Ondersteunend subtraject zonder gekoppeld verwijzend subtraject (N4889): verschil tussen versies
| (7 tussenliggende versies door 4 gebruikers niet weergegeven) | |||
| Regel 11: | Regel 11: | ||
=====Regelgeving / beleid===== | =====Regelgeving / beleid===== | ||
{| class="mw-collapsible wikitable" style="width:90em" | {| class="mw-collapsible mw-collapsed wikitable" style="width:90em" | ||
|- | |- | ||
! 2022 | ! 2022 | ||
| Regel 18: | Regel 18: | ||
Een zorgtraject met subtraject ZT51 voor ondersteuning aan de hoofdbehandelaar kan worden geopend wanneer de ondersteuner zorg levert aan de patiënt en voor deze zorgvraag geen eigen zorgtraject open staat. Deze zorgactiviteiten worden gekoppeld aan het zorgtraject van de hoofdbehandelaar. | Een zorgtraject met subtraject ZT51 voor ondersteuning aan de hoofdbehandelaar kan worden geopend wanneer de ondersteuner zorg levert aan de patiënt en voor deze zorgvraag geen eigen zorgtraject open staat. Deze zorgactiviteiten worden gekoppeld aan het zorgtraject van de hoofdbehandelaar. | ||
2022: [[NR/REG- | 2022: [[NR/REG-2207a#page25|NR/REG-2207a art. 13]] | ||
''Sluiten ondersteunend zorgtraject (met subtraject ZT51)''<br/>Een zorgtraject met een subtraject met ZT51 voor ondersteuning aan de hoofdbehandelaar wordt afgesloten wanneer het subtraject van de hoofdbehandelaar wordt afgesloten conform de afsluitregels in artikel 17 en 18. Het afgesloten subtraject ZT51 wordt tegelijk met het subtraject van de hoofdbehandelaar naar een grouper gestuurd. | ''Sluiten ondersteunend zorgtraject (met subtraject ZT51)''<br/>Een zorgtraject met een subtraject met ZT51 voor ondersteuning aan de hoofdbehandelaar wordt afgesloten wanneer het subtraject van de hoofdbehandelaar wordt afgesloten conform de afsluitregels in artikel 17 en 18. Het afgesloten subtraject ZT51 wordt tegelijk met het subtraject van de hoofdbehandelaar naar een grouper gestuurd. | ||
2022: [[NR/REG- | 2022: [[NR/REG-2207a#page26|NR/REG-2207a art. 14]] | ||
''Zorgtrajectnummer''<br/>Een uniek nummer waarmee het zorgtraject binnen de instelling wordt geïdentificeerd. Voor zorgtrajecten met ZT51 geldt dat ook het zorgtrajectnummer van het hieraan gekoppelde zorgtraject (ZT11 of ZT21) wordt vermeld op de declaratie. | |||
2022: [[NR/REG-2207a#page95|NR/REG-2207a art. 36 lid f]] | |||
|} | |||
{| class="mw-collapsible mw-collapsed wikitable" style="width:90em" | |||
|- | |||
! 2023 | |||
|- | |||
|''Openen ondersteunend zorgtraject (met subtraject ZT51)'' | |||
Een zorgtraject met subtraject ZT51 voor ondersteuning aan de hoofdbehandelaar kan worden geopend wanneer de ondersteuner zorg levert aan de patiënt en voor deze zorgvraag geen eigen zorgtraject open staat. Deze zorgactiviteiten worden gekoppeld aan het zorgtraject van de hoofdbehandelaar. | |||
2023: [[NR/REG-2306a#page16|NR/REG-2306a art. 13]] | |||
''Sluiten ondersteunend zorgtraject (met subtraject ZT51)''<br/>Een zorgtraject met subtraject ZT51 voor ondersteuning aan de hoofdbehandelaar wordt afgesloten wanneer het subtraject van de hoofdbehandelaar wordt afgesloten conform de afsluitregels in artikel 17, 18 en 19. Het afgesloten subtraject ZT51 wordt tegelijk met het subtraject van de hoofdbehandelaar naar een grouper gestuurd. | |||
2023: [[NR/REG-2306a#page17|NR/REG-2306a art. 14]] | |||
