor de dag dat fase 1, fase 2 of fase 3 start. | ||
#Een orgaantransplantatietraject kan eventueel parallel aan het zorgtraject voor de onderliggende aandoening worden geopend. Een zorgvraag maakt onderdeel uit van het transplantatiezorgtraject wanneer aan de volgende criteria voldaan is: | #Een orgaantransplantatietraject kan eventueel parallel aan het zorgtraject voor de onderliggende aandoening worden geopend. Een zorgvraag maakt onderdeel uit van het transplantatiezorgtraject wanneer aan de volgende criteria voldaan is: | ||
* De transplantatiespecialist treedt op als hoofdbehandelaar; en | |||
*Er is sprake van een direct oorzakelijk verband met de transplantatie; en | |||
*De transplantatie gerelateerde zorgvraag doet zich voor tijdens de looptijd van het operatieve fase 2 subtraject of binnen het eerst geopende nazorgtraject van 120 dagen. | |||
<br/>'''Donoren''' | <br/>'''Donoren''' | ||
| Regel 450: | Regel 449: | ||
#Voor donor transplantatietrajecten wordt door één specialisme een zorgtraject geopend. | #Voor donor transplantatietrajecten wordt door één specialisme een zorgtraject geopend. | ||
#De volgende drie fasen worden bij transplantatietrajecten onderscheiden: | #De volgende drie fasen worden bij transplantatietrajecten onderscheiden: | ||
#*Fase 1: pretransplantatie fase/screening donoren; deze fase breekt aan bij het beantwoorden van de vraag of de donor in aanmerking komt voor transplantatie; | |||
*Fase 1: pretransplantatie fase/screening donoren; | #**De initiële screening voorbereidend onderzoek kan plaatsvinden in een transplantatiecentrum of in een niet-transplantatiecentrum. | ||
#**De initiële screening en besluitvormend onderzoek kan alleen plaatsvinden in een transplantatiecentrum. | |||
deze fase breekt aan bij het beantwoorden van de vraag of de donor in aanmerking komt voor transplantatie; | #*Fase 2: transplantatiefase donoren; de transplantatiefase kan alleen plaatsvinden in een transplantatiecentrum. | ||
#*Fase 3: posttransplantatie fase/nazorg donoren. | |||
*Fase 2: transplantatiefase donoren; | |||
de transplantatiefase kan alleen plaatsvinden in een transplantatiecentrum. | |||
*Fase 3: posttransplantatie fase/nazorg donoren. | |||
#Een fase wordt op de 120e dag na opening van het subtraject afgesloten tenzij eerder een andere fase aanbreekt. In dat geval wordt het subtraject gesloten één dag voor de dag van de andere fase. | #Een fase wordt op de 120e dag na opening van het subtraject afgesloten tenzij eerder een andere fase aanbreekt. In dat geval wordt het subtraject gesloten één dag voor de dag van de andere fase. | ||