Cardiologie - Openen subtraject (zorgtype 11) op basis van Plaatsen, vervangen of verwijderen van pacemaker of ICD in follow-up DBC (N4125)

Uit normenkaderzorg.nl
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

ValueCareLogo2.png

Referentienummer: N4125
Behoort tot Normenkader ValueCare

Ziekenhuizen Volledigheid

  1. Ziekenhuizen Volledigheid - Diagnosebepaling - Openen behandeling
Samenvatting

Deze norm signaleert acties wanneer een zorgactiviteit voor het plaatsen, vervangen of verwijderen van een pacemaker of ICD wordt gesignaleerd en deze is gekoppeld aan een follow-up subtraject. Dit duidt er op dat de zorgactiviteit omgehangen dient te worden naar een regulier subtraject, nieuw subtraject geregistreerd mag worden of het follow-up subtraject omgezet moet worden naar een regulier traject.

Regelgeving / beleid
2020
Er wordt geen parallel zorgtraject geopend:
  • Wanneer de combinatie van beide diagnosen voorkomt in de diagnose-combinatietabel (bijlage 7).
  • Wanneer verschillende zorgvragen met dezelfde diagnosetypering voorkomen binnen de looptijd van een bestaand zorgtraject.
  • Binnen het specialisme cardiologie, behalve bij icc, hartrevalidatie en begeleiding bij hart- en hartlongtransplantatie.
  • Binnen het specialisme klinische geriatrie, behalve bij icc of klinische medebehandeling.
  • Bij neonatologie binnen het specialisme kindergeneeskunde.
  • Binnen het specialisme geriatrische revalidatiezorg.
  • Bij de diagnosen voor ‘ouderengeneeskunde' (090 t/m 095) binnen het specialisme inwendige geneeskunde, behalve bij icc of medebehandeling.
  • Binnen het specialisme gynaecologie voor eenzelfde fase tijdens één zwangerschap (fasen: zwangerschap, bevalling en kraambed), met uitzondering van de fase voor kraambed indien zich een postnatale depressie voordoet na postnatale complicaties.

2020: NR/REG-2001a art. 5 lid 4c

Cardiologie (1.0320.3)
Voor het specialisme cardiologie worden subtrajecten met ZT11 en ZT21 als volgt afgesloten:
a. Bij een klinische opname of dagverpleging (geen hartrevalidatie) wordt het subtraject afgesloten:

  • op datum van klinisch ontslag of dagverpleging (ZPK2) behalve bij vervolg subtrajecten (ZT21) op de dagverpleging in het kader van diagnostiek of elektrocardioversie;
  • wanneer zich bij de patiënt een andere/nieuwe zorgvraag voordoet waarvoor een nieuw zorgtraject wordt geopend (vanwege niet toegestane parallelliteit).

b. Bij een poliklinisch subtraject (geen hartrevalidatie) wordt het subtraject afgesloten:

  • Subtraject met ZT11: op de 90e dag na de opening van het subtraject; tenzij zich bij de patiënt een andere/nieuwe zorgvraag voordoet waarvoor een nieuw zorgtraject wordt geopend (vanwege niet toegestane parallelliteit)
  • Subtraject met ZT21: op de 120e dag na de opening van het subtraject; tenzij zich bij de patiënt een andere/nieuwe zorgvraag voordoet waarvoor een nieuw zorgtraject wordt geopend (vanwege niet toegestane parallelliteit). In dat geval wordt het subtraject één dag voor opening van het nieuwe zorgtraject afgesloten.

d. Op de dag voorafgaand aan het implanteren van (een deel van) een transveneuze lead of een intracardiale pacemaker na een complexe transveneuze leadextractie of complexe transveneuze verwijdering van een intracardiale pacemaker.

2020: NR/REG-2001a art. 19 lid 7a, b en d

3.5 Vanwege de onduidelijkheid bij de diagnosestelling voor het vervangen van een pacemaker of een ICD is besloten dat de diagnose 803 “follow-up na pacemaker” of 804 “follow-up na ICD implantatie” hiervoor niet gebruikt kunnen worden. Bij de indicatiestelling voor vervanging van een pacemaker of een ICD dient men een nieuwe reguliere DBC te openen en de openstaande follow-up DBC af te sluiten. Als het een end of life indicatie betreft dient men de diagnose voor de eerste implantatie opnieuw te coderen (bv. impuls of geleidingsstoornissen). 

2020: DBC-Onderhoud Instructie Cardiologie v20110701

2021
Er wordt geen parallel zorgtraject geopend:
  • Wanneer de combinatie van beide diagnosen voorkomt in de diagnose-combinatietabel (bijlage 6).
  • Wanneer verschillende zorgvragen met dezelfde diagnosetypering voorkomen binnen de looptijd van een bestaand zorgtraject.
  • Binnen het specialisme cardiologie, behalve bij icc, hartrevalidatie en begeleiding bij hart- en hartlongtransplantatie.
  • Binnen het specialisme klinische geriatrie, behalve bij icc of klinische medebehandeling.
  • Bij neonatologie binnen het specialisme kindergeneeskunde.
  • Binnen het specialisme geriatrische revalidatiezorg.
  • Bij de diagnosen voor ‘ouderengeneeskunde' (090 t/m 095) binnen het specialisme inwendige geneeskunde, behalve bij icc of medebehandeling.
  • Binnen het specialisme gynaecologie voor eenzelfde fase tijdens één zwangerschap (fasen: zwangerschap, bevalling en kraambed), met uitzondering van de fase voor kraambed indien zich een postnatale depressie voordoet na postnatale complicaties.