''Zorgtrajectnummer''<br/>Een uniek nummer waarmee het zorgtraject binnen de instelling wordt geïdentificeerd. Voor zorgtrajecten met ZT51 geldt dat ook het zorgtrajectnummer van het hieraan gekoppelde zorgtraject (ZT11 of ZT21) wordt vermeld op de declaratie. | |||
2023: [[NR/REG-2306a#page69|NR/REG-2306a art. 36 lid f]] | |||
|} | |||
{| class="mw-collapsible wikitable" style="width:90em" | |||
|- | |||
! 2024 | |||
|- | |||
|''Openen ondersteunend zorgtraject (met subtraject ZT51)'' | |||
Een zorgtraject met subtraject ZT51 voor ondersteuning aan de hoofdbehandelaar kan worden geopend wanneer de ondersteuner zorg levert aan de patiënt en voor deze zorgvraag geen eigen zorgtraject open staat. Deze zorgactiviteiten worden gekoppeld aan het zorgtraject van de hoofdbehandelaar. | |||
2024: [[NR/REG-2403a#page16|NR/REG-2403a art. 13]] | |||
''Sluiten ondersteunend zorgtraject (met subtraject ZT51)''<br/>Een zorgtraject met subtraject ZT51 voor ondersteuning aan de hoofdbehandelaar wordt afgesloten wanneer het subtraject van de hoofdbehandelaar wordt afgesloten conform de afsluitregels in artikel 17, 18 en 19. Het afgesloten subtraject ZT51 wordt tegelijk met het subtraject van de hoofdbehandelaar naar een grouper gestuurd. | |||
2024: [[NR/REG-2403a#page17|NR/REG-2403a art. 14]] | |||
''Zorgtrajectnummer''<br/>Een uniek nummer waarmee het zorgtraject binnen de instelling wordt geïdentificeerd. Voor zorgtrajecten met ZT51 geldt dat ook het zorgtrajectnummer van het hieraan gekoppelde zorgtraject (ZT11 of ZT21) wordt vermeld op de declaratie. | |||
2024: [[NR/REG-2403a#page68|NR/REG-2403a art. 36 lid f]] | |||
|} | |||
{| class="mw-collapsible wikitable" style="width:90em" | |||
|- | |||
! 2025 | |||
|- | |||
|''Openen ondersteunend zorgtraject (met subtraject ZT51)'' | |||
Een zorgtraject met subtraject ZT51 voor ondersteuning bij een lopende zorgvraag kan worden geopend wanneer de ondersteuner zorg levert aan de patiënt en voor deze zorg geen eigen zorgtraject open staat. Het ZT51 subtraject met ondersteunende zorgactiviteiten wordt gekoppeld aan het zorgtraject van die lopende zorgvraag. | |||
2025: [[Regeling medisch-specialistische zorg 2025#page18|Regeling medisch-specialistische zorg 2025 art. 13]] | |||
''Sluiten ondersteunend zorgtraject (met subtraject ZT51)''<br/>Een zorgtraject met subtraject ZT51 voor ondersteuning aan de hoofdbehandelaar wordt afgesloten wanneer het subtraject van de hoofdbehandelaar wordt afgesloten conform de afsluitregels in artikel 17, 18 en 19. Het afgesloten subtraject ZT51 wordt tegelijk met het subtraject van de hoofdbehandelaar naar een grouper gestuurd. | |||
2025: [[Regeling medisch-specialistische zorg 2025#page19|Regeling medisch-specialistische zorg 2025 art. 14]] | |||
''Zorgtrajectnummer''<br/>Een uniek nummer waarmee het zorgtraject binnen de instelling wordt geïdentificeerd. Voor zorgtrajecten met ZT51 geldt dat ook het zorgtrajectnummer van het hieraan gekoppelde zorgtraject (ZT11 of ZT21) wordt vermeld op de declaratie. | ''Zorgtrajectnummer''<br/>Een uniek nummer waarmee het zorgtraject binnen de instelling wordt geïdentificeerd. Voor zorgtrajecten met ZT51 geldt dat ook het zorgtrajectnummer van het hieraan gekoppelde zorgtraject (ZT11 of ZT21) wordt vermeld op de declaratie. | ||
