Add-on geneesmiddelen en/of stollingsfactoren gedeclareerd met dummy indicatie-code 99999998 (N0318-HR2025): verschil tussen versies

Uit normenkaderzorg.nl
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Rtanis (overleg | bijdragen)
Rtanis (overleg | bijdragen)
 
(5 tussenliggende versies door dezelfde gebruiker niet weergegeven)
Regel 13: Regel 13:
Ziekenhuizen Handreiking
Ziekenhuizen Handreiking


#[[Ziekenhuizen Handreiking 2024]] - [[Ziekenhuizen Handreiking 2024#Het onterecht registreren en declareren van add-on geneesmiddelen en ozp-stollingsfactoren|Het onterecht registreren en declareren van add-ons voor dure en weesgeneesmiddelen en stollingsfactoren]]
#[[Ziekenhuizen Handreiking 2025]] - [[Ziekenhuizen Handreiking 2025#Het onterecht registreren en declareren van add-on geneesmiddelen en ozp-stollingsfactoren|Het onterecht registreren en declareren van add-ons voor dure en weesgeneesmiddelen en stollingsfactoren]]


===== Samenvatting =====
===== Samenvatting =====
Regel 27: Regel 27:
{| class="mw-collapsible wikitable" style="width:90em"
{| class="mw-collapsible wikitable" style="width:90em"
|-
|-
! 2024
! 2025
|-
|-
|''Add-ongeneesmiddelen en ozp-stollingsfactoren''
|''Add-ongeneesmiddelen en ozp-stollingsfactoren''
Regel 47: Regel 47:
4. Een geneesmiddel verliest van rechtswege de status van add-on of ozp-stollingsfactor vanaf de datum waarop het geneesmiddel niet meer in de G-standaard is opgenomen. Vanaf die datum vervalt eveneens van rechtswege de door de NZa afgegeven prestatie- en tariefbeschikking waarmee het geneesmiddel de status van add-on of ozp-stollingsfactor verkreeg.
4. Een geneesmiddel verliest van rechtswege de status van add-on of ozp-stollingsfactor vanaf de datum waarop het geneesmiddel niet meer in de G-standaard is opgenomen. Vanaf die datum vervalt eveneens van rechtswege de door de NZa afgegeven prestatie- en tariefbeschikking waarmee het geneesmiddel de status van add-on of ozp-stollingsfactor verkreeg.


2024: [[BR/REG-24102a#page17|BR/REG-24102a art. 10]]
2025: [https://puc.overheid.nl/nza/doc/PUC_781461_22/ Beleidsregel prestaties en tarieven medisch-specialistische zorg 2025]




Regel 66: Regel 66:
geneesmiddelen is niet toegestaan.
geneesmiddelen is niet toegestaan.


2024: [[NR/REG-2403a#page60|NR/REG-2403a art. 34a lid 9 en 10]]
2025: [[Regeling medisch-specialistische zorg 2025#page62|Regeling medisch-specialistische zorg 2025 art. 34a lid 9 en 10]]
 


Als een zorgverlener een geneesmiddel toepast dat niet als add-ongeneesmiddel of ozp-stollingsfactor is opgenomen in de G-standaard, dan declareert de zorgverlener het geneesmiddel als onderdeel van een dbc-zorgproduct.
Als een zorgverlener een geneesmiddel toepast dat niet als add-ongeneesmiddel of ozp-stollingsfactor is opgenomen in de G-standaard, dan declareert de zorgverlener het geneesmiddel als onderdeel van een dbc-zorgproduct.