2020: NR/REG-2103a art. 5 lid 4c

Cardiologie (1.0320.3)
Voor het specialisme cardiologie worden subtrajecten met ZT11 en ZT21 als volgt afgesloten:
a. Bij een klinische opname of dagverpleging (geen hartrevalidatie) wordt het subtraject afgesloten:

  • op datum van klinisch ontslag of dagverpleging (ZPK2) behalve bij vervolg subtrajecten (ZT21) op de dagverpleging in het kader van diagnostiek of elektrocardioversie;
  • wanneer zich bij de patiënt een andere/nieuwe zorgvraag voordoet waarvoor een nieuw zorgtraject wordt geopend (vanwege niet toegestane parallelliteit).

b. Bij een poliklinisch subtraject (geen hartrevalidatie) wordt het subtraject afgesloten:

  • Subtraject met ZT11: op de 90e dag na de opening van het subtraject; tenzij zich bij de patiënt een andere/nieuwe zorgvraag voordoet waarvoor een nieuw zorgtraject wordt geopend (vanwege niet toegestane parallelliteit). In dat geval wordt het subtraject één dag voor opening van het nieuwe zorgtraject afgesloten.
  • Subtraject met ZT21: op de 120e dag na de opening van het subtraject; tenzij zich bij de patiënt een andere/nieuwe zorgvraag voordoet waarvoor een nieuw zorgtraject wordt geopend (vanwege niet toegestane parallelliteit). In dat geval wordt het subtraject één dag voor opening van het nieuwe zorgtraject afgesloten.

d. Op de dag voorafgaand aan het implanteren van (een deel van) een transveneuze lead of een intracardiale pacemaker na een complexe transveneuze leadextractie of complexe transveneuze verwijdering van een intracardiale pacemaker.

2021: NR/REG-2103a art. 19 lid 7a, b en d

3.5 Vanwege de onduidelijkheid bij de diagnosestelling voor het vervangen van een pacemaker of een ICD is besloten dat de diagnose 803 “follow-up na pacemaker” of 804 “follow-up na ICD implantatie” hiervoor niet gebruikt kunnen worden. Bij de indicatiestelling voor vervanging van een pacemaker of een ICD dient men een nieuwe reguliere DBC te openen en de openstaande follow-up DBC af te sluiten. Als het een end of life indicatie betreft dient men de diagnose voor de eerste implantatie opnieuw te coderen (bv. impuls of geleidingsstoornissen). 

2021: DBC-Onderhoud Instructie Cardiologie v20110701

Interpretaties
  1. Follow-up subtrajecten worden herkend aan diagnosen welke vallen onder de follow-up diagnosen bij Cardiologie volgens de typeringslijst van de NZa:
    • 801: Follow-up na acuut coronair syndroom
    • 802: Follow-up na PTCA en/of CABG en/of ablatie
    • 803: Follow-up na PM implantatie
    • 804: Follow-up na ICD-implantatie of bij drager van uitwendige cardioversie-defibrillator (LifeVest)
    • 806: Follow-up na operatie hartklepafwijking
    • 807: Follow-up na operatie congenitale hart(vaat)afwijking
    • 808: Follow-up na vaatoperatie (arterieel / veneus)
    • 810: Follow-up na overige hartoperatie
    • 821: Hartrevalidatie
    • 822: Peri-operatieve zorg
Programmeerbare norm

Er is sprake van “Cardiologie - Openen subtraject (zorgtype 11) op basis van Plaatsen, vervangen of verwijderen van pacemaker of ICD in follow-up DBC (N4125)” als aan de volgende selectie is voldaan:

1) Alle subtraject met follow-up diagnosen voor het specialisme Cardiologie  

Blauwepijl.png

2) Het subtraject bevat een zorgactiviteit 'plaatsen, vervangen of verwijderen van pacemaker of ICD' (033266, 033267, 033268, 033269, 033272, 033279, 033280, 033282, 033283, 033284, 190331 en 190332) van het specialisme Cardiologie.


Logica: 1 en 2

Te nemen actie

Er is geen regulier subtraject aanwezig

Open een regulier traject zonder follow-up diagnose en koppel de zorgactiviteit 'plaatsen, vervangen of verwijderen van pacemaker of ICD'.

Er is een regulier subtraject aanwezig

Zorgactiviteit 'plaatsen, vervangen of verwijderen van pacemaker of ICD' wordt omgehangen aan een regulier zorgtraject geopend te worden zonder follow-up diagnose.

Berekening financiële impact

Het waardeverschil tussen de follow-up DBC en een nieuwe DBC met zorgactiviteit 'plaatsen, vervangen of verwijderen van pacemaker of ICD' wordt getoond als financiële impact. Om de waarde van de nieuwe DBC te berekenen wordt het openen van een subtraject van het uitvoerende specialisme van de gesignaleerde zorgactiviteit met de meest aannemelijke diagnose gesimuleerd. De meest aannemelijk diagnose wordt bepaald door te kijken welke diagnose het meest voorkomt bij een DBC met de gesignaleerde zorgactiviteit of zorgactiviteiten bij het betreffende specialisme.

ValueCareLogo2.png