Steekproef - Parallelle subtrajecten (HT0200): verschil tussen versies
Naar navigatie springen
Naar zoeken springen
Labels: Handmatige ongedaanmaking Visuele tekstverwerker |
|||
| (6 tussenliggende versies door dezelfde gebruiker niet weergegeven) | |||
| Regel 251: | Regel 251: | ||
|} | |} | ||
{| class="mw-collapsible wikitable" style="width:90em" | {| class="mw-collapsible mw-collapsed wikitable" style="width:90em" | ||
|- | |- | ||
! 2023 | ! 2023 | ||
| Regel 366: | Regel 366: | ||
2024: [[NR/REG-2403a#page12|NR/REG-2403a art. 5 lid 4a t/m d]] | 2024: [[NR/REG-2403a#page12|NR/REG-2403a art. 5 lid 4a t/m d]] | ||
|} | |||
{| class="mw-collapsible wikitable" style="width:90em" | |||
|- | |||
! 2025 | |||
|- | |||
|''Verwijsregistratie'' | |||
''Type verwijzer''<br/>Op de declaratie wordt het type verwijzer vermeld naar onderstaande classificatie: | |||
#Zelfverwijzer SEH (een patiënt die zich meldt bij de SEH zonder verwijzing). | |||
#Zelfverwijzer niet-SEH (bijvoorbeeld een patiënt die zich meldt bij de polikliniek zonder verwijzing). | |||
#Verwezen patiënt SEH (Een patiënt die zich meldt bij de SEH met een verwijzing) | |||
#Verwezen patiënt niet-SEH vanuit eerste lijn (bijvoorbeeld een patiënt die zich meldt bij de polikliniek met een verwijzing vanuit de eerste lijn). | |||
#Verwezen patiënt niet-SEH vanuit ander specialisme binnen dezelfde instelling (bijvoorbeeld een patiënt die zich meldt bij de polikliniek met een verwijzing van een ander medisch specialisme binnen dezelfde instelling). | |||
#Verwezen patiënt niet-SEH vanuit andere instelling (bijvoorbeeld een patiënt die zich meldt bij de polikliniek met een verwijzing van andere instelling). | |||
#Eigen patiënt (bijvoorbeeld ingeval vervolgtraject of nieuwe zorgvraag van eigen patiënt). | |||
#Verwezen patiënt niet-SEH vanuit eerste lijn, maar verwijzer heeft geen AGB-code. | |||
2025: [[Regeling medisch-specialistische zorg 2025#page70|Regeling medisch-specialistische zorg 2025 art. 36 lid 1m]] | |||
''Openen zorgtraject'' | |||
<br/>''Poortfunctie''<br/> | |||
Typering van een zorgaanbieder die een zorgtraject voor medisch-specialistische zorg kan starten. De poortfunctie kan uitgevoerd worden door de poortspecialist en de volgende ondersteunende specialisten: interventie-radioloog (0362), anesthesist als pijnbestrijder (0389) en klinisch geneticus (0390). Daarnaast kan de poortfunctie ook uitgevoerd worden door de volgende beroepsbeoefenaren, niet zijnde medisch specialisten: arts-assistent, klinisch fysicus audioloog (1900), specialist ouderengeneeskunde (8418), SEH-arts KNMG, verpleegkundig specialist, physician assistant en klinisch technologen. Tandarts-specialisten voor mondziekten, kaak- en aangezichtschirurgie kunnen ook een poortfunctie uitvoeren, maar declareren alleen overige zorgproducten. | |||
2025: [[Regeling medisch-specialistische zorg 2025#page10|Regeling medisch-specialistische zorg 2025 art. 1 lid dd]] | |||
Het zorgtraject start op de datum dat de eerste zorgactiviteit plaatsvindt in het kader van een nieuwezorgvraag van een patiënt. Het zorgtraject kan ook starten op de datum van een verstrekking/ toediening van een add-on geneesmiddel of ozp stollingsfactor aan de patiënt | |||
2025: [[Regeling medisch-specialistische zorg 2025#page14|Regeling medisch-specialistische zorg 2025 art. 4 lid 1]] | |||
De beroepsbeoefenaar die de poortfunctie uitvoert, is verantwoordelijk voor het vaststellen of er bij de behandeling van een patiënt aan de medische indicatievereisten wordt voldaan op basis van de Zorgverzekeringswet. Daarnaast is hij/zij ook verantwoordelijk om dit op een juiste wijze vast te leggen bij de registratie van de zorgactiviteit. | |||
2025: [[Regeling medisch-specialistische zorg 2025#page30|Regeling medisch-specialistische zorg 2025 art. 23 lid 1]] | |||
Multidisciplinaire behandeling | |||
*Als er sprake is van een multidisciplinaire behandeling kunnen er voor dezelfde zorgvraag van een patiënt meerdere zorgtrajecten worden geopend. Er is sprake van multidisciplinaire behandeling indien er sprake is van één zorgvraag waarbij meerdere poortspecialismen als hoofdbehandelaar optreden en verantwoordelijk zijn voor het uit te voeren beleid met betrekking tot de zorgvraag. | |||