2024: [[NR/REG-2403a#page83|NR/REG-2403a art. 34a lid 10]]
2025: [[Regeling medisch-specialistische zorg 2025#page86|Regeling medisch-specialistische zorg 2025 Toelichting art. 34a lid 10]]
|}
|}


{| class="mw-collapsible wikitable" style="width:90em"
{| class="mw-collapsible wikitable" style="width:90em"
|-
|-
! 2023
! 2024
|-
|-
|''Add-ongeneesmiddelen en ozp-stollingsfactoren''
|''Add-ongeneesmiddelen en ozp-stollingsfactoren''
Regel 96: Regel 95:
4. Een geneesmiddel verliest van rechtswege de status van add-on of ozp-stollingsfactor vanaf de datum waarop het geneesmiddel niet meer in de G-standaard is opgenomen. Vanaf die datum vervalt eveneens van rechtswege de door de NZa afgegeven prestatie- en tariefbeschikking waarmee het geneesmiddel de status van add-on of ozp-stollingsfactor verkreeg.
4. Een geneesmiddel verliest van rechtswege de status van add-on of ozp-stollingsfactor vanaf de datum waarop het geneesmiddel niet meer in de G-standaard is opgenomen. Vanaf die datum vervalt eveneens van rechtswege de door de NZa afgegeven prestatie- en tariefbeschikking waarmee het geneesmiddel de status van add-on of ozp-stollingsfactor verkreeg.


2023: [https://puc.overheid.nl/doc/PUC_707802_22/1/#5a96228a-2aa0-4a5c-9fd7-a95c3675e732 BR/REG-23113 art. 10]
2024: [[BR/REG-24102a#page17|BR/REG-24102a art. 10]]




''Declaratiebepalingen voor overige zorgproducten uit de categorie supplementaire producten''
''Declaratiebepalingen voor overige zorgproducten uit de categorie supplementaire producten''
<br/>. Alleen centra voor hemofiliebehandeling en aanverwante hemostaseziekten, die door de minister
<br/>Alleen centra voor hemofiliebehandeling en aanverwante hemostaseziekten, die door de minister
van Volksgezondheid, Welzijn en Sport op grond van artikel 8 van de Wet op de bijzondere medische
van Volksgezondheid, Welzijn en Sport op grond van artikel 8 van de Wet op de bijzondere medische
verrichtingen (Wbmv) als zodanig zijn aangewezen, mogen ozp-stollingsfactoren voor hemofilie en
verrichtingen (Wbmv) als zodanig zijn aangewezen, mogen ozp-stollingsfactoren voor hemofilie en
Regel 115: Regel 114:
geneesmiddelen is niet toegestaan.
geneesmiddelen is niet toegestaan.


2023: [[NR/REG-2306a#page61|NR/REG-2306a art. 34a lid 9 en 10]]
2024: [[NR/REG-2403a#page60|NR/REG-2403a art. 34a lid 9 en 10]]
 


Als een zorgverlener een geneesmiddel toepast dat niet als add-ongeneesmiddel of ozp-stollingsfactor is opgenomen in de G-standaard, dan declareert de zorgverlener het geneesmiddel als onderdeel van een dbc-zorgproduct.
Als een zorgverlener een geneesmiddel toepast dat niet als add-ongeneesmiddel of ozp-stollingsfactor is opgenomen in de G-standaard, dan declareert de zorgverlener het geneesmiddel als onderdeel van een dbc-zorgproduct.


2023: [[NR/REG-2306a#page84|NR/REG-2306a Toelichting art. 34a lid 10]]
2024: [[NR/REG-2403a#page83|NR/REG-2403a art. Toelichting 34a lid 10]]
|}
|}


Regel 152: Regel 150:
|-
|-
! style="text-align: center; vertical-align: middle; background-color: rgb(173, 216, 230)" scope="col" |
! style="text-align: center; vertical-align: middle; background-color: rgb(173, 216, 230)" scope="col" |
<span style="color:#0000CD;"><span style="color:#0000CD;"><span style="color:#0000CD;"><span style="line-height: 20.79px; font-size: small;">3) De middelen die in lijst [[index.php?title=Media:Bijlage 17 Opzet-bijlage-99999998-met-ZI-codes.xlsx|Bijlage 17]] van de handreiking met indicatiecode 99999998 gedeclareerd mogen worden in desbetreffende maand, zijn juist.&nbsp;</span></span></span></span>
<span style="color:#0000CD;"><span style="color:#0000CD;"><span style="color:#0000CD;"><span style="line-height: 20.79px; font-size: small;">3) De middelen die in lijst [[Index.php?title=Media:Bijlage 17 Opzet-bijlage-99999998-met-ZI-codes.xlsx|Bijlage 17]] van de handreiking met indicatiecode 99999998 gedeclareerd mogen worden in desbetreffende maand, zijn juist.&nbsp;</span></span></span></span>