2025: [[Regeling medisch-specialistische zorg 2025#page70|Regeling medisch-specialistische zorg 2025 art. 36 lid f]] | |||
|} | |} | ||
| Regel 35: | Regel 95: | ||
De volgende interpretatiekeuzes zijn gemaakt: | De volgende interpretatiekeuzes zijn gemaakt: | ||
# Ondersteunende subtrajecten zijn gedefinieerd als subtrajecten met zorgtype 97 (ook bekend als zorgtype Q) of subtrajecten van zorgtype 51 (ook bekend als zorgtype O) zonder gekoppelde zorgactiviteiten van zorgprofielklasse 18 of 19. Middels een ziekenhuisspecifieke parameter kan aangepast worden welke zorgtypes gesignaleerd moeten worden. | # Ondersteunende subtrajecten zijn gedefinieerd als subtrajecten met zorgtype 97 (ook bekend als zorgtype Q) of subtrajecten van zorgtype 51 (ook bekend als zorgtype O) zonder gekoppelde zorgactiviteiten van zorgprofielklasse 18 of 19. | ||
# ''Optionele parameter:'' Middels een ziekenhuisspecifieke parameter kan aangepast worden welke zorgtypes gesignaleerd moeten worden. Standaard worden de zorgtypes benoemd onder punt 1 gesignaleerd: 97 (Q) en 51 (O). (N4889_ZORGTYPES) | |||
# Q-DBCs worden direct gekoppeld aan een hoofddbc. Voor een Q-DBC betekent het ontbreken van een koppeling aan regulier subtraject dat de Q-DBC niet gekoppeld is aan een hoofdDBC. Overige ondersteunende DBCs worden gekoppeld aan een regulier subtraject via het verwijzend zorgtraject. Een ontbrekende koppeling voor deze ondersteunende DBCs betekent dat er geen verwijzend zorgtraject is of dat het verwijzend zorgtraject geen regulier subtraject bevat. | # Q-DBCs worden direct gekoppeld aan een hoofddbc. Voor een Q-DBC betekent het ontbreken van een koppeling aan regulier subtraject dat de Q-DBC niet gekoppeld is aan een hoofdDBC. Overige ondersteunende DBCs worden gekoppeld aan een regulier subtraject via het verwijzend zorgtraject. Een ontbrekende koppeling voor deze ondersteunende DBCs betekent dat er geen verwijzend zorgtraject is of dat het verwijzend zorgtraject geen regulier subtraject bevat. | ||
# Middels een ziekenhuisspecifieke parameter kunnen niet-declarabele subtrajecten per | # ''Optionele parameter:'' Middels een ziekenhuisspecifieke parameter kunnen niet-declarabele subtrajecten per zorgtype worden uitgesloten. Default worden niet declarabele ondersteunende subtrajecten getoond. (N4889_ZT_ND_UITSL) | ||
=====Programmeerbare norm===== | =====Programmeerbare norm===== | ||
| Regel 53: | Regel 113: | ||
|- | |- | ||
! scope="col" style="text-align: center; vertical-align: middle; background-color: rgb(173, 216, 230)" | | ! scope="col" style="text-align: center; vertical-align: middle; background-color: rgb(173, 216, 230)" | | ||
<span style="color: rgb(0, 0, 205)">2) Er is geen verwijzend of gekoppeld zorgtraject aanwezig (ZT11 of ZT21) | <span style="color: rgb(0, 0, 205)">2) Er is geen verwijzend of gekoppeld zorgtraject aanwezig (ZT11 of ZT21)</span> | ||
|} | |} | ||
Huidige versie van 9 jun 2025 15:18
Referentienummer: N4889
Behoort tot Normenkader ValueCare
Ziekenhuizen Volledigheid
Samenvatting
Deze norm signaleert acties wanneer een ondersteunend subtraject geen verwijzend subtraject bevat. Dit duidt erop dat het ondersteunend zorgtraject met alle bijbehorende zorgactiviteiten niet gefactureerd wordt.