*Er is géén sprake van multidisciplinaire behandeling indien binnen een zorgtraject zowel een SEH-arts KNMG (of een beroepsbeoefenaar die de poortfunctie uitvoert en de SEH-functie uitoefent) als een andere beroepsbeoefenaar die de poortfunctie uitvoert een deel van de prestaties in het kader van één zorgvraag uitvoeren. In dat geval wordt één zorgtraject geopend. | |||
2025: [[Regeling medisch-specialistische zorg 2025#page14|Regeling medisch-specialistische zorg 2025 art. 5 lid 2]] | |||
''Parallel zorgtraject''<br/> | |||
Voor het openen van een parallel zorgtraject binnen eenzelfde specialisme gelden de eisen zoals beschreven in bovenstaande leden en moet sprake zijn van een separaat uit te voeren beleid ten aanzien van de zorgvraag. | |||
Een parallel zorgtraject met eenzelfde diagnosetypering mag worden geopend indien sprake is van een dubbelzijdige aandoening waarbij binnen de looptijd van een subtraject aan beide zijde een zorgactiviteit wordt uitgevoerd die voorkomt in bijlage 1 bij het registratieaddendum (42- dagenregel zorgactiviteiten). De combinatie van diagnosen mag hierbij niet voorkomen in de 'Diagnose Combinatie Tabel' (bijlage bij deze regeling). | |||
Er wordt geen parallel zorgtraject geopend: | |||
*Wanneer de combinatie van beide diagnosen voorkomt in de 'Diagnose Combinatie Tabel' (bijlage bij deze regeling). | |||
*Wanneer verschillende zorgvragen met dezelfde diagnosetypering voorkomen binnen de looptijd van een bestaand zorgtraject. | |||
*Binnen het specialisme cardiologie, behalve bij icc, hartrevalidatie en begeleiding bij hart- en hartlongtransplantatie. | |||
*Binnen het specialisme klinische geriatrie, behalve bij icc of klinische medebehandeling. | |||
*Bij neonatologie binnen het specialisme kindergeneeskunde. | |||
*Binnen het specialisme geriatrische revalidatiezorg. | |||
*Bij de diagnosen voor ‘ouderengeneeskunde' (090 t/m 095) binnen het specialisme inwendige geneeskunde, behalve bij icc of medebehandeling. | |||
*Binnen het specialisme gynaecologie voor eenzelfde fase tijdens één zwangerschap (fasen: zwangerschap, bevalling en kraambed), met uitzondering van de fase voor kraambed indien zich bevalling gerelateerde posttraumatische stressklachten of een postnatale depressie voordoet na postnatale complicaties. | |||
Bij de volgende diagnosen kan een parallel zorgtraject geopend worden: | |||
*Diagnosen die vastgesteld worden tijdens het traject rondom de traumaopvang volgens de ATLS, welke beschreven wordt met de diagnosen `ATLS-opvang trauma ISS <16' en `ATLS-opvang multitrauma ISS ≥ 16'. Deze diagnosen kunnen (mits aan de voorwaarden voor parallelliteit is voldaan) parallel geregistreerd worden aan diagnosen die geconstateerd worden bij de screening. | |||
*Diagnosen die vastgesteld worden naar aanleiding van het bevolkingsonderzoek `Screening colorectaal carcinoom'. Deze diagnosen kunnen (mits aan de voorwaarden voor parallelliteit is voldaan) parallel geregistreerd worden als bij de screening een aandoening geconstateerd wordt waarvoor een behandeltraject start. | |||
2025: [[Regeling medisch-specialistische zorg 2025#page14|Regeling medisch-specialistische zorg 2025 art. 5 lid 4a t/m 4d]] | |||
|} | |} | ||
| Regel 373: | Regel 434: | ||
#In principe behoort alleen de gestoken post (uit het laatst geopende zorgtraject) tot de massa, ook in geval van parallelliteit met meerdere DBC's. De enige uitzondering hierop is wanneer de zorgtrajecten op dezelfde datum zijn geopend, dan worden beiden tot de massa gerekend. | #In principe behoort alleen de gestoken post (uit het laatst geopende zorgtraject) tot de massa, ook in geval van parallelliteit met meerdere DBC's. De enige uitzondering hierop is wanneer de zorgtrajecten op dezelfde datum zijn geopend, dan worden beiden tot de massa gerekend. | ||
#De uitsluitingen zoals beschreven in bijlage 13 van Handreiking 2019 kunnen toegepast worden via parameter HT_STEEKPROEF_CP9_UITSLUITEN. Dit gaat om de uitsluitingen op het gebied van: 1. Dialyse, 2. Zwangerschap/bevalling, 3a. Fertiliteit (F11), 3b. Fertiliteit (F21), 4. Hartrevalidatie, 5. Longrevalidatie. | #De uitsluitingen zoals beschreven in bijlage 13 van Handreiking 2019 kunnen toegepast worden via parameter HT_STEEKPROEF_CP9_UITSLUITEN. Dit gaat om de uitsluitingen op het gebied van: 1. Dialyse, 2. Zwangerschap/bevalling, 3a. Fertiliteit (F11), 3b. Fertiliteit (F21), 4. Hartrevalidatie, 5. Longrevalidatie. Zie hier het overzicht van [[:Bestand:Bijlage 13 HR23 Uitsluitingen per deelmassa bij controlepunt 9.xlsx|bijlage 13.]] | ||
===== Programmeerbare norm ===== | ===== Programmeerbare norm ===== | ||