|}
|}

Huidige versie van 11 apr 2025 10:58

Referentienummer: N0318-HR2025

Handreiking Rechtmatigheidscontroles 2023 MSZ - Controlepunt 8

Behoort tot Normenkader ValueCare

Ziekenhuizen Rechtmatigheid

  1. Ziekenhuizen Rechtmatigheid - Apotheek

Ziekenhuizen Handreiking

  1. Ziekenhuizen Handreiking 2025 - Het onterecht registreren en declareren van add-ons voor dure en weesgeneesmiddelen en stollingsfactoren
Samenvatting

Het is niet toegestaan add-on geneesmiddelen en/of stollingsfactoren te registeren en declareren, op het moment dat er niet wordt voldaan aan de indicatievereiste opgenomen in de G-standaard.

Voor on-label indicaties geldt de verplichting om de indicatie op de factuur te vermelden vanaf het moment dat de betreffende indicatie is opgenomen in de G-standaard. Indien een off-label indicatie nog niet is opgenomen in de G-standaard, dan dient dat gegeven te worden vermeld op de factuur.

99999998 Aan dit artikel zijn nog geen indicatieteksten gekoppeld of geregistreerde indicatie nog niet beschikbaar (aanspraak J)

Regelgeving / beleid
2025
Add-ongeneesmiddelen en ozp-stollingsfactoren

1. Add-ongeneesmiddelen en ozp-stollingsfactoren zijn geneesmiddelen (geregistreerde geneesmiddelen of apotheekbereidingen) die als overige zorgproducten in rekening worden gebracht. De prestatiebeschrijving van deze overige zorgproducten wordt gevormd door de artikelomschrijving van het geneesmiddel zoals opgenomen in de G-standaard.

2. Voor de vaststelling van een geneesmiddel als 'add-ongeneesmiddel' of 'ozp-stollingsfactor' hanteert de NZa de volgende limitatieve criteria:

Bij een geregistreerd geneesmiddel:

  • De kosten van het geregistreerde geneesmiddel, die betrekking hebben op een prestatie voor geneeskundige zorg zoals medisch specialisten die plegen, bedragen gemiddeld meer dan €1.000 per patiënt per jaar, en
  • Voor het geneesmiddel is een handelsvergunning afgegeven door de Nederlandse (CBG) of Europese (EMA) registratieautoriteit. De NZa dient te beschikken over de openbare publicatie van de SmPC tekst van het geneesmiddel, en
  • Het geneesmiddel is opgenomen in de G-standaard van Z-index.

Of

  • Het betreft een apotheekbereiding waarbij de apotheek op basis van grondstoffen een geneesmiddel bereidt; en
  • De kosten voor de apotheekbereiding die betrekking hebben op een prestatie voor geneeskundige zorg zoals medisch specialisten die plegen, gemiddeld meer dan €1.000 per patiënt per jaar bedragen of waarvan voor een geregistreerd equivalent een add-ongeneesmiddel of ozp-stollingsfactor geldig is. Onder 'kosten' wordt hier verstaan: de kosten die onderdeel zijn van de kostprijs zoals beschreven in artikel 15 lid 2 van deze beleidsregel, en
  • De apotheekbereiding is opgenomen in de G-standaard van Z-index.

3. Een geneesmiddel verliest van rechtswege de status van add-on of ozp-stollingsfactor vanaf de datum dat de handelsvergunning bedoeld in het tweede lid is ingetrokken. Vanaf die datum vervalt eveneens van rechtswege de door de NZa afgegeven prestatie- en tariefbeschikking waarmee het geneesmiddel de status van add-on of ozp-stollingsfactor verkreeg.

4. Een geneesmiddel verliest van rechtswege de status van add-on of ozp-stollingsfactor vanaf de datum waarop het geneesmiddel niet meer in de G-standaard is opgenomen. Vanaf die datum vervalt eveneens van rechtswege de door de NZa afgegeven prestatie- en tariefbeschikking waarmee het geneesmiddel de status van add-on of ozp-stollingsfactor verkreeg.