Regelgeving / beleid
| 2022 |
|---|
| Openen ondersteunend zorgtraject (met subtraject ZT51)
Een zorgtraject met subtraject ZT51 voor ondersteuning aan de hoofdbehandelaar kan worden geopend wanneer de ondersteuner zorg levert aan de patiënt en voor deze zorgvraag geen eigen zorgtraject open staat. Deze zorgactiviteiten worden gekoppeld aan het zorgtraject van de hoofdbehandelaar. 2022: NR/REG-2207a art. 13
2022: NR/REG-2207a art. 14
|
| 2023 |
|---|
| Openen ondersteunend zorgtraject (met subtraject ZT51)
Een zorgtraject met subtraject ZT51 voor ondersteuning aan de hoofdbehandelaar kan worden geopend wanneer de ondersteuner zorg levert aan de patiënt en voor deze zorgvraag geen eigen zorgtraject open staat. Deze zorgactiviteiten worden gekoppeld aan het zorgtraject van de hoofdbehandelaar. 2023: NR/REG-2306a art. 13
2023: NR/REG-2306a art. 14
|
| 2024 |
|---|
| Openen ondersteunend zorgtraject (met subtraject ZT51)
Een zorgtraject met subtraject ZT51 voor ondersteuning aan de hoofdbehandelaar kan worden geopend wanneer de ondersteuner zorg levert aan de patiënt en voor deze zorgvraag geen eigen zorgtraject open staat. Deze zorgactiviteiten worden gekoppeld aan het zorgtraject van de hoofdbehandelaar. 2024: NR/REG-2403a art. 13 Sluiten ondersteunend zorgtraject (met subtraject ZT51) 2024: NR/REG-2403a art. 14 Zorgtrajectnummer |
| 2025 |
|---|
| Openen ondersteunend zorgtraject (met subtraject ZT51)
Een zorgtraject met subtraject ZT51 voor ondersteuning bij een lopende zorgvraag kan worden geopend wanneer de ondersteuner zorg levert aan de patiënt en voor deze zorg geen eigen zorgtraject open staat. Het ZT51 subtraject met ondersteunende zorgactiviteiten wordt gekoppeld aan het zorgtraject van die lopende zorgvraag. 2025: Regeling medisch-specialistische zorg 2025 art. 13
2025: Regeling medisch-specialistische zorg 2025 art. 14
2025: Regeling medisch-specialistische zorg 2025 art. 36 lid f |
Interpretaties
De volgende interpretatiekeuzes zijn gemaakt:
- Ondersteunende subtrajecten zijn gedefinieerd als subtrajecten met zorgtype 97 (ook bekend als zorgtype Q) of subtrajecten van zorgtype 51 (ook bekend als zorgtype O) zonder gekoppelde zorgactiviteiten van zorgprofielklasse 18 of 19.
- Optionele parameter: Middels een ziekenhuisspecifieke parameter kan aangepast worden welke zorgtypes gesignaleerd moeten worden. Standaard worden de zorgtypes benoemd onder punt 1 gesignaleerd: 97 (Q) en 51 (O). (N4889_ZORGTYPES)
- Q-DBCs worden direct gekoppeld aan een hoofddbc. Voor een Q-DBC betekent het ontbreken van een koppeling aan regulier subtraject dat de Q-DBC niet gekoppeld is aan een hoofdDBC. Overige ondersteunende DBCs worden gekoppeld aan een regulier subtraject via het verwijzend zorgtraject. Een ontbrekende koppeling voor deze ondersteunende DBCs betekent dat er geen verwijzend zorgtraject is of dat het verwijzend zorgtraject geen regulier subtraject bevat.
- Optionele parameter: Middels een ziekenhuisspecifieke parameter kunnen niet-declarabele subtrajecten per zorgtype worden uitgesloten. Default worden niet declarabele ondersteunende subtrajecten getoond. (N4889_ZT_ND_UITSL)
Programmeerbare norm
Er is sprake van “Ondersteunend subtraject zonder gekoppeld verwijzend subtraject (N4889)” als aan de volgende selectie is voldaan:
|
1) Alle declarabele ondersteunende subtrajecten (zorgtype 51 en zorgtype 97) met gekoppelde landelijke zorgactiviteiten |
|---|
|
2) Er is geen verwijzend of gekoppeld zorgtraject aanwezig (ZT11 of ZT21) |
Logica: 1 en 2
Te nemen actie
Controleer de registratie en koppel het ondersteunend traject om aan de juiste DBC of zet het ondersteunend subtraject om naar een hoofd DBC.
Berekening financiële impact
Er is een ZT11 of ZT21 subtraject aanwezig
Het waardeverschil van het ZT11 of ZT21 na het toevoegen van de zorgactiviteiten uit het ondersteunende subtraject wordt getoond als financiële impact. De bepaling van het reguliere subtraject gebeurt in drie stappen. De eerste die we vinden, gebruiken we voor de impactbepaling:
- Is er een overlappende reguliere DBC binnen het verwijzende zorgtraject
- Is er een overlappende reguliere DBC voor een van de aanvragers van de gekoppelde verrichtingen binnen het ondersteunende subtraject
- Is er een overlappende reguliere DBC
Er is geen ZT11 of ZT21 subtraject aanwezig
De waarde van het ondersteunende subtraject wordt berekend door een regulier traject met de meest aannemelijke diagnose en gekoppelde verrichtingen te simuleren. De meest aannemelijk diagnose wordt bepaald door te kijken welke diagnose het meest voorkomt bij een DBC met de gekoppelde zorgactiviteit(en) bij het betreffende specialisme.