2025: Beleidsregel prestaties en tarieven medisch-specialistische zorg 2025


Declaratiebepalingen voor overige zorgproducten uit de categorie supplementaire producten
Alleen centra voor hemofiliebehandeling en aanverwante hemostaseziekten, die door de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport op grond van artikel 8 van de Wet op de bijzondere medische verrichtingen (Wbmv) als zodanig zijn aangewezen, mogen ozp-stollingsfactoren voor hemofilie en aanverwante hemostaseziekten in rekening brengen. Bij de declaratie van ozp-stollingsfactoren voor overige indicaties geldt deze beperking van aangewezen centra niet. In afwijking van de inwerkingtredingsdatum van deze regeling, treedt de inhoud van lid 9 van dit artikel met terugwerkende kracht in werking op 1 januari 2017.

Als een patiënt een geneesmiddel gebruikt waarvoor een add-on, respectievelijk een ozp-stollingsfactor is vastgesteld dan declareert de zorgverlener het geneesmiddel als add-on, respectievelijk ozp-stollingsfactor. In dat geval wordt een dergelijk geneesmiddel dus niet meer als onderdeel van een dbc-zorgproduct in rekening gebracht. Geneesmiddelen die worden ingezet in het kader van MKA-chirurgische verrichtingen (230000 t/m 239962) maken wel onderdeel uit van deze verrichtingen en worden niet door middel van een add-ongeneesmiddel, respectievelijk ozp-stollingsfactor gedeclareerd. Het ten laste van de medisch-specialistische zorg declareren van buiten de medisch-specialistische zorg bekostigde geneesmiddelen is niet toegestaan.

2025: Regeling medisch-specialistische zorg 2025 art. 34a lid 9 en 10

Als een zorgverlener een geneesmiddel toepast dat niet als add-ongeneesmiddel of ozp-stollingsfactor is opgenomen in de G-standaard, dan declareert de zorgverlener het geneesmiddel als onderdeel van een dbc-zorgproduct.

2025: Regeling medisch-specialistische zorg 2025 Toelichting art. 34a lid 10

2024
Add-ongeneesmiddelen en ozp-stollingsfactoren

1. Add-ongeneesmiddelen en ozp-stollingsfactoren zijn geneesmiddelen (geregistreerde geneesmiddelen of apotheekbereidingen) die als overige zorgproducten in rekening worden gebracht. De prestatiebeschrijving van deze overige zorgproducten wordt gevormd door de artikelomschrijving van het geneesmiddel zoals opgenomen in de G-standaard.

2. Voor de vaststelling van een geneesmiddel als 'add-ongeneesmiddel' of 'ozp-stollingsfactor' hanteert de NZa de volgende limitatieve criteria:

Bij een geregistreerd geneesmiddel:

  • De kosten van het geregistreerde geneesmiddel, die betrekking hebben op een prestatie voor geneeskundige zorg zoals medisch specialisten die plegen, bedragen gemiddeld meer dan €1.000 per patiënt per jaar, en
  • Voor het geneesmiddel is een handelsvergunning afgegeven door de Nederlandse (CBG) of Europese (EMA) registratieautoriteit. De NZa dient te beschikken over de openbare publicatie van de SmPC tekst van het geneesmiddel, en
  • Het geneesmiddel is opgenomen in de G-standaard van Z-index.

Of

  • Het betreft een apotheekbereiding waarbij de apotheek op basis van grondstoffen een geneesmiddel bereidt; en
  • De kosten voor de apotheekbereiding die betrekking hebben op een prestatie voor geneeskundige zorg zoals medisch specialisten die plegen, gemiddeld meer dan €1.000 per patiënt per jaar bedragen of waarvan voor een geregistreerd equivalent een add-ongeneesmiddel of ozp-stollingsfactor geldig is. Onder 'kosten' wordt hier verstaan: de kosten die onderdeel zijn van de kostprijs zoals beschreven in artikel 15 lid 2 van deze beleidsregel, en
  • De apotheekbereiding is opgenomen in de G-standaard van Z-index.

3. Een geneesmiddel verliest van rechtswege de status van add-on of ozp-stollingsfactor vanaf de datum dat de handelsvergunning bedoeld in het tweede lid is ingetrokken. Vanaf die datum vervalt eveneens van rechtswege de door de NZa afgegeven prestatie- en tariefbeschikking waarmee het geneesmiddel de status van add-on of ozp-stollingsfactor verkreeg.

4. Een geneesmiddel verliest van rechtswege de status van add-on of ozp-stollingsfactor vanaf de datum waarop het geneesmiddel niet meer in de G-standaard is opgenomen. Vanaf die datum vervalt eveneens van rechtswege de door de NZa afgegeven prestatie- en tariefbeschikking waarmee het geneesmiddel de status van add-on of ozp-stollingsfactor verkreeg.

2024: BR/REG-24102a art. 10


Declaratiebepalingen voor overige zorgproducten uit de categorie supplementaire producten
Alleen centra voor hemofiliebehandeling en aanverwante hemostaseziekten, die door de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport op grond van artikel 8 van de Wet op de bijzondere medische verrichtingen (Wbmv) als zodanig zijn aangewezen, mogen ozp-stollingsfactoren voor hemofilie en aanverwante hemostaseziekten in rekening brengen. Bij de declaratie van ozp-stollingsfactoren voor overige indicaties geldt deze beperking van aangewezen centra niet. In afwijking van de inwerkingtredingsdatum van deze regeling, treedt de inhoud van lid 9 van dit artikel met terugwerkende kracht in werking op 1 januari 2017.

Als een patiënt een geneesmiddel gebruikt waarvoor een add-on, respectievelijk een ozp-stollingsfactor is vastgesteld dan declareert de zorgverlener het geneesmiddel als add-on, respectievelijk ozp-stollingsfactor. In dat geval wordt een dergelijk geneesmiddel dus niet meer als onderdeel van een dbc-zorgproduct in rekening gebracht. Geneesmiddelen die worden ingezet in het kader van MKA-chirurgische verrichtingen (230000 t/m 239962) maken wel onderdeel uit van deze verrichtingen en worden niet door middel van een add-ongeneesmiddel, respectievelijk ozp-stollingsfactor gedeclareerd. Het ten laste van de medisch-specialistische zorg declareren van buiten de medisch-specialistische zorg bekostigde geneesmiddelen is niet toegestaan.

2024: NR/REG-2403a art. 34a lid 9 en 10

Als een zorgverlener een geneesmiddel toepast dat niet als add-ongeneesmiddel of ozp-stollingsfactor is opgenomen in de G-standaard, dan declareert de zorgverlener het geneesmiddel als onderdeel van een dbc-zorgproduct.

2024: NR/REG-2403a art. Toelichting 34a lid 10

Wijzigingen ten opzichte van voorgaand jaar

Er zijn geen wijzigingen aan deze norm ten opzichte van vorig Handreiking jaar.

Interpretaties

De volgende interpretatiekeuzes zijn gemaakt:

  1. De middelen die in lijst 'Bijlage 17 van de handreiking' met indicatiecode 99999998 gedeclareerd mogen worden in desbetreffende maand, worden goedgekeurd en niet meegenomen in deelmassa 2.
Programmeerbare norm

Er is sprake van “Add-on geneesmiddelen en/of stollingsfactoren gedeclareerd met dummy indicatie-code 99999998 (N0318-HR2025)” als aan de volgende selectie is voldaan:

1) Alle add-on geneesmiddelen en stollingsfactoren met indicatie 99999998


2) Add-on geneesmiddelen en stollingsfactoren uitgevoerd en gedeclareerd in Handreiking jaar


3) De middelen die in lijst Bijlage 17 van de handreiking met indicatiecode 99999998 gedeclareerd mogen worden in desbetreffende maand, zijn juist. 


4) Van de overgebleven deelmassa is later in de tijd (maximaal een maand: 30 of 31 dagen) voor dezelfde patiënt met hetzelfde geneesmiddel géén indicatie met aanspraak ‘JA’  gebruikt 

Logica: 1 en 2 en 3 en 4

Berekening financiële impact

De add-on wordt verwijderd, zie Berekening financiële impact - Waarde add-on.